Maria onbevlekte ontvangenis

Vandaag, 8 december, vieren we het hoogfeest van de onbevlekte ontvangenis van Maria. De onbevlekte ontvangenis van Maria en de maagdelijke geboorte van Jezus worden vaak gezien als zijnde hetzelfde, maar niets is minder waar. Maria werd zonder erfzonde geboren om Haar voor te bereiden op de komst van Jezus. Zij moest als Moeder van de Heer, als drager van de Messias zonder zonde zijn en dat kan natuurlijk alleen als God besluit dat dat zo is, want door de zondeval van Adam en Eva in het Paradijs worden wij allen als zondaars geboren. Gelukkig is het wel zo dat we geschapen zijn met het goede in ons zodat met de juiste begeleiding en wilskracht ieder mens kan uitgroeien tot een heilige. Maar dat is even een zijstraatje. Geprezen zij de God en Vader van onzen Heer Jesus Christus, die ons in Christus gezegend heeft met allerlei geestelijke zegening uit de hemelen. In Hem toch heeft Hij ons vóór de grondvesting der wereld uitverkoren, om heilig en vlekkeloos te zijn in zijn oog. Ef. 1, 3-4

Maria lactans

We vieren Maria Onbevlekte Ontvangenis precies negen maanden voor Maria Geboorte, wat natuurlijk geen toeval is. Zij werd rein ontvangen door haar moeder Anna en haar vader Joachim en een zwangerschap duurt bij een mens nu eenmaal negen maanden; dat was in vroeger dagen ook al zo. (Overigens zijn de namen van haar ouders uit overlevering; evenmin als de namen van de wijzen uit het oosten zijn ze nergens opgetekend. Je mag geloven dat dat hun namen zijn, maar het hoeft niet.) In Haar is bij voorbaat de vloek weggenomen die sinds de eerste zonde op de mensheid rustte; omwille van Jezus haar Zoon die de overwinnaar van dood en zonde is, was Zij geen enkel ogenblik in de macht van het kwaad. Als je in diepe verleiding komt of op andere wijze de duivel in je leven aanwezig voelt, hoef je alleen maar de NAAM Maria te noemen en hij vlucht weg. Het is algemeen bekend dat satan bang is voor Maria. Wat ook niet zo vreemd is als je bedenkt dat in de Handelingen der apostelen heel duidelijk staat dat Maria uiteindelijk de duivel zal verslaan.

‘Toen verscheen er een groot teken aan de hemel: een Vrouw, bekleed met de zon, de maan aan haar voeten, en op haar hoofd een kroon van twaalf sterren. Ze was zwanger, en kreet in haar weeën en in haar barensnood. Nog een ander teken verscheen aan de hemel. Zie:een grote rossige Draak met zeven koppen en tien horens, en op zijn koppen zeven kronen. Zijn staart sleepte het derde deel van de sterren des hemels weg, en wierp ze op aarde. En de Draak stelde zich op tegenover de Vrouw, die op het punt stond te baren, om zodra zij gebaard had, haar Kind te verslinden. Ze baarde een Kind van het mannelijk geslacht, dat alle volkeren zal weiden met ijzeren staf. En haar Kind werd weggevoerd naar God en zijn troon. Maar de Vrouw nam de vlucht naar de woestijn, waar ze een plaats heeft, door God haar bereid, om daar te worden gevoed duizend tweehonderd zestig dagen. Toen barstte een strijd in de hemel los: Mikaël met zijn engelen streed tegen den Draak; ook vochten de Draak en zijn engelen. Maar de laatsten legden het af, en er was geen plaats meer voor hen in de hemel. De grote Draak werd neergesmakt, de oude slang, die Duivel en Satan heet en de ganse aarde verleidt; neergesmakt op de aarde, neergesmakt zijn engelen met hem. ‘ Apokalyps 12:1-9

God heeft ons Maria geschonken als moeder. Onder het Kruis heeft Jezus Haar ons als Moeder aangewezen. Zij wil voor ons allen Moeder zijn. Maria is evenals Jezus ten hemel opgenomen. Aan die geschiedenis ligt ook weer een heel interessante parallel ten grondslag, maar dat is iets voor een andere keer. Dat er in de hemel een warm, levend moederhart voor ons klopt is een prachtig mysterie waar we ons aan kunnen laven. Op Haar voorspraak mag je alles bij Haar Zoon neerleggen. Het is precies zoals dat mooie Marialied zegt, God heeft van Maria een levende tempel gemaakt waar wij ons aan kunnen en mogen spiegelen.

God wil een tempel bouwen om ons nabij te zijn. En boven alle vrouwen zal zij gezegend zijn die Hij zich heeft verkoren: Maria is haar naam, een roos die zonder doornen in bloei zal komen staan. De bloem gaat zich ontvouwen. Het zonlicht wekt haar zacht. Verwacht in stil vertrouwen het wijken van de nacht: zo heeft zij willen wachten, die hoop in zich gevoed; zo schijnt na vele nachten ons levenslicht, voorgoed. tekst van H. Jongerius, te vinden in Gezangen voor Liturgie no.447, couplet 1 en 2

Spreken is zilver …

Toen Jezus vandaar verder ging, volgden Hem twee blinden, die riepen: Heb medelijden met ons, Zoon van David. En toen Hij thuis was gekomen, kwamen de blinden naar Hem toe, en Jezus sprak tot hen: Gelooft gij, dat Ik het doen kan? Ze zeiden: Ja, Heer. Nu raakte Hij hun ogen aan, en sprak: U geschiede naar uw geloof. En hun ogen werden geopend. Jezus gebood hun ten strengste: Let er op, dat niemand het te weten komt. Maar zodra ze waren heengegaan, maakten ze Hem bekend in heel die streek. Mat.9, 27-31

Ik begrijp dat wel. Als ik iets meemaak, wil ik dat ook graag delen. Misschien is niet iedereen zo, maar ik wel en ik begrijp dus de blinden die hun mond niet konden houden en overal gingen verkondigen dat Jezus hen genezen had. Ze waren zó blij, zó dankbaar, zó vol van de gebeurtenis en zó vol van (de mens) Jezus dat ze het van de daken schreeuwden en het aan iedereen vertelde die het maar wilde horen. En waarschijnlijk ook aan mensen die minder geïnteresseerd waren 😉 Zo kan ik het ook maar niet laten aan iedereen te vertellen dat we in de Adventstijd zitten. De nacht loopt ten einde, de dag komt naderbij! Er komt een einde aan het lange wachten. Er komt een einde aan alle ellende. Er is verlossing. Er is hoop!

Vanaf vandaag vieren we de komst van de Heer Jezus Christus, met heel ons hart, en wij doen slechts onze plicht, want Hij is gekomen, niet alleen bij ons, maar ook voor ons. Hij, de Heer, heeft niets van ons bezit nodig; de grootheid van zijn genade, die Hij ons heeft gegeven, toont goed hoe arm we zijn. Men oordeelde over de ernst van een ziekte door wat het kost om het te genezen. (…)

schreef Bernardus van Clairvaux (1091-1153) lang geleden, maar zijn woorden lijken nu actueler dan ooit. Zieke mensen, oude mensen, gehandicapte mensen worden in onze wereld met de nek aangekeken. Ze kosten geld en leveren geen actieve bijdrage aan de maatschappij. Maar wanneer is onze wereld zo koud geworden dat er geen ruimte meer is voor liefde? Voor mooie, onvoorwaardelijke, warme, echte liefde? Liefde die niet afhankelijk is van wat jij voor mij kunt zijn, doen of betekenen maar liefde om de liefde zelf. Liefde die doet groeien. Liefde die vrij maakt.

Bernardus van Clairvaux op bezoek bij Maria lactans (dwz dat ze Jezus aan de borst heeft)

Vanochtend lag ik in de hangmat naar de grijze hemel te staren. Een eenzame duif kwam even poolshoogte nemen, maar Henk had de bak met duivenvoer nog niet bijgevuld. Niet zo veel later zaten er tien duiven en een stel mussen rondom mijn hangmat. Henk had de voederbak gevuld en de eenzame duif had heel hard geroepen: roekoe roekoe!!! Daarop kwamen de andere duiven aangesneld. De mussen volgden al snel. Ik lag dat zo eens aan te kijken en zag al snel dat er een zekere hiërarchie bestaat in de groep duiven (die we onze duiven noemen omdat ze elke dag bij ons komen eten) Elke duif heeft zo zijn eigen lievelingsplekje om te gaan zitten kijken en wachten tot ze aan de beurt zijn. Ze hebben ook allemaal zo hun favoriete aanvliegroute. En er is één duif, als die aankomt vliegen, stuift de rest weg en dan zit die ene duif midden in de voederbak zijn buikje vol te eten. Het is heerlijk als de nacht droog is zodat de tarp opgerold kan blijven en ik ’s morgens kan genieten van de vogels. Vanochtend werd ik totaal vervuld van liefde van en voor de vogels. De dag is nog net zo grijs als vanochtend, maar in mijn hart schijnt de zon. Ik weet niet precies hoe het is gekomen, maar de zware onweerswolken die al maanden en maanden mijn zijn verduisteren, zijn opeens opgelost en in ruil daarvoor is een blauwe lucht gekomen met hier en daar wat goud van de zon en wat rood van de zonsopgang. Ik heb een zekere stilte in mijn hart gevonden die er voor zorgt dat ik het opeens veel makkelijker vind om nergens iets van te vinden. En dat is heel goed voor de ziel!

Het doet me denken aan een gebed (hymne 37) van Simeon (ca. 949-1022) Een Griekse monnik die de Nieuwe Theoloog genoemd wordt, wat nu natuurlijk heel grappig is. En wat ik hieronder zal plaatsen. Ik wil alleen nog even schrijven dat inderdaad een pasgeborene geen weet heeft van God en dat elke mens die geen weet heeft van God stuurloos en doelloos is. Het is derhalve belangrijk dat wij mensen zonder kennis of verlangen naar God zouden moeten behandelen als een pasgeborene of als een zieke. Jezus is gekomen om de zieken te genezen en dat wil (ook) zeggen dat Hij is gekomen om alle mensen nader tot God te brengen. Als wij werkelijk Christus willen navolgen (en dat wil ik) dan is het zaak dat we alle mensen, ongeacht geloof, gezondheid of huidskleur, ongeacht alles, zouden moeten behandelen als onze naaste. Met liefde. Met respect. Met aandacht. Met liefde. (Had ik al gezegd met liefde? 😉 ❤ )

Meester, o Christus, Meester die de zielen redt,
God, Meester van alle zichtbare en onzichtbare machten,
omdat U Schepper bent van alles wat in de hemel is, van alles wat onder de aarde is
en van alles wat op aarde is. (…)
U houdt alles in uw hand,
want het is uw hand, o Meester,
die grote macht heeft en die de wil van de Vader volbrengt,
die maakt, realiseert, schept
en onze levens leidt op een onuitspreekbare wijze.
Zij heeft ook mij geschapen en uit het niets heeft zij me tot zijn laten komen.
En ik werd in deze wereld geboren
en ik kende U totaal niet, U goede Meester,
mijn Schepper, die mij gevormd heeft,
ik was als een blinde in de wereld
en zonder God, want ik ontkende God.
Toen hebt U persoonlijk medelijden met mij gehad,
U hebt me aangekeken, U hebt me bekeerd,
U liet uw licht branden in mijn duisternis,
en U hebt me tot U getrokken, o Schepper.
En na me uit de diepste greppel te hebben getrokken (…)
van de verlangens en de pleziertjes van dit leven,
heeft U me de weg gewezen, U bent mijn gids geweest
om me naar uw geboden te leiden.
Ik volgde Hem, ik volgde Hem, zonder zorgen. (…)
Maar ook, als ik U zag, U, de goede Meester
met mijn gids en mijn Vader,
dan ervoer ik een liefde, een ondeelbaar verlangen.
Ik was voorbij mijn geloof, voorbij de hoop
en ik zei: “Ik zie de toekomstige goederen (cf He 10,1),
Daar is het Koninkrijk der hemelen.
Ik zie onder mijn ogen de goederen
die “geen oog heeft gezien en geen oor heeft gehoord” (Jes 64,3; 1Kor 2,9).
hymne 37, Simeon de Nieuwe Theoloog

O eeuwige Vader sterk in macht, wiens arm betoomt der baren macht, die wijst de grondeloze oceaan de hem gestelde perken aan, o wil verhoren onze bee voor hen, die zijn in nood op zee! Oh God die ons behoeden wilt, bescherm de broeders, wees hun schild in storm en strijd ga met ze mee en red ze van ’t geweld der zee, dat land en water wijd en zijd lofzingen Uw barmhartigheid. (Oorspronkelijk: Eternal Father, strong to save van William Whiting (1825-1878) Couplet 1 en 4. Liedboek voor de Kerken 1973 no. 467)

egel

Sinds de sloop van ons buurhuis, dankzij de weken dat we geen schutting of andere goede afscheiding hadden, hebben we een egeltje in de tuin. Toen de bouwers de schutting kwamen plaatsen, hebben we een speciaal verzoek gedaan naast de poort een klein stukje vrij te houden (d.w.z. dat naast de poort de schutting niet helemaal tot de grond loopt) zodat het egeltje vrij naar onze binnenplaats kon komen en ook weer terug. Natuurlijk altijd de vraag of zo een diertje dat dan ook doet, maar het lijkt erop dat hij/zij onze binnenplaats als thuis beschouwt. 🙂

De eerste keer dat we hem zagen, heb ik hem wat hondenbrokjes gegeven. Ik wist dat kattenvoer wordt aanbevolen, omdat dat veelal van hogere kwaliteit is dan hondenvoer, maar ja ik heb wel een hond (en dus hondenvoer) en geen kat. Hij had er een paar opgegeten en een paar laten liggen. De volgende dag had ik hem wat van het andere voer van Reinier gegeven Reinier krijgt twee keer per dag een bakje voer, de ene keer menu en de andere keer gewone brokken. Reinier vindt de droge brokken het lekkerst. De egel was het met hem eens.

Mijn Moeder heeft wel een poes, Koena, dus ik nam wat van dat kattenvoer mee naar huis en jawel hoor, dat ging in één keer op!

Egel is nog maar heel klein en hoogstwaarschijnlijk afgelopen voorjaar geboren. Ik weet dat onze buren een moeder-egel met vijf jonkies in de tuin had en één van hen is de straat overgestoken om bij ons te komen wonen … denk ik. Van Nish leerde ik dat een egel de eerste winter van zijn leven vaak niet in winterslaap gaat omdat hij te weinig vet heeft.

Dus ik heb nu een afdakje gemaakt zodat Egel droog kan eten als het regent. Daaronder staat een klein bakje waar ik elke avond wanneer ik ga slapen een paar kattenbrokjes in doe. Daarna hang ik de hangmat op en doe mijn slaapzak erin en als het nodig is, rol ik de tarp uit. Als ik dan eindelijk lig te lezen, hoor ik Egel rondscharrelen en de brokjes verorberen.

Gisteravond was ik wat later dan normaal. Ik begin mijn normale routine en als ik me buk om brokjes in het egelbakje te doen, sta ik oog in oog met Egel. Hij kijkt aan alsof te vragen: waar bleef je zolang? En blijft rustig zitten terwijl ik de brokjes in het bakje doe en de hangmat ophang. Ik loop nog wat te heen-en-weeren met slaapzak en zo en ondertussen hoor ik Egel tevreden aan zijn brokjes knagen. ❤

Door uw standvastigheid zult gij uw ziel behouden. Lucas 21, 19

Wil je graag in een leven komen waar je altijd behoed bent tegen fouten? Wie zou dat niet willen? Wij willen allen het leven en de waarheid. Maar hoe kom je daar? Welke weg moet je dan volgen? Wij zijn zeker nog niet aan het einde van de reis, maar we zien het al, wij verlangen naar het leven en de waarheid. Christus is zowel het een als het andere. Hoe kom je daar? “Ik ben de Weg”, zei Hij. Waar kom je uit? “Ik ben de Waarheid en het Leven.” (Joh 14,6)
      Dat is waar de martelaren van hielden; dat is waarom ze de liefde voor de huidige dingen en vergankelijkheid achter zich hebben gelaten. Verbaas je niet over hun moed; in hen heeft de liefde het lijden overwonnen. Laten we hun spoor volgen, de ogen gericht op Hem die zowel hun Gids als de onze is; als wij wensen om tot zo’n groot geluk te komen, laten we dan niet bang zijn om over moeilijke wegen te gaan. Degene die het ons heeft beloofd is waarheidsgetrouw; Hij is trouw, Hij kan ons niet bedriegen. Waarom zou je bang zijn voor de harde wegen van lijden en van beproevingen? De Verlosser is deze weg zelf gegaan.
Je zult antwoorden: “Maar Hij is de Verlosser!” Weet dat de apostelen deze weg ook gevolgd hebben. Je zult zeggen: “Dat waren apostelen!” Ik weet het. Vergeet niet dat een groot aantal mensen zoals jij over deze weg gegaan zijn in navolging van hen; vrouwen hebben die weg gevolgd; kinderen, zelfs jonge meisjes zijn over die weg gegaan. Waarom zou die weg die door zoveel passanten al platgelopen is, nog zwaar zijn?
Augustinus van Hippo (354-430, uit preek no. 306)

Er wordt ons gevraagd te zijn zoals Christus. Er wordt ons gevraagd van onze naasten te houden zoals van onszelf. Waarom zou Egel niet mijn naaste zijn? En als hij niet mijn naaste is, is hij toch op zijn minst een medeschepsel, gezien en geliefd bij God. Er wordt ons gevraagd te doen zoals Christus en er te zijn voor een ieder die nood heeft. Egel is nog maar klein en onervaren. Hij heeft hulp nodig de winter door te komen. God geeft hem die hulp in de vorm van mijn persoon. Het is voor mij niet meer dan normaal om anderen te eten te geven. Of dit nu mensen, vogels, honden of egels zijn. Ik word daarvoor beloond: het is eind november en ik eet nog steeds dagelijks verse sla uit eigen tuin. Wie goed doet, goed ontmoet.

Daar alleen kan liefde wonen. Daar alleen is ’t leven goed. Waar men stil en ongedwongen, alles voor elkander doet.

Door uw standvastigheid zult gij uw ziel behouden

Toen sommigen van de tempel zeiden, dat hij versierd was met prachtige stenen en geschenken, sprak Hij: Er zullen dagen komen, dat van al wat ge daar ziet, geen steen op de andere zal blijven, maar alles zal worden verwoest. Ze vroegen Hem: Meester, wanneer zal dat gebeuren, en wat zal het teken zijn, dat het op handen is? Hij sprak: Past op, dat gij u niet laat misleiden! Want velen zullen met mijn Naam optreden, en zeggen: Ik ben het; en de tijd is nabij. Gaat hen niet achterna. En wanneer gij hoort van oorlogen en omwentelingen, schrikt er niet van; want eerst moet dit alles gebeuren, en ook dan nog komt het einde niet dadelijk. Toen zeide Hij hun: Volk zal opstaan tegen volk, en rijk tegen rijk; en er zullen geweldige aardbevingen zijn, en pest en hongersnood op verschillende plaatsen; verschrikkingen zullen er komen, en grote tekenen aan de hemel. Maar eer dit alles geschiedt, zal men de hand aan u slaan en u vervolgen; u in synagogen en kerkers brengen, u slepen voor koningen en landvoogden terwille van mijn Naam. Dat zal u overkomen, omdat gij getuigenis afleggen moet. Neemt dan bij uzelf het besluit, er niet bezorgd voor te zijn, hoe gij u verdedigen zult. Want Ik zal u een taal en wijsheid geven, die geen uwer tegenstanders zal kunnen weerstaan of weerspreken. Gij zult overgeleverd worden door ouders en broers, door bloedverwanten en vrienden; sommigen van u zal men doden. En gij zult gehaat zijn bij allen terwille van mijn Naam; maar geen haar op uw hoofd zal verloren gaan. Door uw standvastigheid zult gij uw ziel behouden. Lucas 21, 5-19

Het heeft er alle schijn van dat we in deze tijd zitten. Er heerst grote verdeeldheid onder de mensen. Er zijn overal revoluties en onderdrukkingen. Er staan overal mensen op tegen de gevestigde orde. En er zijn overal mensen die opstaan tégen de mensen die opstaan. De enige hoop die nog schijnt, is de terugkeer van onze Heer op aarde. Hij die zit aan de rechterhand van de Vader, vandaar zal Hij komen oordelen de levenden en de doden. Zo bidden we in de geloofsbelijdenis.

Catharina van Siena (1347-1380, kerkleraar en patrones van Europa) schreef over deze lezing:

            God de Vader, bewogen door het vuur van zijn liefde, zond het Woord, zijn enige Zoon, die kwam als een wagen van vuur, de vlammen verspreidend van de onuitsprekelijke liefde en eeuwige barmhartigheid van de Vader, om ons de leer van de Waarheid te onderwijzen, en om ons de weg van de liefde tonend, die wij moeten volgen. Hij zei: “Ik ben de Weg, de Waarheid en het Leven; wie door Mij gaat, gaat niet door de duisternis, maar komt tot het Licht” (vgl. Joh. 14,6; 8,12). En zo is het, want wie deze weg in waarheid volgt, ontvangt het leven van de genade en wandelt in het licht van het heilige geloof; en met dit licht komt hij tot het eeuwig zien van God.
            Er zijn velen die willen weggaan en die Hem niet volgen; zij willen wandelen zonder gids, niet achter Hem, om een nieuwe weg in te slaan, en ze willen God dienen en deugd verwerven zonder vermoeidheid; maar zij vergissen zich, want Hij is de Weg. Dezen zijn niet sterk en volhardend. Zij verzwakken en op het ogenblik van de strijd werpen zij hun wapens neer, de wapens van het nederig en onophoudelijk gebed, van de vurige liefde, het zwaard van de wil waarmee men zich verdedigt en dat twee kanten heeft, de haat tegen de ondeugd en de liefde voor de deugd. Zij verkrijgen geen heerlijkheid, maar schande en verwarring, omdat zij de leer van het Woord niet volgen, maar daarvan afwijken, omdat zij een andere weg willen gaan dan de Zijne.
            Daarom moeten wij Hem trouw zijn en Hem in waarheid liefhebben, niet uit vrees voor de straf van hen die niet liefhebben, noch voor het nut en het genot die de ziel in de liefde vindt, maar alleen omdat het soevereine Goede het waard is om bemind te worden. Zo heeft Hij ons de Weg onderwezen en ons de leer van nederigheid, gehoorzaamheid, geduld, kracht en volharding gegeven.
het hoofd van Catharina zoals tentoongesteld in de kerk Santa Maria sopra Minerva in Rome.

Hij is de weg, de waarheid en het leven. Hem moeten we navolgen, Zijn voorbeeld moeten we leven, in Zijn voetstap moeten we stappen.

Ik heb een orgelleerling (9 jaar oud) die thuishoort in de gereformeerde gemeente. In die kerk zingen ze alleen psalmen en alleen op hele noten; niet-ritmische psalmen. Het is best ingewikkeld om hem te leren wat ritme is, maar dat even terzijde. Ik vroeg deze leerling of hij wel een kerstlied wilde instuderen. Om misverstand te voorkomen liet ik hem zelf een lied meebrengen. Hij kwam met een kerstlied op een melodie die ik kende met een andere tekst. Het is in de muziek en in de kerkmuziek zéker heel gebruikelijk om bekende en geliefde melodieën te voorzien van een andere tekst. In de volksmond wordt dat wel een TanteBetje of een ABCtje genoemd; de officiële term is contrafact. Thuisgekomen zocht ik meteen het betreffende lied op in mijn liedboek en nu gebruik ik het alweer een aantal dagen als openingslied voor mijn morgengebed. Ik vind het een zeer troostende tekst van Johann Andreas Böhringer (1834-1911). Helaas is het de enige tekst van zijn hand in het liedboek (no. 470) en er is verder ook niet zoveel over (of van) hem te vinden, maar deze tekst wil ik u toch niet onthouden.

Wat vlied’ of bezwijk, getrouw is mijn God, Hij blijft aan mijn zij in t wisselend lot. Moog ’t hart soms ook beven in ’t heetst van de strijd, Zijn liefd’ en ontferming getroosten altijd. Verleid door het kwaad dat mij steeds belaagt, gevallen in schuld, door wroeging geplaagd, vertrouw ik slechts Hem die mij leidt door Zijn Geest, mijn zonden vergeeft en mijn smarten geneest. Als God mij vertroost, is ’t kruis niet te zwaar, dan ken ik geen vrees in ’t bangste gevaar, dan win ik al strijdend vertrouwen en kracht en zing ik mijn psalmen in duistere nacht. Ik roem in Mijn God, ik juich in Zijn trouw, de rots mijner ziel waar ‘k eeuwig op bouw. Ik zal Hem nog prijzen in ‘;t uur van mijn dood, dan nog rijst mijn loflied: Zijn goedheid is groot!

Catharina van Siena

En dan is er die lezing uit Romeinen die vaak aangehaald wordt in het brevier die mij veel vertroosting en leidraad geeft:

Bovendien, gij weet, dat het tijd is, en dat het uur is geslagen, om op te staan uit de slaap; want thans is het heil ons meer nabij, dan toen we het geloof hebben omhelsd. De nacht is ver gevorderd, de dag breekt aan. Laat ons dus afleggen de werken der duisternis, en ons omgorden met de wapenen van het licht. Laat ons dus onberispelijk leven, zoals we dit doen op klaarlichte dag; niet in brasserij en dronkenschap, niet in ontucht en losbandigheid, niet in twist en ijverzucht. Maar omkleedt u met den Heer Jesus Christus, en vertroetelt het vlees niet tot begeerlijkheid. Rom. 13, 11-14

En dan zijn er altijd nog de psalmen. Psalmen zijn altijd goed, brengen altijd verlichting en troost. Vandaag psalm 13: Voor muziekbegeleiding. Een psalm van David. Hoe lang nog, Jahweh, zult Gij me blijven vergeten, Hoe lang nog voor mij uw aanschijn verbergen? Hoe lang draag ik wee in mijn ziel, altijd kommer in mijn hart; Hoe lang zal de vijand nog over mij juichen! Zie op mij neer; verhoor mij, Jahweh, mijn God! Straal glans in mijn ogen, opdat ik niet wegslaap in de dood, En mijn vijand niet zegt: “Ik heb hem er onder”, Mijn tegenstanders niet juichen over mijn wankelen. Ik blijf op uw goedheid vertrouwen, Mijn hart zal jubelen over uw hulp; Ik zal zingen ter ere van Jahweh, Omdat Hij goed voor mij is!

Dan nog klinkt mijn loflied: Uw goedheid is groot!

De tempel

Waarachtig, er zullen dagen over u komen, dat uw vijanden een wal om u werpen, u omsingelen, en u van alle kanten benauwen; dat ze u zullen verdelgen, u en uw kinderen, die in u wonen; en dat ze bij u geen steen op de andere zullen laten, omdat ge uw tijd van ontferming niet hebt erkend. Toen trad Hij de tempel binnen, en begon er de kooplieden uit te drijven. Hij zei hun: Er staat geschreven: “Mijn huis is een huis van gebed; maar gij hebt er een rovershol van gemaakt”. Nu leerde Hij dagelijks in de tempel. Maar de opperpriesters, schriftgeleerden en de hoofden van het volk zochten Hem te doden. Ze vonden echter geen middel, om hun plan ten uitvoer te brengen; want al het volk hing Hem aan, en luisterde naar Hem. Lucas 19, 43-48

De tempel is niet een gebouw of een kerk zoals wij voor ons zien als we aan een tempel of een kerk denken. Het is natuurlijk prachtig als we stil en devoot worden van/in een prachtige kathedraal of sentimenteel van/in de kerk waar we gedoopt, gevormd en/of getrouwd zijn. Een gebouw is maar een gebouw. Een stapeltje stenen. God is overal en niet afhankelijk van welk gebouw dan ook maar, behalve misschien van het gebouw dat je eigen lichaam is. Want dat is waar Jezus het over heeft: het lichaam, ons lichaam, mijn lichaam als woonplaats van de Geest, als plaats waar God wil verblijven, de tempel waar we God mogen ontmoeten. Satan probeert ons af te keren van deze heilige plaats door ziekte, verslaving, betekenisloze seks en meer van dat soort destructieve zaken aan de mens te geven. Het is zaak dat ik die geldwisselaars, die slechteriken, die duivel uit mijn leven ban en mijn lichaam schoon en rein maak en houd voor de Aanwezigheid van God. Dat is wat Jezus ons probeert te vertellen met deze lezing. Denk ik.

“The true church is not made of creeds and forms, nor is it contained in walls of wood and stone; the heart of man is its temple and the Spirit of truth is the one guide into all Truth. When men learn to turn within to the Spirit of truth, who is in each one for his light and inspiration, the differences between the churches of man will be eliminated, and the one church will be recognized.” ~ Charles Fillmore

Charles Fillmore (1854-1948)

Oftewel: een kerk bestaat niet uit stenen. Een kerk is waar God is en bij voorkeur is dat in je hart, in je lijf, in je ziel! Als we ophouden met ons blind te staren op het gebouw, op de buitenkant en ons keren naar binnen en God zoeken daar waar Hij zich het beste voelt, namelijk in ons, dan en dan pas kunnen we daadwerkelijk weten wie Hij is en in verlenging daarvan weten wie we zelf zijn.

Augustinus van Hippo, een van onze kerkvaders, zegt over deze lezing: Waren zij die er een “rovershol” van wilden maken, oorzaak van de val van de tempel? Zij, die de Kerk leiden tot wanorde, of zij die, voor zover het in hun macht is, van het huis van God een rovershol willen maken, kunnen de tempel niet omverwerpen. Er zal een tijd komen dat ze met de zweep van hun zonden naar buiten gejaagd worden. De bijeenkomst van gelovigen, de tempel van God en het Lichaam van Christus, heeft slechts één stem en zingt als één mens. Als wij het willen is die stem de onze; als wij het willen; dan zingen wij, door hen te horen zingen, ook in ons eigen hart.

Augustinus van Hippo

Als wij het willen, zingen we Gods lof met onze eigen stem! Als wij ervoor kiezen, woont God in ons eigen hart. Als wij ervoor open staan, geeft God ons gemeenschap. Niet alleen met Hem, maar ook met onze naasten.

Men bidt in de tempel van God, wanneer men bidt in de vrede van de Kerk en in eenheid met het Lichaam van Christus, omdat het Lichaam van Christus gevormd wordt door de vele gelovigen verspreid over de gehele wereld. (…) Om verhoord te worden, moet je “in geest en waarheid” (Joh 4,23) bidden in deze tempel, en niet in de materiële tempel van Jeruzalem. Deze was “de schaduw van wat nog komen moest” (Kol 2,17), daarom is die tempel verwoest. (…) Deze gevallen tempel kon niet het huis van gebed zijn, waarvan Hij gezegd heeft: “Mijn huis zal huis van gebed genoemd worden voor alle naties” (Mc 11,17; Jes 56,7). Augustinus

Bid dus. Altijd en overal. Laat uw hart vol zijn van liefde voor God, voor de wereld, voor uw naaste, voor uzelf. Maak uw lichaam tot een heilige woonplaats voor de Geest. Elke stapje in die richting is goed. Het kan nooit in één keer lukken. We zijn mensen, met alle zwakheden en verleidingen die daarbij horen. En dan heb ik het nog niet eens over de valkuil die het EGO vormt! Elke dag proberen een stukje dichterbij heiligheid, een stapje dichter bij God te komen. Elke dag proberen beter te luisteren naar wat Jezus ons te zeggen heeft. Dat is de belangrijkste opdracht.

lees: the house in the cerulean sea van TJ Klune!

Dat gezegd hebbende wil ik nog even vertellen dat er eindelijk een plaat ligt op onze nieuwe pilaar. En daarop staat een beeld van een engel. Grappig verhaal: ik wilde die engel bovenop die plaat zetten, maar ik kon er met het keukentrapje niet bij. Dus haalde ik de langere ladder van boven, maar helaas lukte het nog steeds niet. Ik was niet lang genoeg en het beeld te zwaar. Een beetje chagrijnig besloot ik dan maar te wachten tot Henk tijd zou hebben me te helpen en eerst verder te gaan met schoonmaken. Toen ik de deurmat stond uit te kloppen, kwam mijn lievelingsleerling langs. We maken een praatje en ik uit mijn frustratie over mijn mislukte poging de engel te plaatsen, waarop hij het beeld pakt en zonder verdere plichtplegingen op de pilaar zet! 😀 Toch handig als je zo lang bent ❤

Na het planten van bomen en rozen en het plaatsen van het beeld, was de hangmat aan de beurt. Henk heeft een paal geplaatst en hier en daar wat gaten geboord en nu heb ik een prachtige plaats om te slapen. Onze binnenplaats verdient nu echt de naam binnenplaats. (Hoewel er nog een stapeltje basaltkeien ligt die nog naar mijn zus moeten. Maar het waren er teveel om in één keer te vervoeren, dus het stapeltje wordt steeds een stukje kleiner.) Het enige wat nu nog moet gebeuren is het plakken van het dak met bitumineuze dakbedekking…..ik hoop dat het nog gebeurd vóór de winter echt inzet…

mijn nieuwe slaapplek
zo hangt de hangmat zolang het niet regent
en als het regent doe ik de tarp dicht
daar zit ze dan: onze beschermengel boven op de pilaar

blind geloof

Niet ver van de stad Jericho zat een blinde man langs de weg te bedelen. Toen hij zoveel mensen hoorde voorbijgaan, vroeg hij wat er aan de hand was. ‘Jezus van Nazareth komt eraan,’ zei men. De man begon onmiddellijk te roepen: ‘Jezus! Zoon van David! Heb medelijden met mij!’ De mensen die voor Jezus uit liepen, zeiden tegen hem dat hij zijn mond moest houden. Maar hij trok zich er niets van aan en begon nog harder te schreeuwen: ‘Zoon van David! Heb medelijden met mij!’ Jezus bleef staan. ‘Breng die blinde man eens bij Mij,’ zei Hij. Hij vroeg hem: ‘Wat wilt u van Mij?’ ‘Here,’ zei de man. ‘Ik wil zo graag weer zien.’ En Jezus zei: ‘Goed. Nu kunt u weer zien. Door uw geloof bent u genezen.’ De man kon op dat moment weer zien. Hij ging met Jezus mee en prees God. De mensen die het hadden gezien, begonnen ook God te prijzen. Luc. 18, 35-43

Door uw geloof bent u genezen. Of: Uw geloof heeft u gered. Ik houd pas echt van God als mijn liefde voor Hem niet afhankelijk is van Zijn liefde voor mij. Mijn liefde voor, mijn geloof in moet onafhankelijk en onvoorwaardelijk zijn. Ik word gered als mijn geloof groot genoeg is, volwassen geworden en op zichzelf staat. Paus Gregorius de Grote zegt over deze lezing het volgende:

Merk op dat de Heer aan de blinde die dichterbij komt, vraagt: “Wat wil je dat Ik voor je doe?” Negeerde Hij hiermee de macht die Hij had om het zicht terug te geven, zoals de blinde wilde? Natuurlijk niet! Maar Hij wil dat wij de dingen vragen, hoewel Hij van te voren weet wat wij zullen vragen en dat Hij het ons zal schenken. Hij verhoort ons gebed op het moment dat het lastig wordt, toch bevestigt Hij: “Uw Vader in de hemel weet wat u nodig hebt voordat u het vraagt” (Mt 6,8). Als Hij het vraagt, dan is dat opdat we het Hem vragen; als Hij het vraagt dan is het om ons hart in gebed te laten oefenen.

Gregorius de Grote (540-604)

Gregorius was inderdaad de paus die zijn naam heeft gegeven aan het gregoriaans. Echter was hij geen musicus of componist, al zal hij ongetwijfeld gregoriaans hebben gezongen op enig moment in zijn leven (al heette het toen nog niet zo 😉 ) Zijn grootste talent was organisator en tijdens zijn pontificaat is er dan ook heel wat vastgelegd aan regels en gewoontes in de kerk. Ook heeft hij ervoor gezorgd dat er een soort standaard gregoriaans kwam door er mensen op uit te sturen overal in de wereld de kerkgezangen vast te leggen. De bedoeling was natuurlijk eenheid te creëren, wat maar ten dele is gelukt, het heeft er vooral voor gezorgd dat er een schat aan informatie over de (kerk)muziek in zijn tijd op dezelfde plaats werd verzameld. Lees meer over een van de vier kerkvaders van de rooms-katholieke kerk hier: https://www.heiligen.net/heiligen/09/03/09-03-0604-gregorius.php

Zelfs al is mijn geloof groot en volwassen genoeg dan blijft nog altijd de vraag wat de juiste vraag is. Ik kan wel vinden dat er dingen in mijn leven anders zouden kunnen en daaraan werken op elke manier die mij gegeven is, maar als God iets anders wil … dan ziet mijn leven er zo uit:

Het is derhalve van belang te onderzoeken welke de juiste vraag is. Bidden met een open hart in plaats van een vraag op de lippen. Misschien dat er dan ruimte in hart en ziel ontstaat die God kan invullen met antwoorden en wegen te bewandelen. De blinde had het makkelijk(er): het enige wat hij verlangde was zicht. Wat als het voor mij ook zo eenvoudig is en ik er gewoon overheen kijk?

Wat de blinde aan de Heer vraagt is geen goud, maar het licht. Hij maakt zich er geen zorgen over om iets anders te vragen dan het licht. (…) Laten wij ook doen zoals deze man, dierbare vrienden. Laten we aan de Heer niet om de valse rijkdommen vragen, noch om aardse cadeaus, noch om voorbijgaande eer, maar om het licht: niet het licht afgebakend door een ruimte, beperkt door de tijd, onderbroken door de nacht, en waarmee we het zicht delen met de dieren, maar wij vragen dat licht dat alleen de engelen zien samen met ons, dat nergens begint en niet begrensd is door een einde. Welnu, de weg om bij dat licht te komen is het geloof. Het is dus met reden dat de Heer meteen antwoord geeft aan de blinde door het geven van het licht: “Zie! Uw geloof heeft u gered“. (Gregorius)

Dan kan alleen het geloof nog uitweg bieden. Maak leeg dus mijn hart van elk verlangen en open het voor de heilige Geest!

boeken en planten

Afgelopen juli las ik The house in the cerulean sea van TJ Klune. Al die tijd heb ik zitten wachten op het aangekondigde tweede deel Under the whispering door. Als ik zeg heb zitten wachten bedoel ik natuurlijk niet dat ik ondertussen niks anders heb gelezen. Sterker nog: nu ik gisteren eindelijk deel twee kon kopen, was het inmiddels minstens 24 boeken geleden dat ik deel één gelezen had. (Ik schrijf minstens omdat ik 24 boeken las op mijn e-reader en ik heb ook nog een paar papieren boeken gelezen in de tussen liggende tijd. 😉 ) Ik heb niet lang hoeven nadenken om te besluiten deel één opnieuw te lezen alvorens mij in deel twee te storten. Het is wellicht overdreven, want ik weet heus nog wel waar het over ging maar ik houd van orde en regelmaat. En blijkbaar houd ik heel erg van orde en regelmaat want iedere keer dat mijn zorgvuldig opgebouwde regelmaat wordt verstoord, schiet ik paniekstand. Dat is niet zo leuk voor mijn directe omgeving. En ook niet voor mij (want heel vermoeiend en ook beschamend en het werkt niet echt positief voor mijn persoonlijke ontwikkeling) Anyways…in dit jaar las ik al 72 boeken. Variërend van ingewikkelde theologische en filosofische verhandelingen tot een onbekommerde keukenmeidenroman. Ik ben een enigma. En dat wil ik graag zo houden. *edit* Under the whispering door is geen vervolg op The house in the cerulean sea. Ik heb er geen spijt van dat ik het eerste heb gekocht en evenmin dat ik de tweede twee keer heb gelezen 🙂

De gemeente laat ons nog steeds in de rommel zitten en laat niks van zich horen. Ze hadden zoveel haast het pand naast ons te slopen; nu het al een week of zes plat ligt en er nog steeds HE-LE-MAAL niets is gebeurd, vraag ik me toch stellig af waarom ze zo een haast hadden? Eigenlijk viel het met die haast ook wel weer mee. Eerst wilden ze slopen in week 1, toen werd het week 10 en uiteindelijk is het pas in week 40 tegen de grond gegaan. Ons dak is nog niet geplakt. De pilaar is nog niet afgedekt. De grond naast ons huis waar een fietsenstalling moet komen ligt nog steeds braak. We horen niks. We leven in onzekerheid….maar ondanks mijn slechte dispositie heb ik evengoed de overtuiging dat je nimmer het heden mag opofferen voor een toekomst die misschien nooit komt en dus hebben we gewoon een nieuw hek geplaatst om onze voortuin en hebben we bomen geplant (1 els, 9 esdoorns, 2 hulstbomen) en struiken (winterjasmijn en 9 klimrozen in diverse kleuren en flox) en gister heb ik bollen geplant (100 gemengde tulpen en 22 blauwe hyacinten) Henk heeft een betonnen paal geplaatst waar straks mijn hangmat (en de tarp) aan komen te hangen.

betonnen paal stellen
en cement storten
els verplaatst, hulst geplant
jonge esdoorns en klimrozen langs de nieuwe schutting (achtertuin), bolletjes in de grond 😉
flox en rozen naast de schutting, bolletjes in de grond (voortuin)
voortuin
en tussen ons huis en de schutting een al wat oudere esdoorn geplaatst die al boven de schutting uitpiept

P.S. Houd je ook zo van lezen en wil je graag zien welke boeken ik allemaal gelezen heb en nog wil lezen? Ga dan naar Goodreads en https://www.goodreads.com/?ref=nav_home en zoek me op. En omdat ik me af en toe toch een beetje alleenig voelde, heb ik nu ook een profiel op Vriendenplek; social media zonder censuur. Ook daar van harte welkom: https://vriendenplek.nl/Juniper

7 maal 7

Op een dag zei Jezus tegen zijn leerlingen: ‘Verleidingen zullen er altijd zijn. Dat is onvermijdelijk. Maar degene die de verleidingen veroorzaakt, zal het slecht vergaan. Hij zou beter af zijn als hij met een zware molensteen om zijn nek in de zee werd gegooid, dan wanneer hij een van deze eenvoudige mensen tot zonde bracht. Ik waarschuw jullie. Als je broer zondigt, wijs hem dan terecht. Als hij spijt heeft, moet je hem vergeven. Zelfs als hij zeven keer per dag tegen je zondigt. Als hij je telkens komt zeggen dat het hem spijt, moet je hem telkens opnieuw vergeven.’ De apostelen zeiden tegen de Here: ‘Geef ons een groter geloof.’ ‘Als jullie geloof zoveel kracht had als een mosterdzaadje,’ antwoordde Jezus, ‘zouden jullie tegen die boom zeggen dat die zich moet ontwortelen en zich in de zee moet planten. Hij zou direct gehoorzamen. Lucas 17, 1-6

Een mosterdzaadje is weliswaar klein, maar er groeit geen grote boom uit. Eerder een plant van ongeveer een meter hoog die lijkt op Fluitekruid met een schermachtige, gele bloem. Ach, zegt Henk altijd als deze lezing voorbij komt: Jezus was dan ook geen tuinder! (Henk wel 😉 ) Maar dat is natuurlijk ook niet de boodschap van Jezus. Hij probeert ons te vertellen dat het goede altijd het kwade zal overwinnen, al lijkt het soms alsof van niet. Hij probeert ons te leren dat vergeven altijd beter is en meer oplevert voor iedereen dan wraak. Wraak mag dan zoet heten te zijn, uiteindelijk smaakt het alleen maar bitter voor iedereen.

U die hard bent en niet in staat bent tot zachtmoedigheid, leer van de goedheid van onze Schepper en wees voor onze dienstknechten geen bittere rechters en scheidsrechters, terwijl u wacht totdat Hem die de sluiers van het hart weg zal nemen, zal komen, en de almachtige Meester ieder zijn plaats in het leven aan de overzijde zal toewijzen. Geef geen strenge oordelen om niet zelf geoordeeld te worden en doorstoken met de woorden uit uw eigen mond als door scherpe tanden. Want tegen dit soort misdaad lijkt het ons goed waakzaam te zijn samen met het Evangelie: “Oordeel niet, opdat u niet geoordeeld wordt” (Lc 6,37). Door dit te zeggen doet Hij niet de geest der onderscheiding en de wijsheid in de ban; wat Hij oordeel noemt, is een te strenge veroordeling. Verlicht dus zoveel mogelijk het gewicht van uw maat, als u wilt dat jouw daden niet te zwaar wegen op de schaal, wanneer uw leven wordt gewogen zoals op een weegschaal, bij het oordeel van God … Weiger geen  barmhartigheid opdat u niet van vergiffenis wordt uitgesloten wanneer u het nodig hebt. Asterius van Amasea (gestorven rond 410) Lees meer over deze heilige hier: https://heiligen.net/heiligen/10/30/10-30-0400-asterius-amasea.php

Asterius van Amasea

Ik las het boek Mysteries of John van Charles Fillmore. Het boek is niet nieuw (eerste uitgave 1948), maar bijzonder verhelderend en zeer goed te lezen. Vaak zijn theologische boeken hoogdravend of vol ingewikkelde taal, maar dat is hier echt niet het geval. Zelf heb ik het in het Engels gelezen omdat ik dat nu eenmaal graag doe, en ik vind nergens een Nederlandse versie. Wellicht dat het ergens nog tweedehands te verkrijgen is. De boeken van zijn hand (in het Engels) zijn wel allemaal als e-book verschenen. Het is een echte aanrader! Ik heb toch al veel boeken en verhandelingen over het evangelie, de persoon Jezus en ook over Zijn Boodschap gelezen maar dit steekt er echt met kop en schouders boven uit. Nu heb ik in mijn kennissenkring nogal wat theologen rondlopen. Ik heb ze allemaal gevraagd of ze dit boek hadden gelezen, maar geen van hen had zelfs maar van deze schrijver gehoord!

Fillmore analyseert het leven van Jezus en Zijn parabels zeer spiritueel. Hij vergelijkt/noemt Jezus het IK en zijn discipelen vertegenwoordigen gevoelens en aan de hand daarvan vertaald hij de lessen naar begrijpelijke, alledaagse taal. Hij doet dit per hoofdstuk; eerst een hoofdstuk uit de Bijbel en daar uitleg over en dan het volgende hoofdstuk. Het blijkt dat ook in de volgorde van de lessen die Jezus geeft (zoals opgetekend in Johannes) een bepaalde logica zit. In het laatste hoofdstuk, waarin verhaald wordt van de Opstanding legt Fillmore uit dat Jezus na Zijn Opstanding niet aangeraakt wil worden omdat Hij al opgestegen was in heerlijkheid en de aanraking zou Hem kunnen verwonden omdat Maria natuurlijk droevig was. De Geest, de Ziel (the Spirit) kent geen rouw. Kent geen lichamelijkheid of afwijzing of verdriet. Always keep to your highest thoughts and deny every suggestion of sorrow or loss. The children of darkness wear sackcloth and sit in ashes, but the children of the light rejoice, look up (äscend in every thought to the Father of life and light), and are set free thereby from the burden ofgrief and from belief in death and seperation. *einde citaat*

Nadat ik dit vanmorgen las, heb ik de hele tijd dit zinnetje in mijn hoofd: al wie in de Heer geloofd, gaat met opgeheven hoofd.

Ik denk altijd dat ik vergevingsgezind ben. Ik heb echter vaak weinig begrip of geduld voor mezelf. En het is even belangrijk voor jezelf goed en eerlijk te zijn. Sterker nog: het is van belang dat je eerst en vooral jezelf vergeeft en van jezelf houdt, zodat je dat een ander ook kan geven. Mijn opdracht (van mezelf aan mezelf) is dus de komende weken eerlijk en oprecht naar mezelf te kijken en te zien wat *ik* nodig heb. En zien of ik daaraan kan voldoen. Afgelopen week heb ik in ieder geval acht esdoorns, een els, zeven klimrozen, een winterjasmijn en twee hulstbomen geplant. Veel constructiever dan bomen planten kun je toch niet worden! 😀

Titus

Onze oude buurman Frans -zaliger nagedachtenis- kwam uit Friesland. Uit hetzelfde dorpje als Titus Brandsma. Hij vertelde graag en vaak over deze jongen die toen nog gewoon Anno Sjoerd heette. Hij vertelde over hoe ze elke dag probeerde naar de vroegmis te gaan, omdat ze anders urenlang zware lichamelijke arbeid zouden moeten verrichten op een lege maag. Het was namelijk gebruikelijk (verplicht?) om nuchter de mis bij te wonen. Frans was zelf ook een opmerkelijk mens. Hij had een zwakke gezondheid en heeft menigmaal door het raampje gekeken, zoals hij zelf zei. Hij leefde in de vaste overtuiging dat ieder mens gemaakt is voor de hemel. Op zijn eigen eenvoudige manier was hij een heilige; dat had hij minstens gemeen met Titus. Titus Brandsma was een zeer bijzonder mens, een mysticus, een ziener, een heilige. Hij verzette zich tegen onrecht en onrechtvaardigheid en behield zijn waardigheid en christelijke waarden vast zelfs in de slechtste omstandigheden. Hij verloor zijn geloof en zijn standvastigheid niet toen hij door de nazi’s gevangen werd gezet en naar Dachau werd vervoerd. Hij bad openlijk voor de beulen die hem sloegen en mishandelden. Hij bad om vergeving voor de arts die hem zijn fatale spuitje kwam geven. Lees meer over deze gedenkwaardige mens hier: https://nl.wikipedia.org/wiki/Titus_Brandsma

Titus was een Karmeliet. Toen ik in 2011 als kerkmusicus de Titus Brandsmaparochie in Amstelveen binnenstapte, wist ik niets meer over hem dan wat buurman Frans mij verteld had. Maar vijf jaar bij de Karmelieten hebben mij doen inzien hoe belangrijk Titus was in de geschiedenis van de kerk in de Tweede Wereldoorlog. En hoe bescheiden de Karmelieten van binnenuit zijn 😉 Misschien dat het daardoor komt dat Titus nog steeds niet heilig verklaard is. Het schijnt dat het dit jaar gaat gebeuren…En omdat Titus nog niet heilig is, heeft hij ook geen feestdag. In karmelitaanse parochies wordt zijn leven en werk herdacht in het eerste weekend van november.

Mijn beste vriend Tom, ook een Karmeliet, schreef in zijn preek voor vandaag:

Joop Ruijter, een medebroeder, vroeg zich openlijk af: “Veronderstel dat Titus niet was gestorven in Dachau, maar uit die hel was teruggekeerd en weer gewoon een nogal saaie hoogleraar was geworden in Nijmegen, zouden we dan in hem een heilige zien?”
Kardinaal Alfrink zei in 1985 heel helder: “Titus is geen Zalig omdat hij in Dachau gestorven is. Hij stief in Dachau omdat hij een zalige was”. In heel zijn levenswijze getuigde Titus van Godsverbondenheid en heiligheid, van eerbied voor de mens als drager van Gods beeld, van liefde voor de schepping als gave Gods,
van toewijding aan de samenleving als oord van gerechtigheid en vrede.

Thomas Buitendijk OCarm (links) en Gerard Mathijs OSB in vol ornaat voor de viering van Titus Brandsma

https://juniperpiarachel.com/o-jezus-als-ik-u-aanschouw/ In de protestantse kerk vierden ze vandaag Dankdag voor het Gewas. Omdat er in onze parochie vandaag geen priester was en er (dus) een woord-, en communieviering werd aangeboden, besloot ik naar onze protestantse broeders en zusters te gaan. Vooral omdat ik zeker weet dat er daar betere muziek is. Het kwam dit keer heel mooi uit. Dankdag voor het gewas past beter bij de nagedachtenis aan Titus dan een mis met een gaatje.

Titus Brandsma OCarm

Barmhartige God,

Gij die U laat vinden door mensen die U zoeken, Gij hebt Titus Brandsma gevraagd zijn weg naar U te vinden door strijd en lijden heen. Uw levende Aanwezigheid heeft hij vermoed en gezocht in het gewone van het alledaagse leven. Hij erkende U als grond van ons bestaan. Naar Uw licht heeft hij gespeurd in het duister van ongeloof en onmenselijkheid. Hij vertrouwde op U als God van liefde. Uw woord heeft hij vrijmoedig verkondigd tegen alle grootspraak in. Hij beleed Uw Naam door zijn leven te geven. Wij bidden U op voorspraak van Titus dat ook wij Uw Aanwezigheid mogen ervaren als bron van kracht wanneer wij beproefd worden en gevraagd worden van U te getuigen. Wees ons nabij met Uw geestkracht zoals U Titus nabij was. Schenk ons in leven en lijden zijn moed. Schenk ons zijn inzicht om rechtvaardigheid en gerechtigheid te zien en te volgen, ook in deze onzekere tijden. Dit vragen wij U door Christus Jezus, Uw Zoon en onze Broeder en Heer. Amen

Het vereist moed en standvastigheid om tegen de stroom in te blijven zwemmen. Maar soms is het noodzakelijk en slechts met Uw kracht en Aanwezigheid kan ik dat volhouden. Geef me die kracht en geef me ook de moed om die kracht te aanvaarden en te ontvangen.