roi magi

Een kind zonder conceptie en een maagdelijke geboorte, dát kan ik nog wel geloven, maar waar haal je drie wijze mannen vandaan??? 😀

De wijzen uit het Oosten. Toen nu Jezus geboren was te Bethlehem in Judea, in de dagen van koning Herodes, zie, wijzen uit het Oosten kwamen te Jeruzalem, en vroegen: Waar is de Koning der Joden, die geboren is? Want wij hebben zijn ster in het Oosten gezien en wij zijn gekomen om Hem hulde te bewijzen. Mat. 2, 1-2

De wijzen, de magiërs, de koningen, de sterrenkundigen, nergens in de bijbel staat wie ze precies waren, waar ze precies vandaan kwamen, hoeveel het er waren. Het aantal drie is waarschijnlijk afgeleid van de geschenken, drie in getal, die wél genoemd worden in de Bijbel. En zij gingen het huis binnen en zagen het kind met Maria, zijn moeder, en zij vielen neder en bewezen hem hulde. En zij ontsloten hun kostbaarheden en boden hem geschenken aan: goud en wierook en mirre. Mat. 2, 11 Toch zijn er zoveel verhalen rondom hen. Het is dan ook een zeer romantisch verhaal: een aantal mensen die, gestuurd en geleid door een ster, op pad gaan op zoek naar een iemand die naar verluid de wereld zal veranderen. Ze weten niets en gaan toch. Dat is wat geloof is: niet zeker weten waarheen je gaat en toch gaan!

In 2021 heb ik al 23 boeken gelezen. Gemiddeld lees ik 30 boeken per jaar, dus het ziet er naar uit dat ik dit jaar ruim boven mijn gemiddelde uit ga komen. Ik ben nu bijna aan het eind van het boek Revelation of the Magi. The lost tale of the Wise Mens’s journey to Bethlehem. (First English translation of a forgotten ancient manuscript) Toen ik het e-book kocht, dacht ik eerlijk gezegd dat het een roman was; ik had waarschijnlijk de toch overduidelijke ondertitel over het hoofd gezien 😉 Maar het blijkt een stokoud manuscript te zijn. Ik zou zelfs willen zeggen een apocrief Bijbelboek, maar ik ga daar niet over.

Het boek vertelt over de eerste verschijning van de ster en over de reis van de mannen naar Bethlehem. Ook wordt er een plausibele verklaring gegeven voor de namen die hen in de loop van de geschiedenis worden toebedeeld. Mocht je geïnteresseerd zijn in de verhalen áchter de Bijbel, dan is dit zeker een dikke aanrader!

https://www.bol.com/nl/p/revelation-of-the-magi/9200000005294106/?referrer=socialshare_pdp_www

Ergens in het boek staat dat de ster die hen de weg wees de zon deed verbleken als de maan op een zomerdag. Denk aan hoe de maan eruit ziet als je haar overdag kunt zien…..zo zag de zon eruit toen de ster scheen….

Wat me verder aanspreekt en opvalt aan dit verhaal is de stelligheid waarmee de ster duidelijk maakt dat Jezus voor werkelijk de gehele mensheid is gekomen, voor al onze zonden aan het Kruis is gestorven, voor ieders heil is opgestaan. This is the one that you saw who is in many forms that appeared to you, but is not deprived of either my love or the person of his glory. And no one exists over him or over his majesty to speak of how he is, exept me, and I and he, we are one in unspeakable glory. *einde citaat* Ik ben al langer overtuigd van het feit dat er hoewel er veel verschillende religies bestaan, er maar één God is die zich in verschillende vormen en op verschillende manieren openbaart. Om de mensheid te (kunnen) bereiken, past Hij zich aan opdat ieder Hem kan vinden.

Binnenkort ga ik ook op pad. Mijn pelgrimage zou eigenlijk vandaag beginnen, op de geboortedag van mijn vader (9 juni 1926) maar een lichte hielblessure heeft mij gedwongen tot enige uitstel. Ik heb weliswaar geen ster om mij te leiden, maar ik heb goede ANWB wandelkaarten gekocht 😉 Ik weet ook niet precies waar ik heen ga, al heb ik mezelf wel een einddoel gesteld. Ik ga op pad en laat de Geest mij leiden. Geloof is niet zeker weten waarheen je gaat, en toch gaan.

Journey of the Magi – Sassetta

Vrij

Ik weet zeker dat wat voor lijden wij hier ook doormaken, het in het niet valt bij de schitterende heerlijkheid die God ons straks zal laten zien. De schepping ziet verlangend uit naar het moment waarop zal blijken wie de kinderen van God zijn. De hele schepping is namelijk onderworpen aan dood en verval, hoewel niet uit eigen vrije wil. God heeft dat gedaan als gevolg van de zonde. Maar er is hoop! Ook de schepping zal bevrijd worden uit de macht van dood en verval en dezelfde heerlijke vrijheid krijgen als de kinderen van God. Rom. 8, 18-21

Toen ik nog twee of drie banen had en vrijwel elke dag aan het werk en het reizen was, voelde ik me een stuk vrijer dan nu. Terwijl ik nu, werkloos als ik ben, elke dag kan doen waar ik zin in heb. Vrijheid gaat dus niet over kunnen doen wat je wilt. In ieder geval geldt dat voor mij. Vrij zijn.

Ik had het er met Rob (mijn geestelijk begeleider) over. Hij vroeg: waar voor of waar van wil je vrij zijn dan? Het is een heel goede vraag waar ik nu al weer dagen over na loop te denken. Een antwoord op vrij waar VAN is er niet echt, maar ik denk dat ik vrij wil zijn voor God. Vrij om een persoonlijke relatie met Hem op te bouwen. Dat is niet heel moeilijk; ik hoef alleen maar stil te luisteren en te zijn en ik voel Hem. Maar op de een of andere manier gaat dat toch makkelijker als de dag ingedeeld is door externe factoren in plaats van een lege dag voor me die ik zelf helemaal in moet vullen. De verleiding is groot de dag de dag te laten en gewoon niks te doen, vooral als de hangmat lekker ligt, mijn spannende boek nog niet uit is en de Zondag dat ik als organist ergens mag invallen nog ver weg.

Ik zou willen zeggen vrij van verantwoordelijkheden, maar het is duidelijk dat een karrevracht aan verantwoordelijkheden mij meer vrijheid schenkt dan geen verantwoordelijkheden. En dan heb ik het nog niet eens over de financiële vrijheid die een karrevracht aan verantwoordelijkheden (meestal) met zich meebrengt.

En al ben ik nu vrij van verantwoordelijkheden op werkgebied, huiselijke verantwoordelijkheden gaan gewoon door en zijn storende factoren voor mij. De was moet gedaan, de hond moet uit, het bed moet verschoont enz. enz. Dan denk ik aan Teresa van Avila en haar beroemde uitspraak dat je God ook kunt vinden tussen de potten en de pannen. Het is waar. God is tenslotte overal en het enige wat ik hoef te doen is me voor Hem openstellen.

Vanochtend moest ik denken aan een benefietavond op teevee, lang geleden. Volgens mij was het voor Amnesty International. Heel veel BN-ers deden er aan mee, Herman van Veen, Wim de Bie, Kees van Kooten, Freek de Jonge (ik zei al: lang geleden! 😀 ) En natuurlijk dacht ik vooral aan dat prachtige lied van Willem Wilmink ‘Signalen’. Die avond gezongen door de hele gang, maar bekend geworden door Herman van Veen. Misschien gedateerd in die zin dat er heden ten dage andere conflicten, andere brandhaarden en andere scheidingsmuren zijn, maar zeker niet gedateerd in de zin van zoeken naar vrijheid, gerechtigheid en vrede. Luister hier: https://youtu.be/MacaWvpI7YQ

Hoe lang nog, Heer?

Verban uit ons hart alle gevoelens van afgunst en haat. Beziel ons met de geest van Uw liefde. Amen

Psalm 143

Een psalm van David.

Here, luister naar mijn bidden, hoor toch hoe ik smeek.

U bent trouw en rechtvaardig,antwoord mij dan ook.

Oordeel uw dienaar niet, want geen mens is in uw ogen rechtvaardig.

Mijn vijand achtervolgt mij. Hij wil mij doden en mij het dodenrijk injagen, de duisternis in.

Ik weet mij geen raad meer en ben zo verschrikkelijk bang.

Ik denk aan vroeger en aan wat U toen allemaal deed. Alles wat U hebt gedaan en gemaakt, trekt aan mijn geestesoog voorbij.

Ik strek mijn handen naar U uit. Ik verlang naar U zoals droog land naar water verlangt.

Geef mij snel antwoord, Here, want ik houd het niet meer uit. Verberg U niet voor mij, want dan kan ik beter sterven.

Laat mij ʼs morgens vroeg al uw goedheid en liefde ervaren. Ik vertrouw U volkomen. Laat mij weten welke weg ik moet inslaan. Alles in mij richt zich op U.

 Here, bevrijd mij van mijn tegenstanders, ik vlucht naar U.

Leer mij te doen wat U van mij vraagt.U bent mijn God, de goedheid Zelf. Uw Geest leidt mij op een effen weg.

Here, laat mij leven tot eer van uw naam. U bent rechtvaardig. Haal mij uit deze ellende en moeilijkheden.

Betoon uw goedheid en liefde en vernietig mijn tegenstanders. Ik ben uw dienaar. Slaat U ieder neer die mij naar het leven staat.

niks aan de hand?

Zelf ben ik een zorgmijder. Het hoe en waarom daarvan zou ik kunnen uitleggen, maar is niet relevant voor dit verhaal. Ik schrijf het alleen op om aan te geven dat ik werkelijk geen idee heb of wat gister gebeurde normaal of gangbaar is. Ik vond het niet normaal en als dochter van een huisarts, kan ik met zekerheid zeggen dat het vroeger heel anders ging, in ieder geval bij ons thuis…

Henk had de hele dag al lopen klagen over pijn en ik had hem al een paar keer gezegd een paracetamol te nemen, maar omdat hij als hartpatiënt al heel veel medicijnen moet slikken wil hij dat niet. Om een uur of negen lag hij kermend van de pijn in bed en vroeg hij mij de huisarts te bellen. Ik zocht het nummer van de huisartsenpost en belde. Ik kreeg een bandje dat mij eerst een hoop irrelevante informatie gaf over coronatesten en vervolgens een menu: “Kies alleen een één als er sprake is van een acute levensbedreigende situatie,” sprak een vriendelijk computerstem. Mijn inschatting was dat het geen levensbedreigende situatie was en ik wachtte op de rest van het menu. Dat kwam niet. Minstens vijf minuten lang heb ik geluisterd naar: “Kies alleen een één als er sprake is van een acute levensbedreigende situatie. Voor andere vragen, blijft u aan de lijn. U wordt doorverbonden.” Maar ik werd nimmer doorverbonden; de telefoon bleef overgaan. Uiteindelijk gaf ik het op en ging terug naar boven om aan Henk te zeggen dat hij morgenochtend maar zijn eigen huisarts moest bellen.

Achteraf denk ik dat dit de bedoeling is van de telefoon niet aannemen. Mensen geven het op en wachten de nacht af en bellen ’s morgens hun eigen huisarts.

Ik zei dat er niet werd opgenomen en dat hij maar lekker moest gaan slapen en morgen zijn eigen huisarts bellen, maar toen raakte hij in paniek. Hij begon te hyperventileren en te schreeuwen, ook van de pijn en dat ik 112 moest bellen. Dat was echt het laatste wat ik wilde! Eigenlijk was ik van plan mijn zus te bellen die vlakbij woont en verpleegkundige is, maar Henk was niet meer voor rede vatbaar en dus belde ik 112.

Als je 112 belt, wordt er alleen gevraagd: heeft u brandweer, politie of ambulance nodig? Dat wist ik want niet zo lang geleden heb ik nog 112 gebeld voor een zwerver die in Amsterdam onder een brug om hulp stond te roepen. Ik zei dus meteen: ambulance en gaf aan de telefoniste de toestand van mijn man door. De ambulancegarage is bij ons om de hoek, dus binnen vijf minuten stonden er twee zeer vriendelijke ambulanceverpleegkundigen aan zijn bed. Die wisten hem gerust te stellen. Iets wat mij niet gelukt was. Ze maten zijn bloeddruk, maakte een hartfilmpje en tenslotte toen iedereen zeker wist dat het niet zijn hart was, kalmeerde hij. Vervolgens belde de verpleegkundige dezelfde huisartsenpost die ik eerder die avond niet had kunnen bereiken, voor overleg. De ambulanceverpleegkundige verspilde geen tijd met luisteren naar het bandje en koos gelijk een één. Alsnog duurde het geruime tijd voor er opgenomen werd. Het eerste wat de huisarts (die naar ik aannam uiteindelijk de telefoon beantwoordde) zei, was dat ze niet kon geloven dat mensen voor rugpijn 112 bellen! Dat schoot bij mij echt in het verkeerde keelgat. Als er bij de huisartsenpost gewoon was opgenomen, had de dienstdoende huisarts Henk telefonisch kunnen helpen en had ik er niet eens over nagedacht 112 te bellen. Geen wonder dat de kosten van de zorg de spuigaten uitlopen! En het versterkt ook nog eens mijn wantrouwen jegens de medische wereld. Al moet ik zeggen dat de ambulanceverpleegkundigen zeer vriendelijk, ter zake doend en kalm waren.

Terwijl ik in de deuropening stond te wachten op de administratieve afhandeling van de zaak, kwamen onze buren naar buiten. Die hadden natuurlijk de ambulance zien staan en waren, de geschiedenis van zijn hart kennende, behoorlijk ongerust. Ik kon ze gelukkig geruststellen en vertellen dat het werkelijk een storm in een glas water was geweest. Ik zei het al eerder, een goede buur is beter dan een verre vriend.

Maar wat als het nou wél zijn hart was geweest? Of dat hij onderaan de trap lag met gebroken botten? Na zijn eerste hartinfarct en eerste katheterisatie tien jaar geleden heeft de cardioloog in het LUMC tegen mij gezegd dat het altijd beter is om gelijk 112 te bellen. Ik ben bang dat hij gelijk heeft…Toch lijkt het me van essentieel belang dat de huisartsenpost buiten kantooruren gewoon bereikbaar is. Al was het alleen maar om mensen gerust te kunnen stellen en te voorkomen dat mensen (overbodig maar niet onnodig) 112 gaan bellen.

Zonde en Dood

 Als je de bijbel letterlijk neemt, valt er niet veel te leren. Het hele boek staat vol met haat en nijd, oorlog en doodslag zijn aan de orde van de dag en zieke mensen worden zonder pardon uit de gemeenschap gestoten. Zelfs Jezus komt er niet al te fraai vanaf, zoals je kunt lezen in Marcus 10 vers 18:

Jezus sprak tot hem: Waarom noemt ge Mij goed? Niemand is goed, dan God alleen. 

Zelfs de Mensenzoon is onderhevig aan het feit dat de mens in zijn aard de zonde zoekt…of misschien de ogen sluit voor zaken die maar een beetje zondig zijn. Alsof slechtheid in gradaties komt. Ach, wellicht is dat ook zo. Het is een beetje fout om een tomaat groente te noemen, maar heel erg fout om te zeggen dat een tomaat een fiets is. In Marcus 8 kunnen we zelfs lezen over een vergissing die Jezus maakt:

Zo kwamen ze te Betsáida aan. Daar bracht en een blinde naar Hem toe, en verzocht Hem, dien aan te raken. Hij vatte den blinde bij de hand, en leidde hem buiten het dorp; Hij deed speeksel op zijn ogen, legde Hem de handen op, en vroeg hem: Ziet ge iets? Hij begon te kijken, en sprak: Ik zie mensen: als bomen zie ik ze gaan. Toen legde Hij opnieuw de handen op zijn ogen; en nu zag hij scherper. Hij was genezen, zodat hij alles duidelijk zag. Hij zond hem naar huis, en zeide: Ga het dorp zelfs niet in. Marc. 8, 22-26

Maar was het wel een vergissing? Misschien zag de man de mensen juist wel precies zoals ze zijn: wandelende bomen. Zijn we niet allen gebonden aan de grond waar we zijn geboren? Als bomen geworteld in de geboortegrond? En als niet, zijn we dan niet allen gebonden aan anderen, aan familie, aan tradities, gewoontes en wetten zoals we die van kinds af aan hebben meegekregen? Met een zekere afschuw, afkeer en ingebouwd verzet tegen alles en iedereen die “anders” is? Waarom heeft Jezus dan de man “opnieuw” genezen zodat hij nu wel de mensen duidelijk zag? Het is voor een mens een zware taak de mensheid te zien zoals ze werkelijk zijn. Liever kijken we met een filter voor onze ogen en onze geest opdat we in blijde onwetendheid door kunnen gaan met leven. God weet dat en laat ons zijn. Hij ziet ons voor wie we werkelijk zijn.

Ik probeer de bijbel te lezen met vrije ogen en metaforisch. Als ik lees in Leviticus 14 over wat een priester allemaal moet doen om een mens rein te verklaren, lijkt het me dat priesters niet alleen een geestelijke taak hadden het volk te leiden, maar zeker ook de geneesheer van de gemeenschap was. Natuurlijk zijn die melaatsen niet ziek; zij zijn zondig! Hun zonden verlammen hen en zetten hen buiten de gemeenschap. De priester is er voor om te zorgen dat de zonden openbaar worden, of op zijn minst benoemd zodat er vergeving kan plaatsvinden.

Dit is de wet op den melaatse. Op de dag van zijn reinverklaring moet hij voor den priester worden gebracht, die zich buiten de legerplaats moet begeven. Ziet de priester, dat de melaatse van zijn melaatsheid is genezen, dan moet hij voor hem, die rein verklaard moet worden, twee levende reine vogels laten halen met cederhout, karmozijn en hysop. De priester moet een der vogels boven een aarden vat met levend water laten slachten. Vervolgens moet hij de levende vogel nemen; bovendien het cederhout, het karmozijn en de hysop, en die met de levende vogel in het bloed dopen van de vogel, die boven het levend water is geslacht. Hiermee moet hij zeven maal hem besprenkelen, die van de melaatsheid gereinigd moet worden. Zo reinigt hij hem. Daarna moet hij de levende vogel in het vrije veld loslaten. Lev. 14, 1-7

(Dit is maar een klein stukje ervan. Het is nuttig, maar niet noodzakelijk Leviticus 13 en 14 in het geheel te lezen. Dat kan hier: https://www.bible.com/nl/bible/328/LEV.13.NBG51) De melaatse rein te verklaren wil zeggen de zonde vergeven. De twee vogels zijn symbolisch; de ene staat voor de mens die om genade vraagt. De vogel die zijn bloed aan het water voegt, staat symbool voor Jezus die gestorven aan het kruis bloed en water gaf.

Toen ze bij Jezus waren gekomen en zagen, dat Hij reeds was gestorven, braken ze Hem de benen niet. Maar een der soldaten doorboorde met een lans zijn zijde; en aanstonds vloeide er bloed uit en water. En hij, die het gezien heeft, legt er getuigenis van af, opdat ook gij geloven moogt. Zijn getuigenis is waarachtig; ook Hij weet, dat hij de waarheid zegt. Want dit is geschied, opdat de Schrift zou worden vervuld: “Geen been zal Hem verbrijzeld worden”. En weer een ander Schriftwoord zegt: “Ze zullen opzien tot Hem, dien ze hebben doorboord”. Joh.19, 33-37

Het cederhout staat onmiskenbaar voor het kruishout en ook hysop komen we tegen in de verhalen rondom de kruisiging. En ook in psalm 51, maar nu dwaal ik af. 😉

Toen wist Jezus, dat thans alles was volbracht; Hij sprak, opdat de Schrift zou worden vervuld: Ik heb dorst. Er stond daar een kruik met azijn; men stak dan een spons vol azijn op een hysopstengel, en bracht ze Hem aan de mond. Joh. 19, 28-29

Gij besprengt mij met hysop, en weer ben ik rein, Gij wast mij schoon, en ik ben blanker dan sneeuw.  Psalm 51, 7. Eén van mijn 150 lievelingspsalmen.

Goed, terug naar de zonden. 😀 Een zondig mens is dus in feite dood voor de maatschappij. Pas als de zonde hem heeft verlaten en de priester hem weer rein heeft verklaard, kan hij terugkeren naar zijn oorspronkelijke positie en opnieuw beginnen te proberen zijn positie te verbeteren. Leren omgaan met verlangens, dromen en ervaringen die lang niet altijd gunstig zijn, soms ronduit zondig, daarvan groeit een mens. Wanneer hij kan zien dat de zondigheid, de slechtheid, de wraakzucht, de afgunst (en alle andere kardinale zonden) de groei tegenhoudt. Natuurlijk is geen enkel mens dan Jezus zonder zonden, maar het pogen zonder zonde te leven geeft al genoeg ruimte om door te groeien. Voor de mensen zijn er ergere en minder ergere zonden, maar voor God maakt dat niet uit. Hij ziet geen verschil tussen het stelen van een koekje en het doden van een onschuldig leven, hoe moeilijk dat voor ons ook te begrijpen is. Voor ons mensen maakt het zoveel uit of we de daad begrijpen, of we de schuldige kennen, of we de oprechtheid van het berouw kunnen (mee)voelen. God ziet in ons hart, Hij kent ons beter dan wij onszelf kennen.

Eerlijk en oprecht kijken naar eigen daden en woorden en hulp inschakelen zodra het nodig is….moeilijk genoeg als opdracht in dit leven, lijkt mij! Maar het goede nieuws is dat God alles kan en wil vergeven, zodra we oprecht en eerlijk om Zijn vergeving en zegen vragen. Dat betekent niet dat ik er maar op los leef en steeds weer om vergeving vraag. Nee, ik probeer zo oprecht mogelijk door het leven te gaan en voel me gesterkt door een innerlijk weten dat wat ik ook doe, het voor God altijd goed genoeg is zolang ik leef vanuit de goedheid van mijn hart. Al begrijpt mijn omgeving niet waar ik mee bezig ben. Al word ik door de maatschappij buitengesloten. Al ben ik zondig in de ogen van de mensen. Voor God ben ik precies wie ik zijn moet. Hij kent mijn hart. Hij ziet mijn lijden. Hij draagt me in de palm van Zijn hand.

De Here is mijn herder, mij ontbreekt niets; Hij doet mij nederliggen in grazige weiden; Hij voert mij aan rustige wateren; Hij verkwikt mijn ziel. Hij leidt mij in de rechte sporen om zijns naams wil. Zelfs al ga ik door een dal van diepe duisternis, ik vrees geen kwaad, want Gij zijt bij mij; uw stok en uw staf, die vertroosten mij. Gij richt voor mij een dis aan voor de ogen van wie mij benauwen; Gij zalft mijn hoofd met olie, mijn beker vloeit over. Ja, heil en goedertierenheid zullen mij volgen al de dagen van mijn leven; ik zal in het huis des Heren verblijven tot in lengte van dagen. Psalm 23

Oh en nog even de zeven hoofdzonden op een rijtje zodat iedereen weet wat te vermijden:

  1. Hoogmoed
  2. IJdelheid
  3. Luiheid
  4. Vraatzucht
  5. Onkuisheid
  6. Woede
  7. Jaloezie

zie: https://prentencatechismus.org/author/vm/ als je meer wilt lezen over de zeven hoofdzonden.

(Vreemde) Vogel(s)

Ik houd van vogels. Ik ben geen fanatieke of zelfs maar een matige ornitholoog; ik houd gewoon van vogels en omdat ik nu eenmaal op een eiland woon dat bekend staat om zijn vogels, weet ik er een beetje van af. Ik houd natuurlijk vooral van vogelgefluit, maar dat is inherent aan mijn vak. Denk ik toch.

Mijn wens was altijd een hop te zien. Hops vind ik leuke vogels, met zo een kuifje en zo lekker fel gekleurd. In Nederland moet je je best doen er één tegen te komen, dus het was een vrij veilige wens. Maar ik was in Egypte, al een hele tijd geleden overigens, en daar vliegen ze gewoon rond zoals hier mussen. Of kauwen. Toen had ik geen wensen meer over en ging ik maar naar de vogelclub, een cursus vogels kijken volgen, om een nieuwe wensvogel uit te zoeken.

We gingen ook op excursie en daarvoor moesten we vroeg op. Vogelaars zeggen dat je het beste vogels kunt gaan spotten vanaf een uur voor zonsopgang tot een uur erna, zo ongeveer dan. Sinds ik buiten slaap, weet ik wel beter. Inderdaad hoor je vanaf een uur of half zes vogels fluiten, maar dat zijn alleen maar huishoudelijke mededelingen als: ‘dit is mijn boom’, ‘ik heb een lekkere worm voor je’ of ‘ik heb een ideaal plekje voor een nest gevonden’ en gefluit van gelijke strekking. Vóór die tijd, vanaf een uur of vier, geven de vogels een concert. Het lijkt of ze dan alleen fluiten voor hun eigen plezier. Of ter meerdere glorie van God (AMDG)

Ik hoorde een vink (hooglaaghooglaaghoog of laaghooglaaghooglaag) en een andere vink verder weg antwoordde. Ik kon verder geen patroon ontdekken, behalve dat ze werkelijk om de beurt floten en als ze laag beginnen ook laag eindigen en als ze hoog beginnen ook hoog eindigen. Dat ging zo een half uurtje door. De volgende ochtend (ik spreek dus over echt heel vroeg in de ochtend, vier uur, half vijf, zoiets) hoorde ik de dichtstbijzijnde vink weer, maar er kwam geen antwoord. Hij of zij probeerde het twee keer, drie keer en gaf het toen op. Er kwam geen antwoord en hij of zij nam niet de moeite verder te gaan met fluiten. Vanochtend hoorde ik ze weer. Nu wel weer om de beurt en weer duurde het wel een half uur. Ik geniet van de muziek, maar vraag me stiekem ook af waar ze het over hebben. 🙂

Soms hoor ik ’s nachts een uil. Ik denk dat het een kerkuil is, want welke andere uil zou zich midden in het dorp laten horen? Ik hoor ook de klokken van twee kerktorens en het lijkt mij logisch dat een kerkuil in de kerk woont. Toch?!

Elke woensdagochtend in mei en oktober bid ik de rozenkrans. Er is één parochiaan die heel trouw mee komt bidden. Hij is een vreemde vogel. En dat wil heel wat zeggen als ik dat zeg! 😉 De meeste mensen laten hem links liggen en daardoor is hij veel alleen, wat hem natuurlijk niet socialer maakt. Afgelopen woensdag nodigde hij me uit om naar zijn tuin te komen kijken. Ik vond het heel bijzonder zo een uitnodiging te ontvangen en ik ben dol op tuinen, tuinieren en wandelen dus het paste precies in mijn straatje. Ik nam de uitnodiging dan ook met graagte aan.

Dan denk je dat je je eigen omgeving wel kent! Maar echt, dit was ongelooflijk. Vanaf de weg zie je er niks van. Er is een weiland en een laantje en je ziet wat bomen staan. Dat is het wel zo’n beetje. Nu mochten we door het hek en kregen we een rondleiding door één van de allermooiste siertuinen die ik ooit heb bezocht! Bomen, bloemen, paadjes, palmen, struiken. Er is een groot weiland met alleen een grote vijver (of kolk). De grond wordt bewust verarmd waardoor er heel veel wilde planten groeien en bloeien. Ik heb dotters gezien en zuring, klaver (minstens vier soorten), boterbloemen, pinksterbloemen, bloeiende grassoorten. En bomen! Sequoia, grove den, lariks, ceder, cipres, Douglas, kustmammoet, jeneverbes en taxus. Appelbomen, perenbomen, mispel, perzikbomen, abrikozenbomen, amandelbomen. En mijn lievelingsboom, de ginkgo. In het midden van het terrein is er een eiland gemaakt door een diepe gracht te graven. In het water wonen ook weer allerlei planten en bloemen. En die verscheidenheid trekt natuurlijk ook weer allerlei dieren aan, vogels, insecten, kleine zoogdieren.. Er woont een uil in dat bos. Er wonen spechten en kraaien en duiven. Insecten, muizen, konijnen. Het wemelt er van het leven.

Ik heb heel veel siertuinen en beroemde tuinen gezien in mijn leven, maar niets vergelijkbaar met dit. En deze medeparochiaan heeft dat allemaal met zijn eigen handen opgebouwd. Hij heeft echt een klein hof van Eden geschapen. Een geheime tuin waar hij alleen heer en meester is. Bij hoge uitzondering geeft hij weleens een rondleiding en ik ben echt dankbaar dat hij mij waardig heeft bevonden zijn heiligdom te aanschouwen. Deze vreemde vogel die door de meeste mensen genegeerd wordt, heeft zijn leven gewijd aan het een beetje mooier maken van de wereld. En dat is hem gelukt!

Elk mens heeft zo zijn eigen waarde en het is aan ons om die waarde te leren zien. Het is heel makkelijk om iemand af te serveren als die niet in je denkraam past of over meer of minder belangrijke zaken anders denkt dan jij. In een bubbel leven, noemen ze dat tegenwoordig; je ontmoet alleen mensen die over basiswaarden hetzelfde denkt als jij. Ik ontmoet niet zoveel mensen die hetzelfde denken als ik. Dat komt omdat ik een heel eigen en ander denkraam heb dan de meeste mensen. Ik heb dus echt moeten leren om buiten mijn bubbel, buiten mijn denkraam om ook dingen en meningen te kunnen zien en de waarde daarvan in te schatten, zelfs al ben ik het er niet mee eens. Daardoor kom ik vaak in de problemen, maar het geeft me ook een heleboel moois. Als ik mee was gegaan in de gedachte dat deze mens “raar” en “vreemd” is en dat je hem dus mag (of zelfs moet) negeren, had ik nooit deze prachtige tuin kunnen aanschouwen. En had ik nooit kunnen zien dat ook deze mens, deze medeparochiaan, deze trouwe rozenkransbidder misschien wel weinig boekenkennis en weinig sociale vaardigheden bezit, maar ongelooflijk rijk gezegend is met groene vingers en een ruw (als in niet gepolijst door educatie) talent voor landschapsarchitectuur.

Het gaat er mee als met een mens, die naar het buitenland vertrok, zijn dienaars riep, en hun zijn bezittingen overdroeg. En aan den één gaf hij vijf talenten, den ander twee, een derde één; ieder volgens zijn bekwaamheid. Toen ging hij op reis. Die nu de vijf talenten had ontvangen, ging aanstonds heen, dreef er handel mee. en won er vijf andere bij. Zo ook won hij, die er twee had ontvangen, er nog twee andere bij. Maar die er één had ontvangen, ging heen, maakte een kuil in de grond, en verborg het geld van zijn heer. Na lange tijd kwam de heer van die dienaars terug, en rekende met hen af. En hij, die de vijf talenten had ontvangen, trad naar voren, bracht nog vijf andere talenten, en zeide: Heer, vijf talenten hebt ge mij gegeven; zie, nog vijf heb ik er bijgewonnen. Zijn meester sprak tot hem: Heel best, goede en trouwe knecht; over weinig zijt ge getrouw geweest, over veel zal ik u stellen; ga binnen in de vreugde uws heren. Ook hij, die de twee talenten had ontvangen, trad naar voren, en zeide: Heer, twee talenten hebt ge mij gegeven: zie, nog twee heb ik er bijgewonnen. Zijn meester sprak tot hem: Heel best, goede en trouwe knecht; over weinig zijt ge getrouw geweest, over veel zal ik u stellen; ga binnen in de vreugde uws heren. Nu trad ook hij naar voren, die het éne talent had ontvangen. Hij zeide: Heer, ik weet, dat ge een streng man zijt; ge maait, waar ge niet hebt gezaaid, en oogst, waar ge niet hebt uitgestrooid. Ik was dus bang, en ben uw talent in de grond gaan begraven; zie, daar hebt ge het uwe terug. Maar zijn meester antwoordde hem: Gij slechte en luie knecht; ge wist dat ik maai, waar ik niet heb gezaaid, en dat ik oogst, waar ik niet heb uitgestrooid. Ge hadt dus mijn geld bij de wisselaars moeten beleggen; dan zou ik het bij mijn komst met rente hebben teruggekregen. Neemt dus het talent van hem af, en geeft het aan hem, die de tien talenten heeft. Want wie heeft, aan hem zal worden gegeven, en hij zal overvloed hebben; maar wie niet heeft, hem zal ook nog ontnomen worden wat hij bezit. Werpt den onbruikbaren knecht naar buiten de duisternis in; daar zal geween zijn, en gekners der tanden. Wanneer dan de Mensenzoon in zijn heerlijkheid komt, en alle engelen met Hem, zal Hij plaats nemen op de troon zijner majesteit. En alle volkeren zullen vóór Hem worden vergaderd: maar Hij zal ze van elkander scheiden, zoals een herder scheiding maakt tussen schapen en bokken. En de schapen zal Hij aan zijn rechterhand plaatsen, de bokken aan zijn linkerhand. Dan zal de Koning zeggen tot hen, die aan zijn rechterhand staan: Komt, gezegenden van mijn Vader; neemt bezit van het rijk, dat voor u is bereid van de grondvesting der wereld af. Want Ik was hongerig, en gij hebt Mij te eten gegeven; Ik was dorstig, en gij hebt Mij te drinken gegeven. Ik was vreemdeling, en gij naamt Mij op. Ik was naakt, en gij hebt Mij gekleed; ziek, en gij hebt Mij bezocht: in de gevangenis, en gij zijt Mij komen bezoeken. Dan zullen de rechtvaardigen Hem antwoorden: Heer, wanneer zagen we U hongerig, en spijsden we U: of dorstig, en gaven we U te drinken? Wanneer zagen we U als vreemdeling, en namen U op; of naakt, en hebben we U gekleed? Of wanneer zagen we U ziek of in de gevangenis, en zijn we tot U gekomen? Dan zal de Koning hun antwoorden: Voorwaar, Ik zeg u: Wat gij voor één van mijn geringste broeders gedaan hebt, dat hebt gij voor Mij gedaan. Maar dan zal Hij zeggen tot hen, die aan de linkerhand staan: Gaat weg van Mij, vervloekten, in het eeuwige vuur, dat bereid is voor den duivel en zijn engelen. Want Ik was hongerig, en gij hebt Mij niet te eten gegeven; dorstig, en gij hebt Mij niet te drinken gegeven. Ik was vreemdeling, en gij naamt Mij niet op; naakt, en gij hebt Mij niet gekleed; ziek en in de gevangenis, en gij hebt Mij niet bezocht. Dan zullen ook zij antwoorden: Heer, wanneer zagen we U hongerig of dorstig, vreemdeling of naakt, ziek of in de gevangenis, en hielpen we U niet? Dan zal Hij hun antwoorden: Voorwaar, Ik zeg u; wat gij niet hebt gedaan voor één van deze geringsten, dat hebt gij ook voor Mij niet gedaan. Dan zullen zij gaan in de eeuwige straf, maar de rechtvaardigen in het eeuwige leven. Mat. 25, 14-46

Van belang is dus niet alleen je eigen talent vinden en ontwikkelen, maar ook openstaan voor het talent van de ander. Oftewel openstaan voor de ander. En dan zijn we wederom aangeland bij het belangrijkste gebod: Heb God lief boven alles en de naaste als jezelf.

https://juniperpiarachel.com/2021/03/30/nog-even-over-naastenliefde/

https://juniperpiarachel.com/2021/03/29/en-de-naaste-als-uzelf/

Woord

Neen, zegt de Schrift, het woord is vlakbij, het is in uw mond, het is in uw hart, het woord namelijk van het geloof, dat wij verkondigen.  Want als uw mond belijdt, dat Jezus de Heer is, en uw hart gelooft, dat God Hem van de doden heeft opgewekt, zult gij gered worden.  Het geloof van uw hart brengt de gerechtigheid en de belijdenis van uw mond het heil.  Zo zegt het de Schrift: Niemand die in Hem gelooft zal worden teleurgesteld. Rom. 10, 8-11

Dit was de lezing in het morgengebed vanochtend. Het woord is vlakbij. Het Woord is vlakbij. Wat een verschil in klank één hoofdletter kan maken…Als ik lees “het woord is vlakbij” denk ik niet veel verder dan dat. Het woord van het geloof is vlakbij en als ik met mijn mond Jezus’ dood en opstanding verkondig, omdat ik in mijn hart geloof dat God Hem uit de doden heeft doen opstaan, dan zal ik gered zijn. Maar als ik lees “het Woord is vlakbij” dan lees ik dat Jezus vlakbij is en dus God ook. Woord en God zijn synoniem, als ik Johannes lees: In het begin was het Woord; En het Woord was bij God, En het Woord was God. Joh.1, 1

Het geloof van het hart brengt de gerechtigheid. Ik geloof in mijn hart dat Jezus aan het kruishout is gestorven voor mijn zonden (ook voor die van u btw) en dat brengt gerechtigheid. Niet dat ik omdat ik geloof altijd en overal gerechtigheid vind. Nee, omdat ik geloof zie ik mij genoodzaakt overal gerechtigheid te zoeken en als ik het vind, te ondersteunen. En als ik het niet vind, ervoor te vechten. Het geloof in Christus brengt dus (?) automatisch een onweerstaanbare drang naar gerechtigheid met zich mee.

En de belijdenis van uw mond het heil. Omdat ik geloof dat Jezus geboren in een stal in Bethlehem om als God en mens dichtbij de mens te zijn, te ervaren wat het is een mens te zijn, te leven, te lijden en te sterven als een mens om aan andere mensen (aan mij) het goede voorbeeld te geven, zie ik mij genoodzaakt andere mensen ook van het evangelie op de hoogte te stellen. Om andere mensen ook te laten zien dat er hoop is, dat er gerechtigheid en vrede kan zijn. Het geloof in Christus brengt dus (?) automatisch een onweerstaanbare drang tot evangeliseren met zich mee.

Aanstaande donderdag is het Hemelvaart. Dan beginnen pas de echte dagen van het wachten. Tussen Pasen en Hemelvaart is Jezus nog bij ons. Hij toont Zich aan de de discipelen, eet en spreekt met hen. Hij loopt een eindje op met de Emmaüsgangers. Hij overtuigt de ongelovige Thomas van Zijn Opstanding door hem zijn hand op Zijn wonden te leggen. Maar op Hemelvaartsdag stijgt Hij op en verlaat Hij ons. Althans in fysieke, menselijke zin. Hij belooft ons de Geest te sturen. Of eigenlijk, aan de Vader te vragen ons de Geest te sturen. En tussen Hemelvaartsdag en Pinksteren wanneer de Geest over ons wordt uitgestort, zitten tien dagen. Tien dagen van hoop en vrees. Tien dagen van wachten. Tien dagen van vasthouden aan het geloof zonder het woord. Die dagen zijn zwaar. Ik ben op mezelf aangewezen, ieder is op zichzelf aangewezen. En dan, nu wéten we dat het slechts tien dagen duurt en kunnen we dat overbruggen. Lijden is altijd eenvoudiger te dragen als je weet wanneer er een einde aan komt. De discipelen en Maria zaten te wachten zonder precies te weten waarop of hoe lang het zou gaan duren. Dat wachten was nog veel langer en zwaarder. Maar als het dan eindelijk Pinksteren is en de Geest over hen wordt uitgestort, is alle leed vergeten en verheugt een ieder zich over de gaven.

En aan een ieder wordt de Geestesuiting geschonken, om er nut mee te stichten. De één wordt het woord der wijsheid gegeven door den Geest, den ander het woord der kennis door dezelfde Geest, een ander het geloof door dezelfde Geest, een ander de gaven der genezing door den énen Geest. Aan anderen weer het werken van wonderen, of de profetie, of de onderscheiding der geesten, of de veelheid van talen, of de vertolking der talen; maar dit alles werkt één en dezelfde Geest, die ieder toedeelt, zoals het Hem goeddunkt. 1 Kor. 12, 7-11

Vier Pinksteren uitbundig en met een open hart! Vraag de Geest zijn speciale gaven aan u te schenken en te laten zien welke gave dat is. Of welke gaven dat zijn. Ontwikkel die gave, dat talent. Ga er mee de straat op en zoek, eis, maak gerechtigheid. Vertel het aan alle volkeren dat Hij leeft. Deel uit van de liefde die Hij u zo gul heeft geschonken. Maak de wereld een betere plaats voor iedereen door overal en altijd met geestrijke en liefdevolle ogen te kijken. Met het Woord in uw hart.

overbodige mededelingen

Het fijnste van het internet vind ik dat ik nooit meer naar een winkel hoef. Naar een winkel gaan is voor mij een regelrechte ramp. Ik kan nooit iets vinden. Ik word zenuwachtig als goedbedoelend personeel komt vragen of ik hulp nodig heb. En ik heb er een pesthekel aan als mensen aan me komen en op de een of andere manier vindt personeel in een kledingzaak dat de normaalste zaak van de wereld. En dan heb ik het nog niet eens over de supermarkt.

Vroeger, toen ik nog weleens in een winkel kwam, stippelde ik een zorgvuldige route uit door de supermarkt zodat ik de schappen waarin mijn dode vriendjes in stukken gehakt aangeboden worden, kon vermijden. Dat klinkt misschien overdreven maar gister nog had ik een onbedaarlijke huilbui omdat ik per ongeluk tijdens het wassen van de spinazie een rups van een koolwitje had verdronken. Henk kwam me troosten en vroeg: wat is er aan de hand? Ik snikte dat ik een rups had vermoord, waarop hij zei dat het hooguit dood door schuld was.

En dan komt er altijd een dag dat je in de supermarkt komt en dat alles opeens ergens anders staat. Waar eerst de suiker stond, staat nu de deodorant en waar eerst groente en fruit lag, ligt nu het vlees. Weg mijn zorgvuldig uitgestippelde route! Ik kan weer helemaal opnieuw beginnen. Henk zegt dat afwisseling goed is, maar ik ben een groot fan van homeostase.

De laatste keer dat de supermarkt op de hoek verbouwde hebben ze alle vega-producten tussen het vlees en de vis in geplaatst. Onbegrijpelijk en ook onverteerbaar voor mij….Sindsdien ben ik niet meer in die winkel geweest. En eerlijk gezegd ben ik al bijna anderhalf jaar in geen enkele winkel geweest. Het meeste maak ik zelf en wat we uit de supermarkt nodig hebben (bier en postzegels) haalt Henk wel. En zelfs de meeste dingen die Henk nu in de supermarkt haalt, zou ik online kunnen bestellen.

Vroeger bestelde ik iets online en ging dan gespannen wachten op het pakje. Dat duurde soms twee dagen en soms twee weken. Het was altijd een verrassing. Soms duurde het zó lang dat ik allang weer vergeten was wat ik besteld had. Dan was het net een beetje Sinterklaas 🙂 Maar tegenwoordig!!!! Het gaat zo:

Ik bestel iets bij een webwinkel en betaal vooraf. Ik krijg dan onmiddellijk een mailtje van de webwinkel én van de bank dat ik iets besteld en betaald heb. Vervolgens krijg ik de volgende mails van de webwinkel 1. Bedankt voor uw bestelling. We gaan voor u aan de slag ja, duh! dat mag ik hopen; daar betaal ik jullie voor tenslotte 2. uw bestelling is gereed. 3. wij hebben uw bestelling overgeleverd aan het vervoersbedrijf 4. hier is de factuur van uw bestelling.

Vervolgens het vervoersbedrijf: 1. wij hebben voor u een pakket aangenomen van webwinkel X 2. wij hebben uw pakket verwerkt 3. wij hebben uw pakket overgeleverd aan de bezorger 4. de bezorger komt morgen bij u langs tussen X en Y 5. vandaag staat de bezorger bij u voor de deur tussen X en Y. 6. de bezorger komt bij u langs tussen x en y (kleiner tijdsbestek) 7. de bezorger is bij u langs geweest en heeft een pakket bij u afgeleverd En dan de webwinkel weer: Uw pakket is aangekomen, veel plezier ermee. En dan het vervoersbedrijf: wat vond u van de service? En dan de webwinkel: wat vond u van de service? Of (nog erger) wat vindt u van deze email? Oké, daar kan ik kort over zijn, TOTAAL OVERBODIG.

Als ik iets bestel en betaal, dan vertrouw ik er op dat het pakket mijn kant op komt. Ik ga toch ook niet mijn opnametechnicus of mijn publiek de hele tijd mailen met mededelingen als: ik heb nu de ideale vingerzetting gevonden voor maat 36 en 37. Of: ik heb het tempo van dat ene stuk toch nog iets verhoogt. Nee, als ik afspreek dat ik iets zal spelen, dan moet men er maar op vertrouwen dat ik het ook kan en zal spelen op de afgesproken tijd!

Het schijnt dat er zó weinig vertrouwen is in de wereld dat iedereen zelfs het werk waar hij voor aangenomen is van A tot Z moet verantwoorden. Elkaar íets meer ruimte en vertrouwen schenken, lijkt me toch echt geen overbodige luxe.

wijnstok en wijngaardenier

Vier jaar geleden verhuisde onze tuinbuurman. Dat vonden wij heel jammer. Niet alleen was hij een fijne tuinbuurman die geen gif gebruikte en met wie we een goed contact hadden, maar ook hadden wij zijn twee kinderen op muziekles. De oudste speelde gitaar bij Henk en de jongste piano bij mij. En er is weinig zo vreugdevol voor een muziekdocent ijverige en getalenteerde kinderen op les te hebben.

Het eerste tuinseizoen na hun verhuizing was zijn tuin in drie stukken verdeeld en hadden we opeens drie nieuwe buren. Twee van die nieuwe tuinders haakten vrij snel af en de voorzitter van het moestuincomplex kwam eens voorzichtig informeren of wij dat stuk grond er misschien bij wilde hebben. Na enige discussie hebben we dat aanbod aangenomen, met het gevolg dat we nu een moestuin hebben van ruim 385m2. De bedoeling was een kas te plaatsen, maar dat is er nooit van gekomen. Wel hebben we de windkamer van onze tuinbuurman overgenomen en meer fruitbomen geplant zodat het werk in de tuin behapbaar bleef voor ons tweeën.

Een windkamer is een hek met daartussen heel fijn gaas dat de wind tegenhoudt. In de windkamer is het gauw een graad of tien warmer dan op de rest van de tuin en daar kunnen we dus wind-, en temperatuurgevoelige planten zetten. We telen daar kruiden, tomaten, paprika en augurken. Vorig jaar hebben we er een druivenrank gezet. Vroeg in het voorjaar was het een paar dagen zonnig en warm en de gojibes en de kiwistruik liepen al uit. Maar de druif deed nog niks. Het was dan ook te vroeg; de kiwi werd geraakt door een late nachtvorst en moest helemaal opnieuw beginnen. De gojibes is blijkbaar minder gevoelig voor kou en tegenslag en bleef vrolijk blaadjes ontvouwen. Ook de kiwi krabbelde weer op en begon opnieuw uit te lopen. De bramen, de frambozen en de aalbessen gaven ook aan dat ze klaar waren om groen te worden, te gaan bloeien en vrucht te gaan dragen. Maar de druif bleef kaal. Ik begon me echt zorgen te maken dat hij bevroren was, de winter niet overleefd had…maar op een dag zag ik dat de knoppen aan de rank dikker werden en heel langzaam ontstond er een groene waas van belofte.

Ik ben de ware wijnstok en mijn Vader is de landman. Elke rank aan Mij, die geen vrucht draagt, neemt Hij weg, en elke die wel vrucht draagt, snoeit Hij, opdat zij meer vrucht drage. Gij zijt nu rein om het woord, dat Ik tot u gesproken heb; blijft in Mij, gelijk Ik in u. Evenals de rank geen vrucht kan dragen uit zichzelf, als zij niet aan de wijnstok blijft, zo ook gij niet, indien gij in Mij niet blijft. Ik ben de wijnstok, gij zijt de ranken. Wie in Mij blijft, gelijk Ik in hem, die draagt veel vrucht, want zonder Mij kunt gij niets doen. Wie in Mij niet blijft, is buitengeworpen als de rank en is verdord, en men verzamelt ze en werpt ze in het vuur en zij worden verbrand. Indien gij in Mij blijft en mijn woorden in u blijven, vraagt wat gij maar wilt, en het zal u geworden. Hierin is mijn Vader verheerlijkt, dat gij veel vrucht draagt en gij zult mijn discipelen zijn.
Johannes 15:1‭-‬8 NBG51

Zo gaat het ook met ons. We lijken dood en onvruchtbaar maar als door een wonder geraakt door Zijn Liefde blijken we opeens toch levensvatbaar. Het enige wat we daarvoor hoeven doen is ons hart te openen voor de liefde van de Vader die ons door de Zoon wordt aangereikt. Dat is echte vrijheid. Dat is echte gehoorzaamheid. Niet doen wat een ander zegt omdat die ander het zegt, maar zelf denken en besluiten te doen wat goed is. En als we verdwalen, even niet meer weten welke kant op te gaan dan is God daar met aanwijzingen en advies en vergeving en barmhartigheid.

Dat is echte vrijheid! Niet die nepvrijheid die ons heden ten dage als een (vegan)worst voor de neus wordt gehouden, maar werkelijke, diepe persoonlijke vrijheid om zelf na te denken en zelf te besluiten gehoorzaam te zijn aan Zijn Woord. En zelf om vergeving kunnen en durven vragen als we (tijdelijk) de weg kwijt zijn.

Of, in de woorden van de zalige Columba Marmion (1858-1923): Naarmate de ziel vooruitgaat, de hinderpalen uit de weg ruimt, en haar innerlijk leven eenvormiger, regelmatiger en meer verenigd wordt, wordt de werking van God als krachtiger ervaren, omdat zij vrijer is om zich uit te drukken, omdat zij op minder weerstand en meer soepelheid in de ziel stuit; en dan vorderen wij snel op de weg naar volmaaktheid. (…) Onze Heer heeft ons zo duidelijk deze wezenlijke leer gegeven: “Ik ben de wijnstok, gij zijt de takken; blijft in Mij, opdat gij vrucht draagt, want zonder Mij kunt gij niets doen” (Joh. 15, 5).

Om de ziel te doen groeien, is er vrijheid nodig. Vrijheid om je eigen fouten te kunnen maken. Vrijheid om de weg te gaan die nodig is, om die dingen tegen te komen die je vooruit helpen. Vrijheid om eigen beslissingen te kunnen nemen, zelfs als het onjuiste keuzes betreft. De vrijheid om je eigen mens te worden, je eigen mens te zijn. Zoals mijn vader ooit schreef in mijn poesiealbum: wees jezelf en word zo iemand, lukt dat niet dan ben je niemand.

Buren

Een goede buur is beter dan een verre vriend. Ik probeer een goede buur te zijn voor onze buren. We wonen in een straat vlakbij het centrum. We hebben weliswaar een vrijstaand huis, maar de huizen staan hier toch dicht op elkaar. De meeste mensen wonen hier al lang. De meeste zelfs langer dan ik, zelfs Henk woont hier al langer dan ik! 😀 Alle buren hebben zo hun eigen eigenaardigheden en dat geeft niks. Zelf speel ik nogal veel uren per dag op de piano en/of het orgel en/of het spinet en Henk speelt eveneens uren per dag gitaar en/of contrabas. Dat heb je met musici. De meeste buren kunnen dat niet horen, tenzij ik ramen en deuren wagenwijd openzet. Soms doe ik dat expres en dan zet ik een bord, banken en een collecteschaal buiten: voor de muziek.

Ik probeer alleen te zeggen dat ik de vrijheid die wij elkaar als buren gunnen heel belangrijk vind en dat ik absoluut niet wil oordelen over wat mijn buren (of andere mensen for that matter) achter gesloten gordijnen uitspoken. Maar de crux zit m nou net in die gesloten gordijnen…..De buurman een paar huizen verderop (ik hoop oprecht dat niemand gaat bedenken wie dat is of zou kunnen zijn: een anonieme buurman!) heeft onlangs zijn huis verbouwd. Waar eerst zijn keuken was, is nu zijn slaapkamer. Hij verhuurt zijn huis veelvuldig aan badgasten dus ik neem aan dat hij gewoon wat extra ruimte nodig had. Geen enkel probleem. Alleen….ik slaap altijd buiten en als ik op mijn linkerzij ga liggen, kijk ik zo zijn slaapkamer in. En hij heeft geen gordijnen opgehangen. En precies waar mijn blik valt, hangt een enorme televisie. Ik bedoel echt een ENORME televisie; ik kan de ondertiteling zonder enige moeite lezen, zo groot. En hij kijkt elke nacht porno. Nogmaals ik heb er niks op tegen, maar ik heb er ook niks mee (niet alleen porno, ook seks kan me gestolen worden, eerlijk gezegd) Ik heb mijn hangmat al op duizend verschillende manieren opgehangen om mijn blikveld ergens anders te leggen en vannacht was het bijna gelukt, maar net niet. Ik heb toen mijn kussen als gordijn gebruikt. Ik denk toch maar de stoute schoenen aan moet trekken en de buurman moet gaan vragen alsnog gordijnen op te hangen. Of toch toegeven aan Henk die al weken zegt dat ik beneden moet gaan liggen; daar heb ik ook minder last van weer en wind.

Je kunt veel zeggen van onze buren, maar ze hebben in ieder geval een stuk leukere buren dan wij 😉

boekjes en boeken

Toen ik een jaar of 19, 20 was, had ik een vreemde voorliefde voor kleine boekjes. En dan bedoel ik echt kleine boekjes, van die boekjes die in je handpalm passen. Dat kwam zo: In de boekenkast van mijn moeder vond ik zo een boekje. De kaft was rood en de letters waren van goud, of tenminste goudkleurig. De kaft was verlucht met tierlantijnen, ook goud(kleurig) en de zijkant van het boek (zeg maar de randen van de bladzijden) eveneens. Ik was totaal bevangen door de schoonheid van de miniatuur. Ik pikte het uit de kast, las het en begon zo mijn verzameling mini-boekjes. Het was Het Huwelijksgeluk van L. Tolstoj. 😀

Overal waar ik kwam, bezocht ik de tweedehands boekwinkel en zocht van die kleine boekjes. Zo las ik in miniatuur uitgave o.a. The importance van being Earnest van Oscar Wilde, Hamlet van Shakespeare, brieven over literatuur van Marsman en Vestdijk en Brieven van Calamity Jane aan haar dochter. Een zeer uiteenlopende verzameling, al met al.

Op een dag vond ik ergens achteraf in een schimmige tweedehands boekwinkel De navolging van Christus van Thomas à Kempis (Augustijner kanunnik en mysticus) en De Geestelijke Oefeningen van Ignatius de Loyola (stichter van de sociëteit der Jezuïeten). Niet gehinderd door enige achtergrondkennis of kennis in het algemeen over het onderwerp of de schrijvers begon ik die boekjes te lezen. Met Thomas was ik niet gauw klaar; ik denk dat ik zeker drie jaar met dat boekje op zak heb rondgelopen. Steeds weer pakte ik het ter hand en las en dacht. Ik vond het intrigerend en moeilijk te begrijpen en ik heb dat boekje letterlijk stukgelezen. Heel anders ging dat met de Geestelijke Oefeningen. Ik vond het allemaal heel logisch en eenvoudig te begrijpen en ik kan me herinneren dat ik de hele tijd dacht: “dat doe ik allang. Dat doe ik ook zo. Dat heb ik zelf al bedacht.” En woorden van gelijke strekking. Toen ik het “uit” had, heb ik het in de kast gezet en zeker dertig jaar niet aan gedacht.

Heel veel omzwervingen later kwam ik in 2017 Jezuïeten tegen in mijn leven, in mijn werkzaam leven maar ook tijdens mijn zevende studie. Van één van die Jezuïeten, Nikolaas Sintobin, kreeg ik les in Ignatiaanse spiritualiteit. Ik heb een zeer dubbel gevoel bij Ignatiaanse spiritualiteit. Aan de ene kant denk ik dat het totaal niet aansluit bij mijn gedachtengoed en aan de andere kant vind ik het allemaal te logisch voor woorden. Ik weet nooit zeker of het nu juist als een puzzelstukje bij mij aansluit of dat ik er gewoon niets van begrijp en het helemaal niet bij mij past. En eerlijk gezegd hebben de jaren dat ik als kerkmusicus in een Jezuïetenkerk werkte alleen aan die verwarring bijgedragen. Aan de andere kant heb ik me nooit eerder (of later) zo thuis en op mijn gemak gevoeld als in die kerk…

Nikolaas is behalve internetpastor ook schrijver. Onlangs kwam zijn boek ‘Vertrouw op je gevoel. Keuzes maken met Ignatius van Loyola’ uit. Eerder las ik van zijn hand: Jezuïetengrappen, Leven met Ignatius op het kompas van de vreugde en Wat deed God voor Hij de wereld schiep. Ik ben niet zo’n fan van zijn schrijven, maar ik ben wel een groot fan van Nikolaas dus ik wil toch even reclame maken voor zijn nieuwste boek.

Ik heb dit boek natuurlijk gelezen met inmiddels enige voorkennis. De boodschap die Ignatius ons geeft door middel van Nikolaas’ schrijven is een heel belangrijke. Dit boek legt ontzettend goed uit wat de bedoeling is, wat onderscheiding betekent en hoe je dit zelf in je eigen leven kunt toepassen en begrijpen. Wat mij vooral stoort aan het boek zijn de talloze praktijkvoorbeelden. Wellicht is dit voor veel mensen juist heel fijn. In plaats van heel abstract komt het middels anekdotes van echte mensen heel dichtbij. Voor iemand als ik met HSP en een (te) groot inlevingsvermogen en fantasie leidt het alleen maar vreselijk af. In plaats van serieus na te denken over hoe onderscheiding in deze situatie toe te passen en hoe dat in mijn eigen leven gaat, vind ik mezelf een heel verhaal te bedenken omtrent de mensen in genoemd praktijkvoorbeeld. Het duurde even voor ik begreep dat ik die voorbeelden gewoon over moest slaan. Dat kan vrij gemakkelijk omdat ze weliswaar in de tekst staan, maar schuingedrukt. Dus als je bang bent dat de praktijkvoorbeelden afleiden in plaats van verduidelijken, neem dan mijn raad aan en lees het boek en sla alle schuingedrukte stukjes over.

Als je enigszins geïnteresseerd bent in spiritualiteit in het algemeen en Ignatiaanse spiritualiteit in het bijzonder, raad ik je aan dit boek te lezen. Nikolaas weet waar hij over praat. Hij kan het zo uitleggen dat iedereen het kan begrijpen, terwijl het toch ingewikkelde materie is. Wist je trouwens dat hij ook de bedenker is van de gebedsapp BiddenOnderweg? https://biddenonderweg.org/ Een heel mooie en eenvoudige manier om dagelijks bidden tot goede gewoonte te maken.

Koop het boek hier: https://www.bol.com/nl/p/vertrouw-op-je-gevoel/9300000016761926/?bltgh=gQgOFQSr5hvvIwmMVEhDyg.2_9.10.ProductImage