overbodige mededelingen

Het fijnste van het internet vind ik dat ik nooit meer naar een winkel hoef. Naar een winkel gaan is voor mij een regelrechte ramp. Ik kan nooit iets vinden. Ik word zenuwachtig als goedbedoelend personeel komt vragen of ik hulp nodig heb. En ik heb er een pesthekel aan als mensen aan me komen en op de een of andere manier vindt personeel in een kledingzaak dat de normaalste zaak van de wereld. En dan heb ik het nog niet eens over de supermarkt.

Vroeger, toen ik nog weleens in een winkel kwam, stippelde ik een zorgvuldige route uit door de supermarkt zodat ik de schappen waarin mijn dode vriendjes in stukken gehakt aangeboden worden, kon vermijden. Dat klinkt misschien overdreven maar gister nog had ik een onbedaarlijke huilbui omdat ik per ongeluk tijdens het wassen van de spinazie een rups van een koolwitje had verdronken. Henk kwam me troosten en vroeg: wat is er aan de hand? Ik snikte dat ik een rups had vermoord, waarop hij zei dat het hooguit dood door schuld was.

En dan komt er altijd een dag dat je in de supermarkt komt en dat alles opeens ergens anders staat. Waar eerst de suiker stond, staat nu de deodorant en waar eerst groente en fruit lag, ligt nu het vlees. Weg mijn zorgvuldig uitgestippelde route! Ik kan weer helemaal opnieuw beginnen. Henk zegt dat afwisseling goed is, maar ik ben een groot fan van homeostase.

De laatste keer dat de supermarkt op de hoek verbouwde hebben ze alle vega-producten tussen het vlees en de vis in geplaatst. Onbegrijpelijk en ook onverteerbaar voor mij….Sindsdien ben ik niet meer in die winkel geweest. En eerlijk gezegd ben ik al bijna anderhalf jaar in geen enkele winkel geweest. Het meeste maak ik zelf en wat we uit de supermarkt nodig hebben (bier en postzegels) haalt Henk wel. En zelfs de meeste dingen die Henk nu in de supermarkt haalt, zou ik online kunnen bestellen.

Vroeger bestelde ik iets online en ging dan gespannen wachten op het pakje. Dat duurde soms twee dagen en soms twee weken. Het was altijd een verrassing. Soms duurde het zó lang dat ik allang weer vergeten was wat ik besteld had. Dan was het net een beetje Sinterklaas 🙂 Maar tegenwoordig!!!! Het gaat zo:

Ik bestel iets bij een webwinkel en betaal vooraf. Ik krijg dan onmiddellijk een mailtje van de webwinkel én van de bank dat ik iets besteld en betaald heb. Vervolgens krijg ik de volgende mails van de webwinkel 1. Bedankt voor uw bestelling. We gaan voor u aan de slag ja, duh! dat mag ik hopen; daar betaal ik jullie voor tenslotte 2. uw bestelling is gereed. 3. wij hebben uw bestelling overgeleverd aan het vervoersbedrijf 4. hier is de factuur van uw bestelling.

Vervolgens het vervoersbedrijf: 1. wij hebben voor u een pakket aangenomen van webwinkel X 2. wij hebben uw pakket verwerkt 3. wij hebben uw pakket overgeleverd aan de bezorger 4. de bezorger komt morgen bij u langs tussen X en Y 5. vandaag staat de bezorger bij u voor de deur tussen X en Y. 6. de bezorger komt bij u langs tussen x en y (kleiner tijdsbestek) 7. de bezorger is bij u langs geweest en heeft een pakket bij u afgeleverd En dan de webwinkel weer: Uw pakket is aangekomen, veel plezier ermee. En dan het vervoersbedrijf: wat vond u van de service? En dan de webwinkel: wat vond u van de service? Of (nog erger) wat vindt u van deze email? Oké, daar kan ik kort over zijn, TOTAAL OVERBODIG.

Als ik iets bestel en betaal, dan vertrouw ik er op dat het pakket mijn kant op komt. Ik ga toch ook niet mijn opnametechnicus of mijn publiek de hele tijd mailen met mededelingen als: ik heb nu de ideale vingerzetting gevonden voor maat 36 en 37. Of: ik heb het tempo van dat ene stuk toch nog iets verhoogt. Nee, als ik afspreek dat ik iets zal spelen, dan moet men er maar op vertrouwen dat ik het ook kan en zal spelen op de afgesproken tijd!

Het schijnt dat er zó weinig vertrouwen is in de wereld dat iedereen zelfs het werk waar hij voor aangenomen is van A tot Z moet verantwoorden. Elkaar íets meer ruimte en vertrouwen schenken, lijkt me toch echt geen overbodige luxe.

wijnstok en wijngaardenier

Vier jaar geleden verhuisde onze tuinbuurman. Dat vonden wij heel jammer. Niet alleen was hij een fijne tuinbuurman die geen gif gebruikte en met wie we een goed contact hadden, maar ook hadden wij zijn twee kinderen op muziekles. De oudste speelde gitaar bij Henk en de jongste piano bij mij. En er is weinig zo vreugdevol voor een muziekdocent ijverige en getalenteerde kinderen op les te hebben.

Het eerste tuinseizoen na hun verhuizing was zijn tuin in drie stukken verdeeld en hadden we opeens drie nieuwe buren. Twee van die nieuwe tuinders haakten vrij snel af en de voorzitter van het moestuincomplex kwam eens voorzichtig informeren of wij dat stuk grond er misschien bij wilde hebben. Na enige discussie hebben we dat aanbod aangenomen, met het gevolg dat we nu een moestuin hebben van ruim 385m2. De bedoeling was een kas te plaatsen, maar dat is er nooit van gekomen. Wel hebben we de windkamer van onze tuinbuurman overgenomen en meer fruitbomen geplant zodat het werk in de tuin behapbaar bleef voor ons tweeën.

Een windkamer is een hek met daartussen heel fijn gaas dat de wind tegenhoudt. In de windkamer is het gauw een graad of tien warmer dan op de rest van de tuin en daar kunnen we dus wind-, en temperatuurgevoelige planten zetten. We telen daar kruiden, tomaten, paprika en augurken. Vorig jaar hebben we er een druivenrank gezet. Vroeg in het voorjaar was het een paar dagen zonnig en warm en de gojibes en de kiwistruik liepen al uit. Maar de druif deed nog niks. Het was dan ook te vroeg; de kiwi werd geraakt door een late nachtvorst en moest helemaal opnieuw beginnen. De gojibes is blijkbaar minder gevoelig voor kou en tegenslag en bleef vrolijk blaadjes ontvouwen. Ook de kiwi krabbelde weer op en begon opnieuw uit te lopen. De bramen, de frambozen en de aalbessen gaven ook aan dat ze klaar waren om groen te worden, te gaan bloeien en vrucht te gaan dragen. Maar de druif bleef kaal. Ik begon me echt zorgen te maken dat hij bevroren was, de winter niet overleefd had…maar op een dag zag ik dat de knoppen aan de rank dikker werden en heel langzaam ontstond er een groene waas van belofte.

Ik ben de ware wijnstok en mijn Vader is de landman. Elke rank aan Mij, die geen vrucht draagt, neemt Hij weg, en elke die wel vrucht draagt, snoeit Hij, opdat zij meer vrucht drage. Gij zijt nu rein om het woord, dat Ik tot u gesproken heb; blijft in Mij, gelijk Ik in u. Evenals de rank geen vrucht kan dragen uit zichzelf, als zij niet aan de wijnstok blijft, zo ook gij niet, indien gij in Mij niet blijft. Ik ben de wijnstok, gij zijt de ranken. Wie in Mij blijft, gelijk Ik in hem, die draagt veel vrucht, want zonder Mij kunt gij niets doen. Wie in Mij niet blijft, is buitengeworpen als de rank en is verdord, en men verzamelt ze en werpt ze in het vuur en zij worden verbrand. Indien gij in Mij blijft en mijn woorden in u blijven, vraagt wat gij maar wilt, en het zal u geworden. Hierin is mijn Vader verheerlijkt, dat gij veel vrucht draagt en gij zult mijn discipelen zijn.
Johannes 15:1‭-‬8 NBG51

Zo gaat het ook met ons. We lijken dood en onvruchtbaar maar als door een wonder geraakt door Zijn Liefde blijken we opeens toch levensvatbaar. Het enige wat we daarvoor hoeven doen is ons hart te openen voor de liefde van de Vader die ons door de Zoon wordt aangereikt. Dat is echte vrijheid. Dat is echte gehoorzaamheid. Niet doen wat een ander zegt omdat die ander het zegt, maar zelf denken en besluiten te doen wat goed is. En als we verdwalen, even niet meer weten welke kant op te gaan dan is God daar met aanwijzingen en advies en vergeving en barmhartigheid.

Dat is echte vrijheid! Niet die nepvrijheid die ons heden ten dage als een (vegan)worst voor de neus wordt gehouden, maar werkelijke, diepe persoonlijke vrijheid om zelf na te denken en zelf te besluiten gehoorzaam te zijn aan Zijn Woord. En zelf om vergeving kunnen en durven vragen als we (tijdelijk) de weg kwijt zijn.

Of, in de woorden van de zalige Columba Marmion (1858-1923): Naarmate de ziel vooruitgaat, de hinderpalen uit de weg ruimt, en haar innerlijk leven eenvormiger, regelmatiger en meer verenigd wordt, wordt de werking van God als krachtiger ervaren, omdat zij vrijer is om zich uit te drukken, omdat zij op minder weerstand en meer soepelheid in de ziel stuit; en dan vorderen wij snel op de weg naar volmaaktheid. (…) Onze Heer heeft ons zo duidelijk deze wezenlijke leer gegeven: “Ik ben de wijnstok, gij zijt de takken; blijft in Mij, opdat gij vrucht draagt, want zonder Mij kunt gij niets doen” (Joh. 15, 5).

Om de ziel te doen groeien, is er vrijheid nodig. Vrijheid om je eigen fouten te kunnen maken. Vrijheid om de weg te gaan die nodig is, om die dingen tegen te komen die je vooruit helpen. Vrijheid om eigen beslissingen te kunnen nemen, zelfs als het onjuiste keuzes betreft. De vrijheid om je eigen mens te worden, je eigen mens te zijn. Zoals mijn vader ooit schreef in mijn poesiealbum: wees jezelf en word zo iemand, lukt dat niet dan ben je niemand.

Buren

Een goede buur is beter dan een verre vriend. Ik probeer een goede buur te zijn voor onze buren. We wonen in een straat vlakbij het centrum. We hebben weliswaar een vrijstaand huis, maar de huizen staan hier toch dicht op elkaar. De meeste mensen wonen hier al lang. De meeste zelfs langer dan ik, zelfs Henk woont hier al langer dan ik! 😀 Alle buren hebben zo hun eigen eigenaardigheden en dat geeft niks. Zelf speel ik nogal veel uren per dag op de piano en/of het orgel en/of het spinet en Henk speelt eveneens uren per dag gitaar en/of contrabas. Dat heb je met musici. De meeste buren kunnen dat niet horen, tenzij ik ramen en deuren wagenwijd openzet. Soms doe ik dat expres en dan zet ik een bord, banken en een collecteschaal buiten: voor de muziek.

Ik probeer alleen te zeggen dat ik de vrijheid die wij elkaar als buren gunnen heel belangrijk vind en dat ik absoluut niet wil oordelen over wat mijn buren (of andere mensen for that matter) achter gesloten gordijnen uitspoken. Maar de crux zit m nou net in die gesloten gordijnen…..De buurman een paar huizen verderop (ik hoop oprecht dat niemand gaat bedenken wie dat is of zou kunnen zijn: een anonieme buurman!) heeft onlangs zijn huis verbouwd. Waar eerst zijn keuken was, is nu zijn slaapkamer. Hij verhuurt zijn huis veelvuldig aan badgasten dus ik neem aan dat hij gewoon wat extra ruimte nodig had. Geen enkel probleem. Alleen….ik slaap altijd buiten en als ik op mijn linkerzij ga liggen, kijk ik zo zijn slaapkamer in. En hij heeft geen gordijnen opgehangen. En precies waar mijn blik valt, hangt een enorme televisie. Ik bedoel echt een ENORME televisie; ik kan de ondertiteling zonder enige moeite lezen, zo groot. En hij kijkt elke nacht porno. Nogmaals ik heb er niks op tegen, maar ik heb er ook niks mee (niet alleen porno, ook seks kan me gestolen worden, eerlijk gezegd) Ik heb mijn hangmat al op duizend verschillende manieren opgehangen om mijn blikveld ergens anders te leggen en vannacht was het bijna gelukt, maar net niet. Ik heb toen mijn kussen als gordijn gebruikt. Ik denk toch maar de stoute schoenen aan moet trekken en de buurman moet gaan vragen alsnog gordijnen op te hangen. Of toch toegeven aan Henk die al weken zegt dat ik beneden moet gaan liggen; daar heb ik ook minder last van weer en wind.

Je kunt veel zeggen van onze buren, maar ze hebben in ieder geval een stuk leukere buren dan wij 😉

boekjes en boeken

Toen ik een jaar of 19, 20 was, had ik een vreemde voorliefde voor kleine boekjes. En dan bedoel ik echt kleine boekjes, van die boekjes die in je handpalm passen. Dat kwam zo: In de boekenkast van mijn moeder vond ik zo een boekje. De kaft was rood en de letters waren van goud, of tenminste goudkleurig. De kaft was verlucht met tierlantijnen, ook goud(kleurig) en de zijkant van het boek (zeg maar de randen van de bladzijden) eveneens. Ik was totaal bevangen door de schoonheid van de miniatuur. Ik pikte het uit de kast, las het en begon zo mijn verzameling mini-boekjes. Het was Het Huwelijksgeluk van L. Tolstoj. 😀

Overal waar ik kwam, bezocht ik de tweedehands boekwinkel en zocht van die kleine boekjes. Zo las ik in miniatuur uitgave o.a. The importance van being Earnest van Oscar Wilde, Hamlet van Shakespeare, brieven over literatuur van Marsman en Vestdijk en Brieven van Calamity Jane aan haar dochter. Een zeer uiteenlopende verzameling, al met al.

Op een dag vond ik ergens achteraf in een schimmige tweedehands boekwinkel De navolging van Christus van Thomas à Kempis (Augustijner kanunnik en mysticus) en De Geestelijke Oefeningen van Ignatius de Loyola (stichter van de sociëteit der Jezuïeten). Niet gehinderd door enige achtergrondkennis of kennis in het algemeen over het onderwerp of de schrijvers begon ik die boekjes te lezen. Met Thomas was ik niet gauw klaar; ik denk dat ik zeker drie jaar met dat boekje op zak heb rondgelopen. Steeds weer pakte ik het ter hand en las en dacht. Ik vond het intrigerend en moeilijk te begrijpen en ik heb dat boekje letterlijk stukgelezen. Heel anders ging dat met de Geestelijke Oefeningen. Ik vond het allemaal heel logisch en eenvoudig te begrijpen en ik kan me herinneren dat ik de hele tijd dacht: “dat doe ik allang. Dat doe ik ook zo. Dat heb ik zelf al bedacht.” En woorden van gelijke strekking. Toen ik het “uit” had, heb ik het in de kast gezet en zeker dertig jaar niet aan gedacht.

Heel veel omzwervingen later kwam ik in 2017 Jezuïeten tegen in mijn leven, in mijn werkzaam leven maar ook tijdens mijn zevende studie. Van één van die Jezuïeten, Nikolaas Sintobin, kreeg ik les in Ignatiaanse spiritualiteit. Ik heb een zeer dubbel gevoel bij Ignatiaanse spiritualiteit. Aan de ene kant denk ik dat het totaal niet aansluit bij mijn gedachtengoed en aan de andere kant vind ik het allemaal te logisch voor woorden. Ik weet nooit zeker of het nu juist als een puzzelstukje bij mij aansluit of dat ik er gewoon niets van begrijp en het helemaal niet bij mij past. En eerlijk gezegd hebben de jaren dat ik als kerkmusicus in een Jezuïetenkerk werkte alleen aan die verwarring bijgedragen. Aan de andere kant heb ik me nooit eerder (of later) zo thuis en op mijn gemak gevoeld als in die kerk…

Nikolaas is behalve internetpastor ook schrijver. Onlangs kwam zijn boek ‘Vertrouw op je gevoel. Keuzes maken met Ignatius van Loyola’ uit. Eerder las ik van zijn hand: Jezuïetengrappen, Leven met Ignatius op het kompas van de vreugde en Wat deed God voor Hij de wereld schiep. Ik ben niet zo’n fan van zijn schrijven, maar ik ben wel een groot fan van Nikolaas dus ik wil toch even reclame maken voor zijn nieuwste boek.

Ik heb dit boek natuurlijk gelezen met inmiddels enige voorkennis. De boodschap die Ignatius ons geeft door middel van Nikolaas’ schrijven is een heel belangrijke. Dit boek legt ontzettend goed uit wat de bedoeling is, wat onderscheiding betekent en hoe je dit zelf in je eigen leven kunt toepassen en begrijpen. Wat mij vooral stoort aan het boek zijn de talloze praktijkvoorbeelden. Wellicht is dit voor veel mensen juist heel fijn. In plaats van heel abstract komt het middels anekdotes van echte mensen heel dichtbij. Voor iemand als ik met HSP en een (te) groot inlevingsvermogen en fantasie leidt het alleen maar vreselijk af. In plaats van serieus na te denken over hoe onderscheiding in deze situatie toe te passen en hoe dat in mijn eigen leven gaat, vind ik mezelf een heel verhaal te bedenken omtrent de mensen in genoemd praktijkvoorbeeld. Het duurde even voor ik begreep dat ik die voorbeelden gewoon over moest slaan. Dat kan vrij gemakkelijk omdat ze weliswaar in de tekst staan, maar schuingedrukt. Dus als je bang bent dat de praktijkvoorbeelden afleiden in plaats van verduidelijken, neem dan mijn raad aan en lees het boek en sla alle schuingedrukte stukjes over.

Als je enigszins geïnteresseerd bent in spiritualiteit in het algemeen en Ignatiaanse spiritualiteit in het bijzonder, raad ik je aan dit boek te lezen. Nikolaas weet waar hij over praat. Hij kan het zo uitleggen dat iedereen het kan begrijpen, terwijl het toch ingewikkelde materie is. Wist je trouwens dat hij ook de bedenker is van de gebedsapp BiddenOnderweg? https://biddenonderweg.org/ Een heel mooie en eenvoudige manier om dagelijks bidden tot goede gewoonte te maken.

Koop het boek hier: https://www.bol.com/nl/p/vertrouw-op-je-gevoel/9300000016761926/?bltgh=gQgOFQSr5hvvIwmMVEhDyg.2_9.10.ProductImage

Maria

Wij noemen haar: Vrouw van zeven smarten (En Simeon zegende hen en zeide tot Maria, zijn moeder: Zie, deze is gesteld tot een val en opstanding van velen in Israël en tot een teken, dat weersproken wordt – en door uw eigen ziel zal een zwaard gaan –, opdat de overleggingen uit vele harten openbaar worden. Lc 2, 34-35)

Wij noemen haar: Koningin van de hemel (En er werd een groot teken in de hemel gezien: een vrouw, met de zon bekleed, met de maan onder haar voeten en een krans van twaalf sterren op haar hoofd. Openb.12, 1)

Wij noemen haar: heilige Maagd (En Maria zeide tot de engel: Hoe zal dat geschieden, daar ik geen omgang met een man heb? En de engel antwoordde en zeide tot haar: De heilige Geest zal over u komen en de kracht des Allerhoogsten zal u overschaduwen; daarom zal ook het heilige, dat verwekt wordt, Zoon Gods genoemd worden. Lc. 1, 34-35)

Wij noemen haar Maria, dochter van God de Vader, Moeder van God de Zoon en Bruid van God de Geest.

Wij noemen haar: Moeder (En bij het kruis van Jezus stonden zijn moeder en de zuster zijner moeder, Maria van Klopas en Maria van Magdala. Toen dan Jezus zijn moeder zag en de discipel, die Hij liefhad, bij haar staande, zeide Hij tot zijn moeder: Vrouw, zie, uw zoon. Daarna zeide Hij tot de discipel: Zie, uw moeder. En van dat uur af nam de discipel haar bij zich in huis. Joh. 19, 25-27) En met die woorden heeft Jezus Zijn eigen geliefde moeder als moeder aan ons gegeven. Maria is een heiligdom op zich, bewoond door de heilige Drie-Eenheid. Na haar totale overgave aan het werk van Haar Zoon, werd zij met lichaam en ziel in de hemel opgenomen. Zij waakt over ons en bidt voor ons. Het mysterie dat er in de hemel een warm, menselijk, moederlijk hart voor ons klopt, is een belangrijk geheim. Onze Moeder, de Vrouw van alle volken, de Moeder van de eeuwigdurende bijstand. Maria is bekend onder een heleboel namen. Kapellen, kerken en heiligdommen aan haar gewijd zijn talrijk en overal te vinden.

Morgen begint de maand mei, de maand toegewijd aan Maria. We zingen dan Gekomen is Uw lieve mei en bidden dagelijks de rozenkrans.

Gekomen is Uw lieve Mei, Maria En op het veld de bloemensprei, Maria. Bloemen, die wij plukken gaan, Daar ze rijk te bloeien staan. Ave, ave Maria, Voor U, de Vrouwe van de Mei, Maria! Wij knielen ’s avonds voor Uw beeld, Maria; U wijden wij ons onverdeeld, Maria. Met de bloemen en de zang En wij bidden, zingen lang: Ave, ave Maria, Tot Gij Uw gunsten aan ons deelt, Maria! Zo helder schijnt het witte licht, Maria, Der kaarsen op uw lief gezicht, Maria. Goedig ziet gij op ons neer Als een Moeder goed en teer. Ave, ave Maria; Uw ogen steeds op ons gericht, Maria! https://youtu.be/xmhKLCNwba8 Er zijn nog veel meer Marialiederen te vinden. De een nog zoeter dan de ander. En sommige ook echt heel mooi. Ik heb deze uitgekozen omdat die specifiek over de meimaand Mariamaand gaat.

het rozenkransgebed

Voor het bidden van de rozenkrans zijn er vier keer vijf geheimen. De blijde geheimen worden gebeden op maandag en zaterdag, de geheimen van het licht op donderdag, de droevige geheimen op dinsdag en vrijdag en de glorierijke geheimen op woensdag en Zondag. Natuurlijk kun je altijd afwijken en zijn er diverse redenen te bedenken waarom je dat zou doen. Zo heb ik een gebedsgroepje dat samenkomt om de rozenkrans te bidden op elke woensdagmorgen in mei. Dat zou betekenen dat we nooit anders dan de glorierijke geheimen zouden bidden als we ons strak aan dit rooster zouden houden.

De geheimen zijn onderdeel van het rozenkransgebed om te kunnen bezinnen op de gebeurtenissen die het fundament vormen van het Christelijk leven. De geheimen van het licht zijn in 2002 door paus Johannes Paulus II aan het rozenkransgebed toegevoegd. Hij schreef dat het bidden van de rozenkrans in alle soberheid de diepgang van een volledige boodschap van het evangelie is. Alleen al het lezen van de geheimen geeft een vrij volledig beeld van het leven en werk van Jezus. Zeker als de achterliggende verhalen min of meer bekend zijn. Ik zal de geheimen hier noemen met de plaats waar je het bijbehorende verhaal in de bijbel kunt vinden.

Blijde geheimen: 1. De engel Gabriël brengt de blijde boodschap aan Maria (Lc.1, 26-38) 2. Maria bezoekt haar nicht Elisabet (Lc.1, 39-55) 3. Jezus wordt geboren in de stal van Bethlehem (Lc.2, 7-12) 4. Jezus wordt in de tempel opgedragen (Lc.2, 22-35) 5. Jezus wordt in de tempel teruggevonden.

Geheimen van het licht: 1. Jezus wordt gedoopt in de Jordaan (Lc. 3, 16-22) 2. Jezus openbaart zichzelf bij de bruiloft van Kana (Joh. 2, 1-11) 3. Jezus verkondigt het Rijk Gods en roept op tot bekering (Mc. 1, 14-15) 4.Jezus verandert van gedaante op de berg Tabor (Mc. 9, 2-9) *Zie ook mijn bericht Dat gedoe op die berg https://juniperpiarachel.com/2021/02/28/dat-gedoe-op-die-berg/ 5. Jezus stelt de eucharistie in tijdens het Laatste Avondmaal.

Droevige geheimen: 1. Jezus bidt in doodsangst tot zijn hemelse vader (Lc.22, 44/Mc. 14, 32-45) 2. Jezus wordt gegeseld (Joh.18, 38-40/Joh. 19, 1) 3. Jezus wordt met doornen gekroond (Mt. 27, 27-31) 4. Jezus draagt zijn kruis naar Golgotha (Mc 15, 20-22) 5. Jezus sterft aan het kruis (Lc. 23, 33-34/Joh. 19, 26-34)

Glorievolle geheimen: 1. Jezus verrijst uit de doden (Joh.20, 11-17) 2. Jezus stijgt op ten hemel (Hand. 1, 3-11) 3. De heilige Geest daalt neer over de apostelen (Hnd.1, 14/Hnd.2, 1-4) 4. Maria wordt in de hemel opgenomen (Lc.1, 46-48) 5. Maria wordt in de hemel gekroond (Apk.12, 1-5/Apk.5, 9-10)

En het is mooi als je tot slot van het gebed nog even voor haar zingt. In de tijd door het jaar het Salve Regina en in de Paastijd Regina caeli. Ik dacht dat vanochtend even leuk op te nemen op de tuin met uitzicht op de bloeiende pruimenboom. Helaas houdt Reinier niet van zingen en gaat hij er doorheen blaffen. Nu ja, dat maakt het authentiek, zullen we maar zeggen. 😉 Ik verwacht heus niet dat iedereen nu opeens de hele maand mei de rozenkrans gaat bidden! Maar wellicht dat er komende maand wat meer gedachten en schietgebedjes haar kant op gaan. Ik gun iedereen de warmte, barmhartigheid en liefde van haar moederhart. ❤

Regina caeli laetare, alleluia; quia quem meruisti portare, alleluia; ressurexit, sicut dixit, alleluia; ora pro nobis Deum, alleluia (Koningin des hemels, verheug u, alleluia; want Hij die gij gedragen hebt, alleluia; is verrezen, zoals Hij gezegd heeft, alleluia; bid voor ons bij God, alleluia)
Salve regina

Salve Regina, mater misericordiae, vita dulcedo et spes nostra salve. Ad te clamamus, exules, filii Hevae. Ad te suspiramus, gementes et flentes in hac lacrimarum valle. Eia ergo, advocata nostra, illos tuos misericordes oculos ad nos converte. Et Jesum, benedictum fructum ventris tui, nobis post hoc exsilium ostende. O clemens, o pia, o dulcis virgo Maria. (Wees gegroet, Koningin, moeder van barmhartigheid; ons leven, onze vreugde en onze hoop, wees gegroet. Tot u roepen wij, ballingen, kinderen van Eva; tot u smeken wij, zuchtend en wenend in dit dal van tranen. Daarom dan, onze voorspreekster, sla op ons uw barmhartige ogen; en toon ons, na deze ballingschap, Jezus, de gezegende vrucht van uw schoot. O goedertieren, o liefdevolle, o zoete maagd Maria.

traditie?

De liefde vergaat nimmermeer; maar profetieën, zij zullen afgedaan hebben; tongen, zij zullen verstommen; kennis, zij zal afgedaan hebben. Want onvolkomen is ons kennen en onvolkomen ons profeteren. Doch, als het volmaakte komt, zal het onvolkomene afgedaan hebben. Toen ik een kind was, sprak ik als een kind, voelde ik als een kind, overlegde ik als een kind. Nu ik een man ben geworden, heb ik afgelegd wat kinderlijk was. Want nu zien wij nog door een spiegel, in raadselen, doch straks van aangezicht tot aangezicht. Nu ken ik onvolkomen, maar dan zal ik ten volle kennen, zoals ik zelf gekend ben. Zo blijven dan: Geloof, hoop en liefde, deze drie, maar de meeste van deze is de liefde. 1 Kor.13, 8-13

Zoals elke koningsdag (en voorheen elke koninginnedag) stonden er vanochtend om 8.00 twee trompetters op de kerktoren het volkslied te blazen. Omdat ik buiten slaap, was het alsof ze op het balkon van de buren stonden. Ik ben heel vaak boven op die toren geweest. Het orgel in die kerk staat ongeveer ín het trappenhuis dus het is heel verleidelijk even verder te klimmen. Het is een hoge toren en ik begrijp dat ze die niet alleen voor het volkslied willen beklimmen. (Wil je meer lezen over deze kerk, klik dan hier: https://nl.wikipedia.org/wiki/De_Burght_(Den_Burg) ) Maar echt serieus! Na het volkslied werd ik vergast op een aantal vaderlandsche liederen waarvan ik echt denk dat dat niet meer kan. De tekst van het volkslied zelf vind ik al vrij dubieus, eerlijk gezegd. We zingen eigenlijk alleen couplet één en zes, maar kijk eens naar couplet zeven, negen of elf (ter informatie: er zijn vijftien coupletten.)

7: Van al die mij bezwaren en mijn vervolgers zijn, mijn God, wil toch bewaren den trouwen dienaar dijn dat zij mij niet verrassen in hunnen bozen moed, hun handen niet en wassen in mijn onschuldig bloed! Oftewel God staat aan onze kant en zal de vijand wel even voor ons de kop afslaan, voordat zij ons de kop afslaan. Mmm, ten eerste denk ik dat God zich niet voor welk karretje dan ook maar laat spannen. En ten tweede is het helemaal niet gezegd dat de vijand, de vervolger, niet net zo hard tot God bidt om overwinning.

op de toren van De Burcht, Den Burg met mijn nichtje Cecilia (2013)

En dan die Nederlandse volksliederen, schaamteloos generaliserend. Ferme jongens, stoere knapen
Foei hoe suffend sta je daar
Zijt ge dan niet welgeschapen
Zijt ge niet van zessen klaar
Schaam je jongens en ga mee
Naar de zee, naar de zee
Schaam je jongens en ga mee
Naar de zee, naar de zee

Vroeger was er geen aandacht voor diversiteit. Jongens werden opgevoed tot mannen die niet huilen, hard werken en voor vrouw en kinderen te zorgen. Meisjes moesten met poppen spelen en helpen in de huishouding opdat ze later zelf een huishouden konden voeren, mits ze natuurlijk de geboorte van kind zes of zeven overleefde…Dit lijkt misschien achterhaald gedachtengoed, maar deze instelling van eeuwen speelt door tot in de kleinste details van onze samenleving. Plus het is nog helemaal niet zo lang geleden dat meisjes na de lagere school gewoon thuis bleven om te helpen met de huishouding totdat ze zelf gingen trouwen. Tot in de jaren zestig van de vorige eeuw was het gebruikelijk werkende vrouwen te ontslaan zodra ze gingen trouwen. En vrouwen kregen pas kiesrecht in 1917.

Traditie.

Ook zo een fraaie traditie in onze samenleving is het zwarte knechtje van Sint Nicolaas. Omwille van de traditie zijn veel mensen tegen de afschaffing, of het veranderen van de stereotiepe Zwarte Piet. Ze hebben het nooit als racistisch of discriminerend ervaren en ergeren zich aan het feit dat dat voor anderen anders voelt. Ze denken dat ze uitgemaakt worden voor racist en dat wil natuurlijk niemand! Maar niets is minder waar. Het is begrijpelijk dat mensen met mooie herinneringen aan het Sinterklaasfeest dit graag in ere willen houden, maar is het zo moeilijk te begrijpen dat onze traditie voor anderen wellicht aanstootgevend, pijnlijk zelfs kan zijn?

Pieterknecht die komt eraan, Pieterknecht de neger. Kijk eens, wat een Moriaan, ’t lijkt wel een schoorsteenveger! Mag ik je eens wassen, Pieterknecht? Het helpt niet, jongens, het zwart is echt.

Al is dit een onbekend sinterklaasliedje; het staat nog wel in het boek met sinterklaasliederen gedrukt in 1995! Ik hoop toch dat iedereen het met me eens is dat dit écht niet meer kan!

Zo gaat dat vaak met tradities. Iedereen is eraan gewend. Niemand kijkt of luistert meer kritisch. En als er dan iemand komt die zegt: mensheid, luister! Wat we doen, is niet goed. Het kwetst mensen onnodig en we kunnen er beter iets anders voor in de plaats doen, dan is het huis te klein en begint iedereen door elkaar te schreeuwen om de traditie te bewaren. En dan klinkt vaak de allergevaarlijkste zin die ik ken: we hebben het altijd zo gedaan. Het feit dat iets al lange tijd zo gedaan wordt, maakt het niet per definitie goed! Wellicht is het zelfs zo dat wanneer je een fout herhaalt en herhaalt, dit alleen nog maar fouter wordt…vooral als je er moedwillig mee doorgaat nadat iemand je gezegd heeft aanstoot te nemen aan je gedrag. Als je niet bereid ben gedrag te veranderen naar aanleiding van betere informatie, dan is er weinig hoop voor verandering. Wanneer je zegt: we hebben het altijd zo gedaan, sluit je je oren en hart voor kritiek die misschien pijnlijk is, maar zeker kan leiden tot verbetering. Dit is allemaal groei en bij groeien hoort nu eenmaal groeipijn.

When you know better, you do better.

uitzicht vanaf de toren van De Burcht; als je weet waar ik woon, kun je mijn huis zien 😀

Roepingenzondag

Het is vandaag Roepingenzondag. Deze speciale Zondag werd in 1963 door de kerk ingevoerd. Oorspronkelijk bedoelt om te bidden om oprechte roepingen tot het priesterschap, diakenschap en het religieus leven. En niet alleen dat. Meer en meer wordt gevraagd, geroepen, om oprecht Christelijk leven. Er is aan onze kant van de wereld een enorm tekort aan priesters dus het is niet vreemd dat er veel aandacht in de parochies wordt besteed aan deze Zondag. En ook niet dat de mensen aangespoord worden zelfstandige en oprechte Christenen te zijn. Er zijn immers steeds minder priesters en diakens hen daarbij te helpen.

Een zeer goede vriend van mij viert vandaag zijn 45 jarig priesterjubileum. Ik vind het nogal bijzonder dat hij dat juist vandaag, op Roepingenzondag viert. Nu ja, hij viert het niet met een groot feest ofzo, maar toch. Toen hij priester gewijd werd, was het Beloken Pasen. Dat is de Eerste Zondag na Pasen. Dat komt, het Paasblok is een beweeglijk blok. Anders dan Kerstmis, wat we elk jaar op 25 december vieren, heeft Pasen geen vaste datum. Er komen heel wat ingewikkelde berekeningen bij kijken, maar simpel gezegd vieren we Pasen op de eerste Zondag na de eerste volle maan in de lente.

Pasen is niet alleen het belangrijkste, het is ook het oudste feest voor Christenen. De Paastijd loopt tot en met Pinksteren. De tijd vóór Pasen begint met de Aswoensdag (of misschien zelfs met de drie dagen ervoor: Carnaval). Aswoensdag is het startsignaal voor veertig dagen vasten. Model voor deze veertig dagen staan natuurlijk de veertig dagen die Jezus in de woestijn doorbracht. En Hij was aldaar in de woestijn veertig dagen, verzocht van den satan; en was bij de wilde gedierten; en de engelen dienden Hem. Marc. 4, 13

De tijd in het kerkelijk jaar die niets met Pasen of Kerst te maken heeft, noemen we gewoon de Tijd door het Jaar. Het Kerstfeest is parallel getrokken aan het Paasfeest. Er zijn wel andere historische bronnen die het bestaan van Jezus bevestigen, maar daarmee hebben we nog niet zijn geboortedag te pakken. Vroeger was er geen aandacht voor data. De meeste mensen wisten niet eens precies hoe oud ze waren, in welk jaar ze geboren waren. Laat staan op welke dag…dus toen de mensheid de geboorte van Christus wilde gaan vieren, hebben ze gewoon maar een datum geprikt. Dat is natuurlijk niet helemaal waar…..op 25 december werd er al sinds mensenheugenis een feest gevierd ter ere van het terugkomende licht. Het was handig en verstandig dit oude, heidense feest om te dopen. De kerk heeft Kerst zoveel mogelijk gemodelleerd naar Pasen. Zo duurt de Advent (de tijd vóór Kerst) ook veertig dagen (meestal vier, soms vijf Adventszondagen) vieren we op driekwart van die tijd een lichter feest omdat “het bijna zo ver is”. In de tijd voor Pasen is dat Zondag Laetare en in de Advent Zondag Gaudete. Beide Zondagen zijn vernoemd naar het eerste woord in de gregoriaanse introïtus en hebben als liturgische kleur roze. Ook dat is niet toevallig: in de Vasten en de Advent is de liturgische kleur paars en op deze Zondagen wordt het paars verlicht met wit en iedereen heeft op de kleuterschool geleerd dat paars met wit roze wordt. En precies negen maanden voor Kerst vieren we Maria Boodschap (op 25 maart) De engel Gabriël kwam Maria vertellen dat ze een kindje zou krijgen en de menselijke natuur in aanmerking genomen, moest dat negen maanden duren.

Gabriël kwam bij haar binnen en zei: ‘Ik wens u vrede toe! U bent een gelukkige vrouw. De Here zij met u!’ Maria raakte daardoor in de war en werd bang. Zij vroeg zich af wat hij bedoelde. ‘Wees niet bang, Maria,’ zei de engel, ‘want God heeft besloten u heel bijzonder te zegenen. U zult zwanger worden en een zoon krijgen, die u de naam Jezus moet geven. Hij zal een groot man zijn en Zoon van de Allerhoogste worden genoemd. Luc.1, 28-32

Er staat eigenlijk nergens dat Gabriel Maria vráágt of ze Jezus wil dragen. Toch wordt uit de rest van de tekst duidelijk dat Maria gehoorzaamt. Of toestemming geeft. Of misschien slechts haar lot aanvaard…

En Maria zeide: Zie, de dienstmaagd des Heren; mij geschiede naar uw woord. En de engel ging van haar heen. Luc.1, 38

Van de zeven kardinale deugden wordt gehoorzaamheid genoemd als de belangrijkste. Ik mis mijn dubbelleven. Jarenlang had ik het beste uit twee werelden. De ene helft van de week leefde ik op het platteland, liep ik vele kilometers per dag door polder, duin en langs het strand met of zonder hond, werkte ik in de moestuin en deelde ik mijn dag in zoals het mij uitkwam. De andere helft van de week leefde ik in de stad en stond mijn agenda vol met afspraken, lessen, vergaderen, repetities, concerten en opnames. Minstens twee keer per week (meestal vaker) was ik ergens in een kerk muziek aan het maken of aan het studeren en tussendoor las ik, reisde ik en onderhield ik sociale contacten. Nu probeer ik gehoorzaam te zijn aan langdurig op dezelfde plek vertoeven….het valt niet mee! 😉

Ik heb altijd gedacht dat mijn roeping tweeledig was. Aan de ene kant God eren met mooie muziek. Qui cantat, bis orat (wie zingt, bidt dubbel) en Ad maiorem Dei gloriam (Ter meerdere glorie van God) en dat soort dingen. En aan de andere kant mijn liefde voor de muziek doorgeven aan mijn leerlingen. Beide roepingen zijn onverminderd in mijn ziel aanwezig, maar het werken eraan is weggevallen en ik bleef achter als een leeg omhulsel…

Vandaag, op Roepingenzondag, ga ik toch maar eens nadenken over hoe ik gehoorzaam kan zijn aan mijn roepingen zonder mezelf te verliezen en mijn nieuw gevonden kijk op het leven te integreren. Ik ben bezig met een plan al deze dingen samen te voegen en als het lukt, wordt het een prachtige tweede helft! Een tweede roeping, zeg maar.

woestijn en oase

Mijn moeder is 89 jaar oud. 90, zegt ze zelf. Hoewel ze soms wat warrig is en veel dingen niet meer zelf kan, woont ze nog steeds thuis. Dat kan omdat we de mantelzorg verdelen en met hulp van de fantastische thuiszorgers hier in de buurt. Twee dagen in de week ben ik bij haar. De vorige keer dat ik er was, vertelde ze dat ze midden in de nacht wakker was geworden en niet wist waar ze was. Ze kon het écht niet bedenken! Toen is ze uit bed gegaan en heeft ze een poosje op de stoel gezeten. “En,” zei ze. “Toen zag ik de televisie en een halfvolle fles wijn en toen wist ik het weer. Ik heb toen de televisie aangezet en een glas wijn ingeschonken en leeggedronken.” Zo ken ik mijn moeder weer!

Ik kan het maar niet loslaten. Hoe bang moet ze zijn geweest! Als je niet meer weet waar of wie je bent en dat dan midden in de nacht als alles stil en donker is en nergens iemand is…..Haar leven moet wel aanvoelen als lopend in een woestijn. Gelukkig heeft ze meestentijds geen weet van haar warrigheid en geheugenverlies. Haar woestijn geeft mij gelegenheid mijn liefde en geduld te schaven en te doen groeien.

God snoeit ons niet om ons pijn te doen.

Dat ga ik even uitleggen. Ik snap het zelf ook maar pas en dat dankzij het boek The Journey. Understanding God’s plan with your life van Lee Young. Het is nou ook weer niet zo dat dit boek alles duidelijk maakt. Het is meer dat mijn hele wezen en zijn bezig was deze vraag te beantwoorden, deze kwestie te onderzoeken en dat dit boek orde heeft gebracht in mijn chaotische gedachten en warrige conclusies. Ik zal bij het begin beginnen. Altijd een goed begin 😀

Een bijbelgeleerde die stond te luisteren, hoorde hoe raak Jezus de Sadduceeën antwoordde. Hij kwam dichterbij en vroeg: ‘Wat is het belangrijkste gebod?’ Jezus antwoordde: ‘Dat is: “Luister Israël, de Here is onze God, de Here is één. Heb de Here, uw God, lief met heel uw hart, met heel uw ziel, met heel uw verstand en met heel uw kracht.” En het gebod dat daarna komt, is dit: “Heb uw naaste net zo lief als uzelf.” Belangrijker geboden dan deze twee zijn er niet.’  Marc.12, 28-31

Ik heb me altijd bezig gehouden met het tweede deel van dit gebod. Weinig in mijn leven was zo belangrijk als van mijn naaste houden en ervoor zorgen dat de ander gelukkig was. Zelf hoefde ik niet zo nodig gelukkig te zijn; ik ben eraan gewend ongelukkig te zijn, zei ik dan altijd. Ik probeer altijd de andere kant van de zaak te zien. De mening en gevoelens van anderen in acht te nemen, geen overhaaste conclusies te trekken en niet te (ver)oordelen. Toen ik in oktober 2019 in mijn huidige woestijn terechtkwam, nam ik een pauze van al deze empathie en was ik vooral bezig met mezelf uit de misère te trekken. Het leek erop dat deze depressie nooit voorbij zou gaan…

In november 2020 besloot ik radicaal te stoppen met alle media. Dus niet alleen Facebook en LinkedIn verlaten, maar ook geen krant meer lezen, geen televisie meer kijken (lang leve Netflix!), geen radio meer te luisteren en geen discussies meer aan te gaan. Ik maakte van mijn gevangenschap in de woestijn een volkomen vrijheid van de maatschappij en al haar conventies. Ik omarmde mijn woestijn zo goed en zo kwaad als het ging. (Overigens is het opmerkelijk hoeveel van het nieuws ik nog meekrijg ondanks dat ik me er volledig van heb afgesloten! Zo appte een vriend dat hij “naar Engeland” zat te kijken en begreep ik onmiddellijk dat hij het had over de uitvaart van prins Philip.) Ik begreep niet waarom ik in de woestijn terecht was gekomen en dat maakte het moeilijk om eruit te komen. Maar dankzij bovengenoemd boek begin ik het nu te begrijpen en heb ik ook een heel voorzichtige hoop dat er toch nog een oase komt….in mijn leven.

Ik ga hier mijn talenten beschrijven. Dit doe ik niet om op te scheppen of om mezelf op de borst te kloppen. Ik doe dat om te laten zien dat elke zegening ook een valkuil betekent. Ik ben een ontzettend gezegend mens. Ik ben heel muzikaal. Ik heb genoeg geduld en ijver om dat muzikale talent tot volledige bloei te laten komen. En ik kan dat op papier bewijzen door de vier conservatoriumdiploma’s die ik aan de muur heb hangen (in de gang, niet pontificaal in de kamer 😉 ) Ik kan best aardig schrijven en waag me af en toe ook aan dichten. Ik kan heel goed lesgeven en enthousiasmeren. Mijn kookkunst is onovertroffen en mijn bakken wordt steeds beter. Ik ben heel intuïtief en ben niet bang om mijn leven daarnaar te richten. Ik trek me weinig tot niets aan wat anderen van mij vinden en sta heel sterk in mijn eigen energie. Helaas mankeer ik wat aan zelfvertrouwen, waardoor ik soms onzeker overkom maar ik ben onverschrokken en stap op alles af.

Mijn werk, muziek maken in de kerk, heb ik ervaren als een zegening, maar deze zegening werd voor mij belangrijker dan het eerste deel van dit gebod en dat is precies het gevaar van zegeningen. Ik was zó blij en verguld met deze zegening dat de zegening (het werk) zelf belangrijker werd dan God. Nu ik in deze woestijn waar ik momenteel vertoef geen van deze zegening als zodanig ervaar, kan ik mij volledig richten op mijn relatie met God. Het opmerkelijke is dat ik daarmee bezig ben sinds de eerste dag dat ik in deze woestijn terechtkwam, maar niet wist waarom. Het leek me de enige juiste weg: ik blijf God zoeken, ook al vind ik Hem niet. Waarom ben ik toch zo onrustig en terneergeslagen? Ik wil op God vertrouwen, eens zal ik Hem zeker weer loven, want Hij is mijn bevrijder en mijn God! psalm 42, 12

God snoeit ons niet om ons pijn te doen. Hij probeert ons te zuiveren van al onze verlangens, zonde en slechtheid. Zoals goud geraffineerd moet worden om zuiver te zijn, zo zuivert Hij onze ziel om eens bij Hem te kunnen zijn. Lee Young beschrijft dit proces heel mooi in zijn boek. Ik raad echt iedereen aan het te lezen.

Our journey in this life is not about the blessings, nor is it about the curses. It is about our faith being refined. Like gold our optimum state is purity. Any imperfections in our hearts keep us from the next great thing God has for us. -einde citaat-

Hij houdt ons als goud op een lepel dichtbij het vuur. Dichtbij genoeg om alle onzuiverheden weg te branden, maar veraf genoeg om niet te verbranden.

Throughout this cycle, God will sometimes take us through a season without blessing-to see how hard we seek after Him instead of seeking what He can do for us. -einde citaat-

In deze periode zit ik nu…..denk ik toch. En God weet dat ik af en toe niet meer verder kan, me geen raad meer weet, niets anders kan dan slapen. Hij vindt dat goed. Ik weet dat zelfs de grootste van alle profeten, Elia eens in de woestijn terechtkwam. Hij vroeg God hem te doden omdat zijn leven niets waard was. Hij voelde zich een enorme mislukkeling. Maar God weet dat wij stervelingen af en toe wat respijt nodig hebben. Rust. Slaap. Voedsel (voor lichaam en geest). Hij gunt ons dat ook. Hij snoeit ons niet om ons pijn te doen. Hij wil dat het ons, Hij wil dat het mij goed gaat. Hij gunt ons die rust en die slaap.

Toen vluchtte Elia weg om zijn leven te redden. Hij ging naar Berseba, een stad in Juda, en liet zijn dienaar daar achter. Daarna ging hij alleen de woestijn in. Hij trok de hele dag verder en ging toen onder een braamstruik zitten. Daar bad hij of hij mocht sterven. ‘Ik kan niet langer,’ zei hij tegen de Here. ‘Neem mijn leven, ik ben niet beter dan mijn voorouders.’ Hij ging liggen en viel onder de braamstruik in slaap. Maar terwijl hij daar lag te slapen, raakte een engel hem aan en zei hem op te staan en iets te eten. Hij keek om zich heen en zag hoe op enkele roodgloeiende stenen een brood werd gebakken. Daarnaast stond een kruik met water! Hij at en dronk en viel weer in slaap. De engel van de Here kwam voor de tweede keer naar hem toe, raakte hem aan en zei: ‘Sta op en eet nog wat, want u hebt nog een lange reis voor de boeg.’ Hij stond dus op, at en dronk. Dat voedsel gaf hem kracht genoeg om veertig dagen en nachten door te reizen naar de berg Horeb, de berg van God. Daar zocht hij onderdak in een grot. 1 Kon. 19, 3-9

Nu is het dus zaak die kennis te integreren in mijn leven en uit de woestijn te komen. Om dat te kunnen, richt ik mij voorlopig even op het eerste deel van dit gebod: heb God lief boven alles.

wordt vervolgd

lopen

Gister had ik met mijn vriendin afgesproken om samen een lange wandeling te gaan maken. En dat hebben we gedaan. Onderweg ergens gepicknickt; ik had misobroodjes en gevulde speculaas meegenomen (alles zelfgebakken natuurlijk) en zij fruit en sap. We hebben zeer diepe gesprekken gevoerd en kilometers in stilte gelopen, genietend van de natuur. We hoorden de veldleeuwerik zingen en zagen en hoorden een heleboel andere vogels. Onderweg kwamen we paarden tegen en Schotse hooglanders. En ook een paar andere wandelaars, maar die liepen gelukkig allemaal de andere kant op.

We hebben er allebei enorm van genoten en we gaan het zeker snel nog eens doen. Er zijn nog zoveel mooie wandelingen te maken, dichtbij huis en iets verder weg. Natuurlijk kon ik het weer niet laten een paar foto’s te maken. Enjoy! 😉

Als je op een foto klikt, kun je ze één voor één op een groot scherm bekijken.

registrant en organist

Als baanloze organist neem ik vrijwel alle vieringen/diensten aan waarvoor ik gevraagd wordt. Zo zat ik Witte Donderdag en Goede Vrijdag in de rooms-katholieke kerk Petrus-en-Paulus, maar Paasochtend zat ik bij onze protestantse broeders en zusters in een dorpje hier verderop. Omdat het Pasen was en in die kerk maar een heel klein orgeltje staat (voor de kenners: prestant 8′, viola da gamba 8′, holpijp 8′, fluit 4′, octaaf’ 4′ en een lieflijk cornetje. Eén manuaal en het pedaal ligt zo scheef dat pedaalspel vrijwel onmogelijk is; waar ik de C verwacht, ligt de F) was ik naarstig op zoek naar een manualiter stuk dat toch de glans van Pasen had. En ik bedacht dat het handig zou zijn als ik een registrant had. Het slaat natuurlijk nergens op, een registrant bij zo een klein orgel, maar soms is dat gewoon handig. Henk vragen was natuurlijk een optie en ik weet zeker dat hij het had gedaan, maar ik weet ook dat het zeker niet zijn hobby is. Dus ik appte mijn nichtje C van twaalf of zij mee wilde naar de kerk “omdat ik eigenlijk een registrant nodig heb”, waarmee ik aangaf dat zij dat dan maar moest zijn. In plaats van het appje “wat is een registrant?” kreeg ik een appje terug met: oké! Het maakt haar niet uit, bij tante zijn is altijd goed 😉

samen met mijn nichtje Cecilia achter het orgel

Twee dagen later kwam dan toch de vraag wat is een registrant? Het korte antwoord: een registrant is de assistent van de organist. Hij slaat blaadjes om en doet op de gezette tijden registerknoppen open en dicht. En hij haalt koffie voor de organist natuurlijk! Ook heel belangrijk. C. staat altijd klaar om te helpen en ze kan niet alleen heel goed noten lezen, ook van blad zingen gaat haar moeiteloos af. Zo togen wij op Paasmorgen naar de kerk om muziek te maken AMDG*. Het was leuk. C heeft knoppen uitgetrokken en ingeduwd. 99% van de keren precies op het juiste moment. En keihard meegezongen met alle liederen 😀

*AMDG= Ad Maiorem Dei Gloriam = ter meerdere glorie van God.

Gisterochtend liep ik met de hond op straat en kwam ik de dominee tegen. Hij herkende me niet, waarschijnlijk omdat ik niet achter het orgel zat 🙂

Gistermiddag kwam er een jochie van acht voor het eerst op muziekles. Ondanks dat zijn voeten nog (lang) niet bij de pedalen kunnen, wil hij per se orgel spelen! Als docent maak ik me dan ongerust over zijn motorische ontwikkeling en hoe ik er voor kan zorgen dat zijn enthousiasme niet omslaat in verveling als blijkt dat het langer duurt om te kunnen wat hij wil kunnen dan hij geduld heeft. Als organist en liefhebber van het orgel, als musicus en zeker ook als kerkgaand Christen sta ik inwendig te juichen dat een jong iemand de weg naar het orgel heeft gevonden. Hij lijkt muzikaal aangelegd en intelligent, dus ik heb goede hoop over een paar jaar een kersverse kerkorganist te kunnen afleveren.

In korte tijd een registrant én een kerkorganist in opleiding! Misschien is er toch nog hoop.