Klagen is gezond

Ik ken een vrouw die het geklaag van haar man zat was. Iedere keer als hij thuis kwam uit werk of van de visclub of van de hondenclub of waar dan ook maar vandaan, begon hij te klagen en te klagen en daar hield hij pas mee op als hij naar bed ging. De vrouw was dat zó zat dat ze een nieuwe regel instelde. Zodra hij thuiskwam, zette ze de kookwekker op een kwartier en in die tijd mocht hij klagen wat hij wilde. Ging de wekker af dan moest hij ophouden met klagen. Ik weet eigenlijk niet hoe het op lange termijn is gelopen. Dat er toch een echtscheiding is gekomen. Misschien, waarschijnlijk, was hij al snel gewend aan de korte tijd die hij klagen mocht en ging het leven gewoon verder zijn gangetje, alleen met wat minder geklaag. Klagen was een gewoonte geworden en gewoontes kun je gewoon afleren.

https://www.bible.com/nl/bible/75/PSA.13.HTB

Klagen mag, zeg ik altijd, zolang het helpt. Als klagen je helpt de dingen in perspectief te zien of van een andere kant te benaderen of zelfs als het alleen maar een beetje oplucht, dan vind ik het niet erg als je klaagt. Zelf houd ik er niet van; ik loop liever weg. Ook niet echt een goeie oplossing, maar dat is weer een heel ander verhaal.

Met mijn zus sta ik op de markt. Ik verkoop zelfgemaakte dingen om te eten en zij maakt echt de prachtigste dingen van papier; boekjes, kaarten, kunstwerken, poppenhuizen. De vorige keer dat we stonden, woei het behoorlijk en dan is een marktkraam met papieren kunst niet écht een goed idee. Na een uurtje klagen besluit ze dan toch maar wat dingen neer te zetten. Terwijl ze anders altijd een prachtig opgemaakte kraam heeft, stond ze nu te verkopen uit kratten. Daar moest ook nog over geklaagd worden, maar achteraf bleek dat ze die markt meer verkocht had dan welke markt dan ook maar! Of dat nu ondanks of dankzij het klagen kwam, wil ik niet zeggen maar dankzij het klagen had ze voldoende moed verzameld om tóch haar waren uit te stallen, al was het niet zoals ze dat graag wilde. Klagen had haar geholpen.

In de Bijbel staat nergens dat je niet mag klagen. Sterker nog: er is een heel boek aan gewijd. Klaagliederen. Geschreven door de profeet Jeremia. Prachtig boek, zeker de moeite waard eens een paar dagen in te lezen. Jeremia kan er wat van. Zijn naam heeft zelfs geleid tot het woord jeremiëren. Jeremiëren, weeklagen, jammeren op dramatische manier.

In het boek Jeremia hoofdstuk 14 staat zelfs een heel stuk geklaag van God zelf! Hij is de goddeloosheid van de mensen zat en ook alle valse profeten.


Even een kleine aantekening: valse profeten zijn mensen die profetieën uitspreken, maar niet door God gezonden zijn. Dit is ook waarom in het Christelijk geloof het gebruik van voorspellende middelen, waarzeggerij, astrologie en dergelijke uit den boze is; niet door God gezonden.


Enfin, God is de mensen helemaal zat en roept dan ook dat er niets zal zijn dan oorlog, honger en ziekte. En Hij vraagt zelfs Jeremia niet meer voor het volk te bidden want hij is onverzoenlijk. De mensen smeken dan tot God (vers 19-22):

Och Heer, zullen de mensen roepen, ‘hebt U Juda nu echt de rug toegekeerd? Hebt U een afkeer van Jeruzalem? Zal er zelfs na deze straf nog geen vrede komen? Wij dachten: nu zal Hij ons ten slotte genezen en onze wonden verbinden. Maar de vrede is uitgebleven, de moeilijkheden en verschrikkingen zijn gebleven. Here, wij geven toe dat wij goddeloos zijn, net zo schuldig als onze voorouders. Haat ons niet, Here, ter wille van uw eigen naam. Onteer Uzelf en uw glorieuze troon niet door uw verbond met ons te verbreken waarin U beloofde ons te zegenen. Welke heidense god kan ons regen geven? Of misschien de hemel zelf? Here, onze God, U bent toch de enige die zulke dingen kan doen? Daarom zullen wij wachten tot U ons te hulp komt.’

Maar God blijft onverzoenlijk. Jeremia smeekt God dan in hoofdstuk 15 vers 15-18 om in ieder geval zijn leven te sparen, want hij heeft toch altijd goed naar God geluisterd en gedaan wat Hij van hem vroeg:

Toen zei Jeremia: ‘Here, U weet dat ik ter wille van U lijd. Zij vervolgen mij, omdat ik uw woorden aan hen heb doorgegeven. U hebt zoveel geduld, laat mij nog niet sterven! Breng mij in veiligheid en geef ze hun verdiende loon! Uw woorden maakten mij blij, gretig hoorde ik ze aan, zij waren als voedsel voor mijn hongerige ziel. Zij gaven mijn treurige hart weer uitbundige blijdschap. Wat heerlijk dat ik uw naam mag dragen, Here. Ik hield de mensen geen gezelschap tijdens hun vrolijke feesten. Ik was eenzaam door uw toedoen. Hun zonden maakten mij woedend. Toch was U er niet toen ik U nodig had! U hebt ze hun gang laten gaan. Zullen zij nooit ophouden mij pijn te doen? Uw hulp is net zo wisselvallig als een bergbeek, soms stroomt er water door, soms staat hij helemaal droog.

Dat hoort God wel en Hij beloofd wederom voor Zijn volk te zorgen, tenminste als ze uit zichzelf zullen terugkeren. Het duurt nog wel een tijdje voor God over Zijn barmhartig hart strijkt en de mensen weer in liefde aanneemt getuige het feit dat dit hoofdstuk 15 is en het boek Jeremia in totaal 52 hoofdstukken kent….maar toch

Zo zie je maar weer dat klagen echt helpt! Als je oprecht klaagt en God duidelijk maakt wat je gedaan hebt voor Hem, voor anderen, voor je eigen levensgeluk en wat je denkt nodig te hebben om voort te kunnen, dan luistert Hij wel! Zolang je in je geklaag maar blijft vertrouwen op Zijn goedheid en Zijn trouw.

Plaats een reactie