Sisterhood

Ik liep met de dominee mee. Ze vertelde over een skypegesprek dat ze had met vrouwen in Oekraïne en hoe ze al sinds het begin van de oorlog deze vrouwengroep begeleid en geestelijk ondersteunt. Heel bijzonder vind ik dat. Ik denk vaak dat ik wel ongeveer weet wat iemand doet en dan hoor je zoiets bijzonders. Ik vind het tenminste heel bijzonder dat iemand dat doet, een gespreksgroep online. Ik kan er zelf niet zoveel moet ik eerlijk toegeven, dat zal er ook mee te maken hebben, met mijn bewondering. Bewondering lijkt soms veel op verwondering 😉 Ze vertelde dat ze het gesprek op een positieve noot wilde eindigen en vroeg eenieder wat het is dat je op de been houdt. Iedereen had zo een antwoord. Haar antwoord was sisterhood, ja, daar komt het toch altijd weer op neer. Mooi mooi mooi.

Ze bedoelde dat natuurlijk algemeen, maar ik kon er niks aan doen dat ik toch moest denken aan mijn eigen (biologische) zussen en hoe wij met elkaar omgaan de laatste jaren. Zeker sinds ons Moeder overleed.

Marrigje, ik, Nish

Het was mijn beurt om voor te gaan bij het Coventrygebed Meestal gebruik ik mijn overweging die ik daarvoor schrijf als onderdeel van dit blog, maar dit keer twijfelde ik daarover. er staat een passage in over mijn zus en die vindt het misschien wel niet leuk als ik dat openbaar maak. Ik bedoel, als ik die voordracht één keer houdt in besloten kring (er waren vandaag vijftien bidders) dan is er geen mens overboord, maar als ik het in dit blog schrijf….niet dat heel veel mensen dit blog lezen, maar toch.

Bij het koffie drinken na het gebed, sprak een medebidder mij aan. Ze was zo blij met mijn verhaal. Ze vond echt dat ik het goede voorbeeld gaf en zij ging zeker haar best doen om mijn raad op te volgen. Ik was natuurlijk gecharmeerd van haar complimenten, maar ook een beetje beschroomd. Ik begreep eerst niet hoe mijn gedeelde kwetsbaarheid haar zou kunnen helpen. Ze vertelde dat ze afgelopen zomer vier weken bij haar zus in het buitenland zou blijven. Maar de eerste week hadden ze al zoveel ruzie gekregen dat ze eigenlijk weer naar huis wilde. Omdat ze met andere mensen mee was gereden en die haar pas over drie weken weer op zouden komen halen, was ze gedoemd te blijven of op een andere manier weer in Nederland terug te komen. Gelukkig, zo ging het verhaal verder, ging haar zus met haar man een weekje weg zodat ze even bij kon komen. De laatste twee weken waren weer zeer tumultueus en ze was blij toen ze opgehaald werd. Haar zus bleek echter min of meer blind voor de geleden spanningen want ze vroeg haar volgende zomer terug te komen. “Ik had haar nog geen antwoord gegeven, maar na jouw verhaal denk ik dat ik het wel kan.”

Op de fiets onderweg naar huis bedacht ik dat het misschien toch wel een goed onderdeel van mijn blog zou kunnen zijn. Het is tenslotte niet aan mij om te bepalen wat iemand anders aan mijn teksten heeft of in mijn teksten leest. Hieronder dus mijn preekje van vandaag:

Afgelopen Zondag was het de opening van de week van het gebed en we vierden dat met een oecumenische viering voor de eenheid van de Christenen. Op Texel waren er twee diensten: één in Oudeschild en één in Den Burg. De bedoeling was dat niemand in zijn eigen kerk zat en dat is min of meer gelukt. Veel mensen die normaal gesproken in die kerk in Den Burg kerken waren met de dominee naar Oudeschild gekomen. Natuurlijk waren er in Oudeschild veel Skillers, maar ik zag toch ook veel mensen uit andere dorpen. Ik speelde als vrije muziek een kleine suite van Jurriaan Andriessen voor blokfluit en piano, samen met een ándere dominee die vrij had omdat we op Texel meer dan twee dominees hebben.

De dominee die voorging was de dominee van de doopsgezinde gemeente. Hij begon de dienst met te vertellen dat hij tegen eenheid van kerken is. Want, zo legde hij uit, het is juist mooi dat iedere denominatie zo zijn eigen eigenaardigheden heeft. Zo is het voor een doopsgezinde een daad van geloof een kaars aan te steken met een lucifer in plaats van een lont, een andere kaars of een aansteker. Omdat de doopsgezinde kerk begonnen is in een kleine keuken in Zürich (het fijne weet ik er niet van, dit is wat hij vertelde) waar iemand gedoopt wilde worden en waar heb je water, een kaars én lucifers om de kaars aan te steken? (Allemaal dingen die je nodig hebt voor een doop.) Juist. In de keuken. In de doopsgezinde traditie steekt men derhalve kaarsen aan met lucifers. Hij was bang dat die kleine verschillen, die kleine extra daden van bevestiging van geloof (die in elke denominatie bestaan) dat die verloren zouden gaan als de kerken één worden.

Ik kan het op zich wel met hem eens zijn, maar hij vergist zich natuurlijk schromelijk want het gaat niet over eenheid van kerken, het gaat over eenheid van Christenen. Met al onze verschillen, in al onze diversiteit kunnen we toch één zijn in Christus? Hij ons hoofd, wij Zijn ledematen. Zoiets. En van al mijn verschillende ledematen vraag ik andere dingen. Mijn voeten hoeven geen piano te spelen en mijn armen hoeven niet te lopen. Er mag dus verschil zitten in hoe je viert of hoe je gelooft, maar we geloven toch allemaal dat Christus onze Heer en Broeder is die voor onze zonden gestorven is aan het kruis, is gestorven en begraven en de derde dag verrezen is uit de dode, die opgestegen is ten hemel en zit aan de rechterhand van God de almachtige Vader.

Zolang wat we gemeen hebben groter en sterker en belangrijker is dan onze verschillen, is er hoop en ruimte voor eenheid.

Mijn zus bijvoorbeeld ziet de wereld heel anders dan ik. Zij noemt romantische films en boeken hetero-propaganda en gelooft absoluut niet in verschillen tussen man en vrouw. Ze is zelf half man half vrouw (noem je dat non-binair? Ik denk het) en heeft dat zelfs officieel laten veranderen in haar paspoort, rijbewijs en burgerregistratie. Waar bij mij een V staat, staat er bij haar een X. Omdat ze niet gelooft dat het belangrijk is of je een man of een vrouw bent, omdat ze vindt dat het niemand iets aangaat hoe zij er onder haar kleren uitziet of wat ze in de slaapkamer doet. Ze ziet de wereld anders dan ik en vindt het waarschijnlijk ook niet leuk dat ik haar zus noem en “ze” en “haar” gebruik. En toch is ze één van mijn favoriete mensen op deze wereld. Gewoon om al die andere dingen die ze is en doet. Omdat we meer gemeen hebben dan verschillend. Omdat de verschillen niet belangrijk genoeg zijn voor mij om haar te laten vallen. We hebben afgesproken dat we het over een aantal dingen niet eens zijn en daar hebben we het niet over. We hebben het over andere, even belangrijke dingen.

Natuurlijk kun je altijd met iemand ruzie maken omdat je het met elkaar oneens bent, maar het loopt meestal uit op een piswedstrijdje en wordt er alleen maar steeds harder geschreeuwd en niemand luistert meer. Zandbakgedrag, noem ik dat. Kinderen in de zandbak maken zich druk over hun gelijk en het ongelijk van de ander, schreeuwen om het hardst dat de ander begon en slaan erop als ze hun zin niet krijgen. Het is niet zo belangrijk wie er begon, belangrijker is wie er een eind aan maakt!

Eenheid van de Christenen, eenheid onder mensen, het kan zo mooi zijn. Het kan de wereld zoveel liever, zachter en mooier maken als we zoeken naar wat ons verenigd en vergeten of voorbij kijken naar wat ons verdeeld.

Tel uw zegeningen, tel ze één voor één. Tel ze allen en vergeet er geen. Tel ze allen, noem ze één voor één en je ziet Gods liefde dan door alles heen!

Bomen

Als kind hield ik al heel veel van bomen. Ik kan niet vertellen hoeveel bomen ik heb beklommen, hoeveel boomhutten ik gebouwd heb, hoeveel bomen mijn rug gesteund hebben tijdens een uitrustmoment bij een langeafstandswandeling, hoeveel bomen mij van vruchten en noten hebben voorzien, hoeveel bomen ik heb geplant. (ik kan wél tellen hoeveel bomen ik in mijn leven zelf gekapt heb, dat is er namelijk één! Twee jaar geleden heb ik de overleden kersenboom in onze moestuin gekapt. Ik heb er twee kersenbomen voor terug geplant. Maar dit even geheel terzijde.) Bomen zijn een prachtig voorbeeld van Gods scheppende kracht. Bomen geven een gevoel van eeuwigheid. Ik voelde dat ten diepste toen ik met mijn Moeder en mijn schoonzus een hele dag doorbracht tussen de sequoiatrees in California. Sommige bomen stonden daar al toen Jezus op aarde rondliep! Verder is het daar gewoon ongelooflijk prachtig en ben ik vooral erg dankbaar dat ik dat met mijn Moeder heb kunnen delen.

sequioa

Het uitzicht van Moeder in het verpleeghuis bestond uit een plein, een aanleunwoningencomplex en een grote den. Dat is mijn vriend, zei ze altijd, wijzend naar de boom. En ik snap dat. Zij hield ook van bomen. Bomen geven rust en kalmte, zelfs als ze bewegen in de wind. In elk jaargetijde staan ze van zichzelf prachtig te wezen. In de lente met een waas van groen die straks een vol bladerdak beloofd. De fruitbomen roze en delicaat wit met bloesems die straks in de zomer en nazomer vruchten of noten zijn geworden. In de zomer vol in blad, schaduw gevend en boordevol leven, vogels, insecten, knaagdieren. In de herfst rood, geel en oranje kleurend door het opslaan van alle chlorofyl die de blaadjes groen maakt. In de winter slapend, scherp afgetekende silhouetten tegen de ijsblauwe luchten, alle geheimen prijsgegeven van maretakken en verlaten vogelnesten.

den

Sinds ik buiten slaap (2020) ben ik meer en meer van bomen gaan houden. Natuurlijk komt dat ook omdat ik mijn hangmat in de vrije natuur het liefst tussen twee bomen hang. Maar ik denk dat het vooral komt doordat ik ouder word. Niet meer zo zeer op zoek naar de zin van het leven, maar meer en meer naar eeuwigheidswaarde. Bomen worden over het algemeen ouder dan de meeste mensen. Ze groeien langzaam en gestaag. Ze hebben geen haast; hoeven immers nergens naar toe.

In onze buurt wordt momenteel veel gesloopt om nieuw te kunnen bouwen. Hoewel ik er helemaal voor ben dat (de meeste) nieuwbouw geschiedt binnen de toch al bebouwde kom, verdichting noemen ze dat, heb ik toch vrij ernstige bezwaren tegen het kappen van de bomen die er al staan. Zogenaamd groen bouwen maar daarvoor wel vijf of meer bomen kappen die gemiddeld 75 jaar oud zijn ….in mijn oren klinkt het totaal hypocriet. Hoe kan het in vredesnaam groen zijn als je er bomen voor moet kappen??? Het allerergste vind ik nog wel dat het de meeste mensen niks kan schelen! Ik gooi weleens een balletje op, zo van: jammer dat ze de bomen gekapt hebben. Maar de reactie is meestal: ach, er komt wel weer wat nieuws. Maar een nieuw geplante (en dus jonge) boom kan nooit een boom van meer dan 70 jaar oud vervangen. Of tenminste niet de eerstkomende 70+ jaar.

Ik lig er ’s nachts wakker van en ik moet er echt om huilen als er in de buurt weer een boom gekapt is. Het is ook helemaal niet moeilijk, lijkt mij, om tijdens het tekenen van de te bouwen nieuwbouw rekening te houden met de bomen die er al staan. Die bomen staan er namelijk al een tijdje én ze gaan uit zichzelf nergens naar toe. Maar blijkbaar is het makkelijker om alleen maar rekening te houden met andere bebouwing en worden onze prachtige, statige en vriendelijke medebewoners genegeerd, gediscrimineerd en uiteindelijk vermoord voor het gemak van de architect/projectontwikkelaar/aannemer.

Op Texel bestaat er een Partij voor de Bomen. Tot nu toe is het enige wat ze doen (niet onaardig bedoeld; ik ben blij dat ze bestaan!) het protesteren tegen de voorgenomen kap van bomen en de gemeente voortdurend vragen stellen over het beleid. Ook is er een meldpunt waar men ongerechtigheden jegens bomen kunt melden, maar heeft het melden van niet-toegestane kap van een boom nut? Het leed is immers al geschied. Ik hoop dat ze zich kandidaat stellen bij de volgende gemeenteraadsverkiezingen; dat zou mij wellicht kunnen overtuigen mijn stem daadwerkelijk te gebruiken!

beverschade aan een boom bij de Maas, Limburg

In Vlaanderen overigens is er een landelijke partij voor de bomen, zag ik net toen ik naar de Texelse bomenpartij zocht. Misschien zijn er meer mensen zoals ik die van bomen houden en ze zien als medebewoners en niet als sta-in-de-wegs. Hoop doet leven.

Maar nu is er vrede en rust in de hele wereld! Overal heerst uitbundige vreugde! Zelfs de bomen van het bos, de cipressen en ceders van de Libanon, zingen dit blijde lied: ‘Uw macht is gebroken. Niemand zal ons nu nog omhakken, eindelijk hebben wij rust.’ Jesaja 14, 7-8

Knuffel eens een boom! Het zal u nieuwe energie geven want een boom is nooit te beroerd om te delen.

Man hugging tree in forest

Kijk, dieren doen het ook!

Al is dat waarschijnlijk om een andere reden. Namelijk om af te koelen. Maar ik weet het natuurlijk niet zeker; ik spreek geen makitaal 😉 Wat ik wél zeker weet is dat we veel en veel beter op onze reusachtige vrienden moeten passen!

Inspiratie

Het is al maandag en vrijdag heb ik Coventrygebed. Ik heb nog niks geschreven. Ik heb al een paar keer gezegd dat ik nu toch eindelijk eens iets schrijven moet, maar inspiratie ontbreekt. Wat heel raar is, niet alleen omdat ik eigenlijk altijd wel ergens inspiratie vind, maar ook omdat ik uit hoofde van mijn beroep weet dat wachten op inspiratie niet de meest productieve manier van doen is. Ik weet uit ervaring dat het aloude axioma dat Kunst 1% inspiratie en 99% inspiratie is, klopt. Inspiratie is fijn, maar komt vaak op ongelukkige momenten (midden in de nacht of als ik met iets anders bezig ben en niet meteen kan gaan zitten schrijven of spelen) Dus ik ga zitten en begin. Op zoek naar inspiratie open ik mijn Bijbel op de desktop en zie tot mijn schande drie leesplannen open staan die ik lang geleden ben begonnen maar die ik niet heb afgemaakt. Waarom niet, weet ik niet meer, zolang is het al geleden! De oudste is voor de Veertigdagentijd, kun je nagaan. Het meest recent geopende leesplan is genaamd Waarom houdt God van mij? Ik snap dat ik met dat leesplan ben begonnen want dat is voor mij een belangrijke vraag. Omdat ik meeste dagen niet zo erg veel van mezelf houd en waarom zou God dan wel van mij houden? Het leesplan oordeelt niet en opent gewoon de volgende dag. Het is de derde dag van in totaal vijf dagen. Onbegrijpelijk dat ik het niet heb afgemaakt want meestal ben ik toch vrij trouw maar blijkbaar is ergens het leven er tussen gekomen.

De derde dag dus en ik lees de lezing die bij deze dag hoort. Jeremia 29 vers 11 t/m 13: Want Ik weet welke plannen Ik voor u heb,’ zegt de Here. ‘Met deze plannen heb Ik uw geluk voor ogen, niet uw ongeluk. Ik wil u weer een toekomst en nieuwe hoop geven. Als u tot Mij bidt, zal Ik luisteren. U zult Mij vinden als u Mij zoekt en het oprecht van Mij verwacht. Tot zover deze lezing. Deze lezing raakt mij diep. Ik vertrouw erop dat de Heer plannen met mij heeft, anders was ik allang overal mee opgehouden. Ik ben alleen maar blij dat ik zelfs in mijn allergrootste twijfel nog steeds kan bidden. Het lijkt me vreselijk als je de zin van het leven niet zo erg kan vinden, tegen ellende en narigheid aanloopt, werkloos of op andere wijze ongelukkig en/of straatarm rondloopt en zelfs niet kan bidden! Voor mij is gebed altijd een uitkomst. En als ik zelf geen woorden kan vinden, zijn er talloze mensen voor mij geweest die hun gebeden hebben opgeschreven en die ik kan lenen. En als zelfs dát niet meer gaat, is er altijd nog het Onze Vader, het gebed dat Jezus ons zelf geleerd heeft. Bidden als uitkomst, bidden als handvat, bidden als troost en kracht gevend om door te gaan.

Het wordt zo mooi beschreven in psalm 77, één van mijn 150 lievelingspsalmen:

Ik roep naar God,
ik richt mij tot Hem
en verlang ernaar
dat Hij naar mij luistert.
Als ik het moeilijk heb,
zoek ik de Here.
De hele nacht
strek ik mijn handen
naar Hem uit
en word het wachten niet moe.
Alleen Hij kan mij troosten.
Als ik aan God denk,
moet ik kreunen.
Ik word overmeesterd
door het verlangen naar zijn hulp.
Ik kan er niet van slapen
en ben zo onrustig
dat ik niet kan bidden.
Ik denk aan vroeger,
aan de jaren die voorbijgingen.
Ik herinner mij
mijn blijde musiceren van toen,
ik pieker
over het verschil tussen toen en nu.
Heeft de Here mij dan voor altijd afgewezen?
Zal Hij mij geen genade geven?
Zijn zijn goedheid en trouw
voor altijd opgehouden?
Geldt zijn belofte niet meer
voor de komende generaties?
Vergeet God
ons zijn genade te geven?
Heeft Hij de liefde en het medeleven
uit zijn hart gebannen?
Ik moet zeggen
dat het mij groot verdriet doet
dat God, de Allerhoogste,
van gedachten verandert.
Toch blijf ik mij de grote wonderen van de Here herinneren.
Alles wat U in het verleden hebt gedaan, zal ik gedenken.
Ik wil over uw werk spreken en nadenken over alles wat U deed.
O God, uw wegen zijn altijd goed en heilig.

elke dag heeft genoeg aan zichzelf

het is 11 september, vroeg in de ochtend. Ik lig in de hangmat met een kopje thee en een boterhammetje met jam (zelfgebakken, zelfgemaakt). Ik bedenk me dat ik niet te laat op moet staan, want ik moet met de boot van tien uur naar de kerk in Den Helder om afscheid te nemen van een medebidder die mij in de loop der jaren zeer dierbaar is geworden. Bijzondere vrouw. Ze was ingetreden bij de Augustinessen en toen de congregatie Den Helder verruilde voor Heemstede zei ze tegen moeder overste: jullie gaan maar, ik blijf hier. Sindsdien woonde ze buiten het klooster. Ze noemde zichzelf een actieve non. En actief was ze! Tot ze echt niet meer kon (ze heeft een dag of tien in het hospice gelegen) ging ze elke vrijdag naar het Coventrygebed en naar elke bijzondere mis in de PP. Ze reed nog steeds auto, in haar kleine autootje van 26 jaar oud, heen en weer naar Heemstede, in de regio zieken bezoeken. Echt haar eigen mens. Ik mocht haar graag. Om zo 89 te worden! Ik teken er voor.

Ik denk eraan hoe bizar het eigenlijk is dat we afscheid van haar nemen op de 24ste verjaardag van 9/11 en hoe vreemd en onwerkelijk het toch is dat de ene gebeurtenis die de wereld veranderde op zich minder indruk op mij maakt dan het verlies van deze vrouw. Hoewel 9/11 de wereld veranderde en deze vrouw minder belangrijk voor de wereld was, was ze duidelijk voor mij belangrijker. Ik denk nog even na over de onwaarschijnlijkheid van dit alles. En ik sta even stil bij hoe belangrijk een mens kan zijn in het leven. Het hoeft niet eens zo te zijn dat je elkaar heel lang kent. Een kortstondige ontmoeting kan evenveel of zelfs meer invloed hebben op mijn leven.

Ik open mijn tablet om het evangelie van de dag te lezen en zie in mijn ooghoek iets over een schietpartij in Utah. Ik lees de clickbait en kan mijn ogen niet geloven, Charlie Kirk!!! Ik schrik en ga op het internet op zoek naar nieuws. Het is echt waar, Charlie Kirk is doodgeschoten! Ik was wel een groot fan van deze jonge man. Hij sprak met zoveel liefde en integriteit over de politiek, over alle narigheid in de wereld (of meer specifiek de US of A) Hij sprak met zoveel respect en liefde met mensen die een andere mening waren toegedaan. Sterker nog, hij inspireerde mensen om juist met elkaar in debat te gaan. Hij zei altijd dat geweld begint als we ophouden met elkaar te debatteren. Ik denk dat hij gelijk had. Hij was ook een mooie man om te zien, een vroom christen, gelukkig getrouwd en met twee kleine kinderen. Deze aanslag was niet alleen een aanslag op hem, het was zeker ook een aanslag op het vrije woord. Ik zie ook filmpjes langskomen van mensen die juichen en feestvieren omdat er iemand is vermoord. Dit zal ik nooit begrijpen. Je mag het niet met elkaar eens zijn, maar het mag toch nooit reden zijn om te vieren dat iemand vermoord is. Of om iemand te vermoorden?!?!

De dader blijkt een jongeman die al langer haargevoelens jegens Charlie Kirk had en die ook regelmatig uitte. Zijn vader (een oud politieman, als ik de verhalen mag geloven) heeft hem zelf aan de politie uitgeleverd. Hoe moet dat zijn als ouders? Te weten dat je een moordenaar hebt grootgebracht? En hem dan zelf aan de politie overleveren …. Nee, dit is weer een verhaal, een geschiedenis met alleen maar verliezers.

Uiteindelijk sta ik toch later op dan ik van plan ben, maar ik ben op tijd in de kerk. Het is een beetje vreemd dat ik geen muziek hoef te maken, maar we zijn als Coventrybidders bij elkaar gaan zitten en dat voelt sterk, warm en liefdevol. Er wordt prachtig gesproken en er wordt voluit gezongen. Het koor is bijna voltallig aanwezig en naast de priester staat de diaken. Ik ben vergeten collectegeld mee te nemen. Ik had twee euro in mijn zak gestoken maar daar heb ik kaarsjes voor aangestoken, één voor zuster Gertrüd, één voor Charlie Kirk en één voor vrede in mijn familie.

Nu ga ik nog wat orgel studeren, tenslotte heb ik morgen een concert!

Overweldigende Oogst

We hebben een nieuwe vriezer! Nee, dat zeg ik verkeerd want nu denkt u dat onze oude vriezer kapot is gegaan en we een nieuwe hebben gekocht. Maar we hebben nu twee vriezers! Dat is echt heel fijn. Ik begrijp dat sommige van u denken waar heb je in vredesnaam twee vriezers voor nodig? maar iedereen met een moestuin begrijpt mijn vreugde om zoveel extra vriezerruimte.

Ik was al een paar jaar aan het denken over een extra vriezer, maar we hadden niet echt plek ervoor. De paarse pruimen waren dit jaar extra vroeg rijp en de oogst is werkelijk overweldigend. En net dit jaar had ik bedacht dat ik er eerst sap van zou koken en als ze allemaal geoogst waren, de cider in te zetten. Vorige jaren maakte ik er jam van en dan maakte ik van de jam cider. Dat kan heel goed, maar het is wel lastig om deze substantie tot fermenteren te motiveren. Ik denk dat het beter gaat als ik van sap cider maak, net zoals ik dat van de appels doe. Maar waar bewaar je dan zolang dat sap? Want het voordeel van jam boven sap is dat het lang houdbaar is. Nu heeft mijn lieve buurvrouw een cateringbedrijf en een industriële vriezer in haar professionele keuken dus ik vroeg of ik zolang het pruimensap in haar vriezer mocht bewaren en dat mocht. Ik het goede nieuws aan mijn man vertellen en dezelfde dag hebben we een nieuwe, extra vriezer gekocht! Na 24 jaar begin ik eindelijk door te krijgen hoe ik die man kan motiveren.

Zondags werd in de kerk de volgende evangelielezing gelezen; misschien hebben jullie het ook gehoord afgelopen Zondag:

Lucas 12, 16-21
Hij legde hun dat uit met een verhaal: “Er was eens een rijke man. Zijn akkers hadden een grote oogst opgeleverd. En hij dacht bij zichzelf: ‘Wat zal ik doen? Want ik heb geen ruimte genoeg om de hele oogst op te bergen.’ Hij bedacht: ‘Ik weet al iets. Ik zal mijn schuren afbreken en grotere schuren bouwen. Daar zal ik dan al mijn graan en al mijn rijkdommen in opbergen. Nu heb ik heel veel. Het is genoeg voor járen. Nu kan ik rustig aan doen. Ik ga lekker eten en drinken en feestvieren.’ Maar God zei tegen hem: ‘Jij dwaas! Vannacht nog zal je leven van je teruggevraagd worden. En voor wie heb je dan zoveel verzameld?’
Zó zal het gaan met de mensen die voor zichzélf schatten verzamelen, maar geen schat hebben bij God.”

Toen mijn man na de viering thuis kwam, (Hier moet ik misschien even uitleggen dat mijn man en ik zelden bij elkaar in de kerk zitten. Meestal omdat ik in de ene kerk muziek aan het maken ben en hij in de andere kerk muziek aan het maken is ) vroeg hij zich bezorgd af of wij met het kopen van een extra vriezer niet hetzelfde deden, hebben gedaan als de rijke man die maar schuren en schuren bleef bouwen om zijn oogst te kunnen bergen. Maar, zo stelde hij zichzelf gerust, wij geven ook altijd heel veel weg van onze rijkdom dus misschien valt het mee.

Ik vond het een mooi moment. Hij deelde een heel bijzondere gedachtegang met mij. Hij verwachtte ook geen antwoord of respons; het ging puur om het geluk van het delen. Misschien is dat wel het antwoord op zijn mijmering. Niet alles voor jezelf willen houden, maar ruimhartig en gul met de ander delen.

Het Hek

Eén van de vaste voorbidders van het Coventrygebed in Den Helder stond op de wachtlijst voor een oogoperatie en natuurlijk kreeg ze de oproep precies zodat ze niet voor kon bidden. Er werd een invaller gezocht. De enige die zich inschreef als invaller was ik. Met het gevolg dat ik twee weken na mijn eigen dienst weer voorbidder was. Normaal gesproken doe ik er een week of twee over om een stukje te schrijven. Ik bedenk waarover ik het wil hebben en zoek daar dan Bijbelteksten bij en een stuk muziek. Ik lees een aantal preken over die bepaalde tekst en ik bestudeer de tekst met behulp van de studiebijbel. Dit doe ik allemaal naast mijn dagelijkse bezigheden als huishouden, honden uitlaten, lesgeven en studeren en daarom en vooral omdat ik lang en langzaam denk, doe ik er een paar weken over om een spreekje op papier te krijgen. Tijd die ik nu dus niet had! Toch is het me, met behulp van een YTshort weer aardig gelukt. Nu ben ik vast van plan om altijd bezig te zijn met een spreekje, zodat ik niet nog een keer in haast iets hoef te schrijven!

Als muziekje had ik eerst de Reverie van Debussy uitgezocht. Dat vond ik leuk omdat het spreekje over een droom gaat 🙂 maar ik vond het toch niet zo een leuk stuk en heb uiteindelijk de eerste Arabesque van Debussy gespeeld. De mensen vonden het erg mooi.

Claude Debussy (1862-1918)

De volgende keer wil ik het gaan hebben over psalm 23 en waarom dat de meest bekende, meest gezongen, meest bewerkte, meest gespeelde en meest geliefde psalm is van alle 150 psalmen. Als het over psalmen gaat zeg ik altijd: dat is één van mijn 150 lievelingspsalmen, maar dat geldt niet voor iedereen. In het GvL (Gezangen voor Liturgie, liedbundel die in de meeste RK parochies in Nederland wordt gebruikt) ontbreken bijvoorbeeld psalm 132, 133, 135, 136 en nog een paar, terwijl bijna iedereen psalm 23”’ uit het hoofd mee kan zingen. Psalm 18 is ook een zeer geliefde psalm. Sowieso is het heel bijzonder dat de psalmen na zoveel jaar nog steeds geliefd, intrinsiek en universeel veelgebruikt zijn. Maar nu wil ik doorschrijven over de psalmen en ik had bedacht dat het een apart blog moest worden. Ik houd er nu dus over op, tot een volgende keer. Hieronder volgt mijn spreekje dat ik afgelopen vrijdag bij het Coventrygebed heb gehouden.

Een man droomde dat hij door een veld liep. Het veld was groen en mals en zag er aantrekkelijk uit. Dwars door het veld stond een groot hek. Niet hoog, maar wel breed en heel erg lang. Zo ver als het oog kon zien, reikte het hek. Aan de ene kant van het hek zag de man God. Aan de andere kant van het hek de Duivel. Satan zei tegen de man: Aan welke kant van het hek wil je lopen? Als je aan mijn kant van het hek komt, geef ik je alles wat je hartje begeert. Meer dan God je ooit geven zal! Maar de man aarzelde. Hij voelde wel aan dat de Duivel waarschijnlijk iets van hem zou vragen wat hij niet geven wilde en hij zei tegen God: ik heb altijd van U gehouden en ik weet dat U er altijd voor mij bent, maar waarom zou ik het aanbod van de duivel afslaan? U vraagt zoveel van mij en U geeft me lang niet alles waar ik om vraag.
God in Zijn wijsheid zweeg.
Toen had de man een lumineus idee. Hij klom op het hek en lachte triomfantelijk naar God en naar Satan. Waarom zou ik kiezen? lachte hij. Ik blijf gewoon op het hek zitten en dan heb ik het beste van allebei! Toen werd de hemel donker en er ontstonden donderwolken boven zijn hoofd. De duivel legde zijn hand op zijn schouder. Nee! riep de man. Ik heb niet voor jou gekozen! Ik zit op het hek! De duivel boog zich voorover en fluisterde in zijn oor: het hek is van mij

Gelukkig was het maar een droom. Gelukkig geeft God ons elke dag opnieuw de kans voor Hem te kiezen. Gelukkig laat Hij ons nooit in de steek, zelfs niet als we besluiteloos op het hek blijven zitten. Hoe komen we van dat hek af? Het is belangrijk dat we elke dag opnieuw voor God kiezen. Niets mag belangrijker zijn dan een volledige toewijding aan Christus. Jezus is dan ook zeer direct in Zijn aanwijzingen voor ons. Hij zegt duidelijk in Joh. 14, 6-7: Jesus sprak tot hem: Ik ben de weg, de waarheid en het leven; niemand komt tot den Vader, dan door Mij. Daar gij nu Mij hebt gekend, zult gij ook den Vader kennen; van dit ogenblik af kent gij Hem, en hebt gij Hem gezien.
Dat zegt alles over de weg die we moeten volgen. En in Mattheüs 8, 21-22 is Hij nog duidelijker over wat het belangrijkste zou moeten zijn in ons leven:
Een ander van zijn leerlingen zeide Hem: Heer, sta me toe, eerst mijn vader te gaan begraven. Maar Jesus zei hem: Volg Mij, en laat de doden hun doden begraven.
Zelfs het begraven van onze geliefde doden moet wijken voor de eis van gehoorzaamheid. God moet bovenaan ons verlanglijstje staan. Het verlangen naar de Geest is genoeg om Hem te ontvangen. Het verlangen mag zo groot zijn dat we het hek niet eens meer kunnen zien! Dat we verdwalen in grazige weide conform psalm 23:

De Heer is mijn Herder,
het ontbreekt mij aan niets.
Hij laat mij rusten in grazige weiden,
Hij leidt mij rustig naar vredig water.
Hij geeft mij nieuwe kracht, Hij leidt mij in het rechte spoor,
omwille van zijn naam.
Zelfs als ik door een dal van diepe duisternis ga,
vrees ik geen gevaar, want U bent bij mij.
Uw stok en uw herdersstaf zijn mij een troost.
U zet een feestmaal voor mij neer,
voor de ogen van mijn belagers;
U zalft mijn hoofd met olie,
mijn beker stroomt over.
Ja, uw goedheid en liefde zullen mij volgen,
alle dagen van mijn leven.
Ik mag in het huis van de Heer verblijven
tot in lengte van dagen.

Psalm 23 in mijn eigen Bible Journaling Bible

Vredeswens

Ik kreeg van de parochie-assistent als dank voor het voorbidden van de Rozenkrans in de maand mei (= traditioneel Maria maand) een poster van Peace Now. Je hebt ze vast wel ergens zien hangen; ze hangen tenslotte overal. Kijk, deze:

Ik wist niet zo goed of ik er blij mee was, maar mijn man had m meteen voor het raam gehangen dus heb ik m maar laten hangen. Gemakzucht. Liever lui dan moe, zoiets. Enfin, als er zo een ding voor je raam hangt, krijg je natuurlijk ook commentaar. Dat viel op zich mee, al vroegen er wel steeds mensen of ik voor hun óók zo’n poster had. Ik dus naar de pastorie en vroeg om nog een of twee van die posters en kreeg een heel stapeltje. Nu ben ik opeens een soort van distributiecentrum voor Peace Now posters geworden HAHAHAHAHAHAHA terwijl ik niet eens zeker weet of ik er wel blij mee ben.

Ik ben natuurlijk wel voor vrede! En ook voor vrede in de wereld, maar ik denk gewoon dat er veel te groot gedacht wordt. Ik ben in mijn eentje niet in staat om wereldvrede te bewerkstelligen. En hoe machtig een mens ook is of denkt te zijn; er is natuurlijk maar Eén die werkelijk vrede kan brengen.

Er stond ergens op de muur geschilderd: Jezus redt. Een paar weken later had iemand erachter geschreven: het niet. (Waardoor er Jezus redt het niet kwam te staan) Een of andere slimmerik schreef er daarna “alleen” achter.

JEZUS REDT HET NIET ALLEEN

en zo is het! Ik schreef er een spreekje over voor het Coventrygebed. Ik zal het hieronder plakken. Ik had een vriendin meegevraagd om samen muziek te maken. Zij kan heel goed blokfluit spelen. Ik zei: laten we de kleine suite van Andriessen spelen. Dus toen we gingen repeteren en we drie maten ver waren gekomen, riep ik dit is niet de muziek die ik bedoelde! Had ze de kleine suite van Hendrik Andriessen gekocht! En ik bedoelde natuurlijk die van Jurriaan!!!! HAHAHAHAHAHA.

Het woordje “Vrede” komt 350 keer voor in de Bijbel. Dat is nét iets minder dan de zin: “wees niet bevreesd” Dat zinnetje komt 365 keer voor in de Bijbel; ik denk graag voor elke dag één keer. Maar dit even geheel terzijde.
Het woord vrede dus. We spreken het zo gemakkelijk uit. We bidden ervoor. Waarschijnlijk dagelijks, maar toch in ieder geval elke week hier met elkaar in het Coventrygebed. Maar wat betekent vrede nu eigenlijk echt?
In het Oude Testament wordt voor vrede het Hebreeuwse woord sjalom gebruikt. Sjalom betekent compleet of heel. Een steen zonder barsten en groeven bijvoorbeeld is sjalom, maar ook een muur zonder gaten of scheuren. Sjalom kan ook als werkwoord gebruikt worden. Als je een conflict hebt met iemand, moet je sjalomen of sjalom met hem maken. Je herstelt de relatie, je maakt het opnieuw compleet.
In Jesaja 9, 5 wordt de geboorte aangekondigd van de prins van sjalom, de Koning van de vrede. Zijn komst zou een rijk aankondigen van sjalom zonder einde! want een Kind is ons geboren, een Zoon is ons gegeven en de heerschappij rust op zijn schouder en men noemt Hem bij zijn Naam: Wonderbaar, Raadsman, machtige God, Eeuwige Vader, Vredevorst.

In het Nieuwe Testament wordt het Griekse woord Eirene gebruikt; de geboorte van Jezus wordt aangekondigd als de komst van Eirene, vrede. En Jezus zegt het zelf ook, in Joh. 14, 27: Ik geef jullie vrede. Ik geef jullie míjn vrede. De vrede die Ik jullie geef, is een ander soort vrede dan de vrede van de wereld. Wees niet bang of verdrietig. (Dar heb je dat andere zinnetje weer!)

Jezus komt om de complexe relatie tussen God en mensen te herstellen. Door Jezus’ dood aan het kruis heeft God vrede met ons gesloten. Door Jezus heeft Hij de vriendschap hersteld tussen Hemzelf en alles wat leeft op de aarde en in de hemel. (Kol. 1, 19-20) Hij was volledig mens zoals ik zou moeten worden. Jezus geeft Zijn leven als vrede aan Zijn volgelingen en zo roept Hij Zijn volgelingen (Zijn apostels, Zijn discipelen, wij Christenen) op om Zijn vrede door te geven en te bewaren. Jezus zelf is onze vrede! Want Hij is onze vrede, die de twee tot één heeft gemaakt en de tussenmuur heeft afgebroken. In zijn vlees heeft Hij de vijandschap en de Wet van geboden met de geboden ervan tenietgedaan, om zo de twee in Zichzelf tot één nieuwe mens te scheppen en vrede te maken. Ef.2, 14-15
Vrede is meer dan de afwezigheid van conflict of oorlog. Ware vrede is dat we nemen wat gebroken is en het herstellen tot heelheid. De belangrijkste eigenschappen die wij moeten ontwikkelen om in Zijn Naam vrede te bewerkstelligen zijn nederigheid, geduld en liefdevolle omgang met anderen. Vrede is dus veel werk. Mensen van vrede nemen deel aan het leven van Jezus en scheppen vrede. Om te beginnen in het klein, in eigen huis, bij of met buren en in de eigen gemeenschap. En als iedereen dat in het klein doet, kan de vrede groeien en groeien en groeien tot er eindelijk vrede in de wereld is. Moge het zo zijn!

kaartje; kleine moeite, groot plezier

Ik laat me niet zo gauw uit het veld slaan. Ik begroet de dag vriendelijk en met mededogen. Ik begroet iedereen die ik tegenkom tijdens mijn eerste rondje met de hondjes. Vaak komt er geen antwoord op mijn “goedemorgen!” en dan zeg ik tegen mezelf: dan geen goede morgen, zelf weten! Laatst was ik het na de derde keer zo spuugzat dat ik keihard begon te zingen. Kinderen voor kinderen Wijsje in mijn hoofd, zeer toepasselijk. Ik zing het graag en vaak. Mijn zus zingt altijd een alternatieve versie: meisje in mijn hoofd HAHAHAHA.

In ieder geval liep ik dat dus keihard te zingen als er een mevrouw me tegemoet komt en me vriendelijk toeglimlacht. We praten even kort over het hoe en waarom van mijn gezang. Ze vond het erg leuk om te horen en een nobel streven ieders dag een beetje proberen op te vrolijken. Want net als een slecht humeur is niets beter voor een goed humeur dan het verspreiden ervan.

En ja hoor, op een goede dag kwam ik haar weer tegen. Ze roept me aan en stapt van haar fiets af en haalt iets uit haar fietstas. Ik heb wat voor je, zegt ze een beetje verlegen lachend. Ik kijk haar niet begrijpend aan en ze overhandigd me zonder verdere poespas een enveloppe. Dit zat er in:

Ze heeft dus bij thuiskomst deze kaart gezocht en gevonden, ze wist waarschijnlijk dat ze hem ergens had. In een enveloppe gestopt en in haar fietstas gedaan met de gedachte dat ze die aan mij zou geven zodra ze me weer tegenkwam. Hoe lief is dat?!?!?! Hij is wel een beetje natgeregend, verontschuldigde ze zich nog. Nu ja zeg! Ik was oprecht ontroerd.

Je weet nooit wat je betekend in iemands leven.

Het lijkt zo eenvoudig

Een andere oorzaak dat ik te weinig in dit blog schrijf, naast dat ik er te weinig tijd voor heb/neem, is dat ik de vorige keer dat er roosters gemaakt werden voor het Coventrygebed in Den Helder ik veel te laat was met inschrijven. Mijn streven is eigenlijk één keer per maand voorbidder zijn, maar van maart tot en met juni sta ik maar twee keer op het rooster. Ik gebruik wat ik schrijf voor het Coventrygebed vaak als kapstok om een blogstukje te schrijven. Ik ben in april een keer voorgegaan en nu pas in juni weer. In april zaten we in het kerkgebouw van het Apostolisch Genootschap. Ik was daar nog nooit binnen geweest. Wat een fantastische ruimte! En in plaats van een aftandse piano die ik in de meeste kerkgebouwen aantref, stond er een prachtige Yamaha vleugel uit de C-3 serie (één maatje kleiner dan ik thuis heb 😉 ) Ik heb dan ook, na mijn verhaaltje, heerlijk een etude van Philip Glass zitten spelen. Het was een drukbezochte gebedsdienst en ik had onderweg twee bossen tulpen gekocht en alle bidders een of twee tulpen mee naar huis gegeven. Iedereen was er zó blij mee! Het was maar een heel klein gebaar en het paste perfect bij het verhaaltje dat ik ging houden. Ik was lichtelijk verbaasd dat men zo enthousiast reageerde, maar misschien krijg ik wel veel vaker bloemen dan de meeste mensen. Ik krijg vaak bloemen als ik gewoon mijn werk doe (na een concert of ik krijg de bloemen van de kerk) en ik heb ook nog een man die het fijn vindt om af en toe zo maar een bloemetje voor me mee te nemen.

Nu ik dat zo opschrijf, herinner ik me dat mijn vader ook vaak bloemen voor Moeder meenam…. Ik zeg vaak tegen mijn lieve echtgenoot dat ik hem wegdoe als hij nog meer op mijn vader gaat lijken. 😀

Het verhaal ging over vasten omdat het 4 april nog geen Pasen was. Inmiddels leven we natuurlijk (weer) in de Paastijd en zijn er nog veel andere belangrijke zaken aan de orde. Zoals het komende conclaaf. We kunnen niets anders doen dan bidden en hopen dat de Geest de kardinalen bezield en dat er een goede paus wordt aangewezen.

Hieronder dan het preekje dat ik hield bij het Coventrygebed.

Jesaja 58, 4-11

Welk nut heeft vasten als u blijft ruziën en vechten? Dat soort vasten doet weinig goed in mijn ogen. Is dit wat Ik wil? Dit soort inkeer, dit buigen als riet in de wind, dragen van rouwkleding en het uzelf bedekken met as? Noemt u dat vasten, een dag waaraan Ik welgevallen heb?
Nee, het soort vasten dat Ik van u verlang, is dat u uw band met de zonde verbreekt. Dat u zich bevrijdt van het kwaad. Dat u ophoudt uw arbeiders uit te buiten, hen eerlijk behandelt en hun geeft waar zij recht op hebben. Ik wil dat u uw voedsel deelt met de hongerigen en dat u hulpelozen, armen en ontheemden in uw huizen ontvangt. Geef kleren aan wie het koud hebben en verberg u niet voor familieleden die uw hulp nodig hebben.
Dan zult u stralen als de morgenzon. U zult snel genezen, uw vroomheid zal u voorthelpen, goedheid zal als een schild voor u zijn en de glorie van de Here zal u van achteren beschermen. Dan zal de Here antwoorden als u roept. ‘Ja, hier ben Ik,’ zal Hij direct zeggen. Alles wat u moet doen, is de boosheid uit uw midden wegdoen, ophouden de zwakken te onderdrukken, ophouden valse beschuldigingen te uiten en niet langer slechte geruchten verspreiden! Geef de hongerigen te eten! Help mensen die in moeilijkheden zitten! Dan zal uw licht vanuit de duisternis schijnen en de duisternis om u heen zal zo helder worden als het licht overdag. En de Here zal u onophoudelijk leiden, in uw behoeften voorzien met goede dingen en u gezond houden, dan zult u lijken op een tuin met voldoende water, een altijd opborrelende bron.
Tot zover deze lezing…

profeet Jesaja

Ik hoorde een heel mooie uitleg of metafoor zo u wilt. Denk aan een handschoen. Een handschoen is gemaakt naar de vorm van een hand. Een handschoen lijkt dan ook op een hand, maar het is slechts een leeg omhulsel. Zonder de hand ín de handschoen is er niets mogelijk, maar met een hand in de handschoen is er van alles mogelijk! Een handschoen kan een hand beschermen tegen kou en/of smerigheid. Een hand, en dan natuurlijk de mens die aan de hand vastzit, kan de handschoen gebruiken om dingen te doen die een handschoen alleen niet kan. En die de hand (en de mens die daaraan vast zit) kan dingen doen die hij zonder handschoen niet of niet goed kan doen.

God schiep de mens naar Zijn Beeld en Gelijkenis. In vorm zijn wij hetzelfde. Wij zijn als het ware Zijn handschoenen. Als wij ons niet laten vullen met de heilige Geest zijn wij niets anders dan een leeg omhulsel, onbezield, tot niets in staat. Of tot niet veel in ieder geval. Maar als wij ons leegmaken voor Christus en ons leven aan Hem overgeven, dan zijn we bezield en tot alles in staat. Dan zullen we lijken op een tuin met voldoende water, dan zullen we werkelijk licht zijn in de duisternis en de Heer zal ons onophoudelijk leiden.

Nu de Vasten bijna voorbij is en het Licht van Pasen langzamerhand aan de horizon verschijnt, is het wellicht tijd om nog eens kritisch naar onszelf te kijken. Heb ik mijzelf de afgelopen weken voldoende verdiept in mezelf? Heb ik me meer overgegeven aan God (meer dan anders)? Heb ik de tijd voor Pasen voldoende benut om mezelf leeg te maken om een veilig (of heilig) voertuig voor de Geest te worden? Heb ik meer en meer gebeden? Ik probeer me vast te houden aan de volgende wijze raad:


Bidden is liefde tot God.

Vasten is liefde voor mezelf.

Geven is liefde voor de naaste.

Het klinkt zo eenvoudig.

componist Philip Glass aan de piano


En dat is het eigenlijk ook.

In het seizoen

Als je een moestuin hebt en streeft naar alleen van eigen grond eten, dan eet je als vanzelf met de seizoenen mee. En toch gaat het soms ook nét even anders 🙂

De witlofkuil hebben we vorige week leeg gemaakt, maar er staat gelukkig nog wel prei op het land. En we hebben gister de eerste winterbloemkool geoogst. Nomnomnom, dat was erg lekker! Ik had nog wat geroerbakte groente over van de dag ervoor; tuinbonen (uit de vriezer) met ui (bewaar) en dille (vriezer) dus ik maakte een soep met prei, bloemkool en verse lavas (aka maggiplant. Mijn Moeder gaf een keer een stekkie van de maggiplant aan een vriendin. Die kwam weken later vragen wanneer er nu eindelijk blokjes aan de plant gingen groeien HAHAHAHAHA) En daar gooide ik de groente én de misosaus van de vorige dag doorheen, litertje water erbij en huppekee, heerlijke soep! En omdat ik al een paar weken fanatiek plantaardige kaas aan het maken ben, hadden we er zelfgebakken brood met zelfgemaakte (plantaardige) kaas bij. Een maaltijd geschikt voor koningen!

Vandaag pakte ik wat aardappels, want ik was van plan om een stamppot te maken met prei, paddenstoelen (gedroogde die ik koop bij een biologische winkel en die na een half uurtje weken in warm water gewoon smaken alsof ze vers zijn) en sperziebonen (uit de vriezer) en toen vond ik nog een mooie oranje pompoen! Die had zich verstopt en als de laatste der Mohikanen hield hij heldhaftig stand. Ik heb dit jaar een aantal pompoenen weg moeten gooien omdat ze aan het rotten waren geslagen. Dat komt voornamelijk omdat het zo een zachte winter is geweest. Nu moest ik dus iets anders bedenken want die pompoen vroeg er gewoon om gegeten te worden!

Ik schilde dus twee grote aardappelen en sneed ze in blokjes. Ik sneed de pompoen door midden en haalde de zaden eruit. Ik schilde de pompoen en sneed ze in blokjes. Ik deed al deze stukjes in een ovenschotel en daarbij deed ik nog een ui in grote stukken gesneden, een handvol grofgesneden prei en wat korianderzaadjes. Ik besprenkelde het geheel met een eetlepel ume su (gefermenteerde perzikazijn), drie eetlepels olijfolie, een theelepel rozenwater en matchazout. Vervolgens dekte ik de ovenschotel af met aluminiumfolie. Ik zette de schotel een half uur in een voorverwarmde oven op 190*C. Daarna haalde ik de folie van de schotel, voegde nog wat gekneusde hazelnoten en een paar pijnboompitten toe en liet het nog een kwartiertje onafgedekt in de oven staan.

Eten met het seizoen mee is minder moeilijk dan je denkt. Als je geen moestuin hebt, kun je in de supermarkt het beste de groente en het fruit kopen dat uit Nederland of een dichtbij gelegen land komt. Hoewel….vooral in Nederland wordt heel veel zacht fruit en kleine groente in de verwarmde kas geteeld. Dat zou je mooi op het verkeerde been kunnen zetten. Met het seizoen mee wil zeggen geen aardbeien met Kerst! Maar wel heerlijke witlof of rode bietjes. Het beste kun je een kalender vinden en op de koelkast hangen. Zoals bijvoorbeeld deze:

Of als je meer een beelddenker bent, deze:

Natuurlijk kun je het seizoen rekken door groente/fruit in te maken of in te vriezen en door fruit tot jam te koken. Wij hebben het goed voor elkaar! Nu de witlofkuil leeg is, oogsten we de eerste winterbloemkool terwijl de zomerbloemkool alweer staat te groeien! En volgende week kunnen we spinazie eten, ook zo lekker! En over niet al te lange tijd kan ik raapstelen en radijs oogsten en hebben we weer heerlijke sla! Soms heb ik wel een beetje medelijden met mensen die geen moestuin hebben, want het is wel veel werk maar het is ook zo heerlijk om je eigen groente te eten.

tot slot: heb ik de weddenschap nou verloren of gewonnen? Hoeveel tijd zat er tussen dit blogje en het vorige? Hoe streng moet ik voor mezelf zijn?