Waterdragers

Ondanks het koude voorjaar en weken van aanhoudende droogte gaat het werk in de moestuin onverminderd voort. Wekenlang bestond het werk uit niet veel meer dan water geven. De tuinbuurmannen en ik noemden onszelf waterdragers en waren voortdurend bezig met overleggen welke plantjes het meeste water nodig hadden en welke plantjes nog wel een poosje zonder konden. Toen onze ene buurman zelfs de aardappels water ging geven werden we ons bewust dat het dit jaar inderdaad wel erg lang droog bleef. Prompt de volgende dag kwam de eerste goeie regenbui sinds mei. Na drie heftige buien van respectievelijk 10 mm, 8 mm en 15 mm water (volgens mijn regenmeter dan) en nog wat kleine buitjes (2 mm, 3 mm, dat werk) is alles opeens superhard gaan groeien en gaan afrijpen. De bak met bloemen staat er prachtig bij en zelfs de kolen zijn van hun gaas bevrijdt. Behalve de spruitkool dan; die blijft onder gaas totdat de planten leeg zijn en naar de composthoop verhuizen. Er zijn veel te veel dieren en diertjes die dol zijn op spruitkool! Net als wij.

knoflook hangt te drogen

Zo hing ik van de week 75 voeten knoflook aan de waslijn te drogen. Vijf rijen uien uitgegraven en te drogen gelegd. Alweer twee keer frambozenjam gekookt (= 2 kilo frambozen) en het eind van de frambozenoogst is nog niet in zicht! En dit jaar voor het eerst hebben een aantal kiwi’s alle zomerstormen overleeft en ook die groeien gestaag door. Ook de tuinbonen zijn geoogst en ingevroren. Gister heeft Henk alle rode bessen geplukt. Hij is daar toch zo’n twee uur mee bezig geweest. Twee emmers bijna vol. Hoeveel denk je dat het is? vroeg hij. Ik pakte de emmers op, in iedere hand één en zei: 6 kilo. Hij begon keihard te lachen. Dat kun je zo helemaal niet wegen, beweerde hij. Als je in iedere hand een emmer hebt, kun je nooit voelen hoeveel er in zit. Kijk, zo moet je dat doen. Hij pakte de ene emmer en zei: hier zit twee kilo in. Hij pakte de andere emmer en zei, hier zit anderhalve kilo in dus samen drieënhalve kilo. Hij keek zelfvoldaan en zelfverzekerd, maar ik liet me niet van de wijs brengen, pakte nogmaals beide emmers op en zei: 6 kilo! We gingen naar huis en Henk haalde de grote weegschaal van zolder. Die hadden we dit tuinseizoen nog niet eerder nodig gehad. Hij woog de bessen. En het was precies zes kilo. 😀

uien liggen te drogen

Op de vlakten van Moab herhaalde Mozes de regels van het verbond dat de Here bij de berg Horeb met het volk Israël had gesloten. Hij riep alle Israëlieten bij elkaar en zei: ‘U hebt met eigen ogen de grote plagen en machtige wonderen gezien die de Here over de farao en zijn volk in het land Egypte bracht. Maar pas vandaag heeft de Here u inzicht gegeven, uw ogen en oren geopend. Veertig jaar lang heeft de Here u door de woestijn geleid zonder dat uw kleren versleten of uw sandalen kapot gingen! Hij liet niet toe dat u zich ergens vestigde om koren voor brood en druiven voor wijn te verbouwen omdat Hij u wilde laten voelen dat Hij het is die voor u heeft gezorgd. Toen wij hier aankwamen, trokken koning Sichon van Chesbon en koning Og van Basan tegen ons ten strijde, maar wij vernietigden hen. Wij namen hun land en gaven het als erfdeel aan de stammen van Ruben en Gad en aan de halve stam van Manasse. Daarom moet u de bepalingen van dit verbond naleven zodat het u goed zal gaan bij alles wat u doet. U allen—uw leiders, het volk, uw rechters en uw ambtenaren—staat vandaag voor de Here uw God. Samen met uw kleine kinderen, uw vrouwen, de vreemdelingen die bij u wonen en zij die uw hout hakken en uw water dragen. U staat op het punt een verbond te sluiten met de Here uw God. Een verbond dat Hij vandaag met u sluit. Deut. 29, 1-12

tuinbonen!
mini kiwi

Waterdragers zijn ongelooflijk belangrijk. In de Bijbel komen veel verhalen voor die gaan over water. Een teveel aan water kan verschrikkelijk zijn en een tekort aan water eveneens. Water is de belangrijkste voorwaarde voor leven. Een mens bestaat gemiddeld voor 65% uit water. De aarde bestaat voor zo’n 70% uit water, niet eens zo heel veel meer dan de mens! Dat is vast niet toevallig…(Toeval is misschien het pseudoniem voor God als Hij anoniem wil blijven) Een komkommer bestaat voor 97% uit water. Geen wonder dus dat de plantjes op de tuin water nodig hebben. En dat wij dat zelf moeten gaan geven als God het niet doet/het niet regent. Laat je vooral niet bang maken over berichten over watertekorten. Water gaat nooit verloren. Dat heeft te maken met de waterkringloop. Er is wellicht ergens soms af en toe een gebrek aan (schoon) drinkwater, maar met een filter, een vuurtje en een pannetje kun je zelfs van zeewater drinkwater maken. Hoe slecht is het eigenlijk voor je gezondheid om zeewater te drinken? Als je op land bent en er is zoet water beschikbaar, al dan niet schoon, is het altijd beter om zoet water te drinken. Zout water, zeewater kan de nieren beschadigen. Gezond is het dus zeker niet, maar ik denk dat als ik schipbreuk heb geleden en zonder zoet water over de oceaan dobber dat ik dan kies voor het drinken van zeewater boven sterven van de dorst.

Jezus verandert water in wijn. Bruiloft te Kana.

Na het boek Uittocht, 12 overwegingen van ds. Moerkerken las ik het vervolg Doortocht. Ik vond het een veel ingewikkelder boek dan Uittocht. De veertig jaren die het volk Israëls in de woestijn doorbracht zijn blijkbaar minder makkelijk te duiden dan de tien plagen van Egypte. Ik snap het ook wel. De plagen waren een duidelijk middel om een duidelijk doel te bereiken. Het is heel wat ingewikkelder te zien waarom het volk veertig jaar door de woestijn moest zwerven terwijl van Egypte naar Israël een dag of tien lopen is. Waarom Aaron moest sterven voor ze in de buurt van het beloofde land kwamen en waarom Mozes het land wel mocht zien maar niet betreden. Nu ga ik Intocht lezen, over de komst van het volk in het beloofde land. Want dat was nog een hele toestand. God had het volk dat land beloofd, maar het was niet zo dat het leeg land was! Er woonden al andere volkeren. Enfin, hierover later meer.

Een tekort aan water is net zo gevaarlijk als een teveel aan water. De oceaan is als de woestijn, alleen dan andersom. Het is in het hele leven zo dat een teveel van iets net zo gevaarlijk en levensbedreigend is als een tekort van hetzelfde. Dat geldt voor water, voor zand, voor voedsel en zelfs ook voor kennis. Een teveel aan kennis brengt de mens in de waan dat hij God is. Een tekort aan kennis dreigt hem van God af te doen keren. Het is belangrijk dat je alles in mate doet. U moet alles wat gezegd en gedaan wordt, op zijn echtheid beproeven en alles wat goed is, vasthouden. 1 Thess.5, 21 Behalve liefde natuurlijk. Liefde onttrekt zich aan alle natuurwetten. Liefde heb je nooit teveel en altijd te weinig (of ben ik de enige die dat voelt?) Kortom, er zijn drie dingen die blijven: geloof, hoop en liefde. Maar de liefde is het voornaamste. 1 Kor.13, 13

De dagen van het waterdragen is voorbij. In ieder geval voor dit seizoen voor onze moestuin. In ieder geval voor deze kant van de wereld waar (schoon) drinkwater gewoon uit de kraan komt. Draag eens wat water naar iemand die het nodig heeft. Letterlijk. Of figuurlijk, dat is ook goed 🙂 Wees een waterdrager in alle opzichten!

WATER

Beeld en gelijkenis

Beeld en gelijkenis

Toen ik een jong meisje was, heeft mijn vader (hij was huisarts) eens een patiënt geholpen bij zelfdoding. Het fijne weet ik er natuurlijk niet van, maar mijn vader heeft me ooit verteld dat hij vaker de vraag kreeg iemand te helpen sterven. Hij was daar niet voor en voor zover ik weet heeft hij ooit één keer een spuit met fataal gif bij iemand achtergelaten. Hij deed het dus zelf niet, maar gaf iemand wel de mogelijkheid het te doen. Ik vind het jammer dat ik nu niet meer met hem over deze dingen kan praten. Maar dat is niet het punt. Mijn punt is dat het niet zo heel erg lang geleden is dat euthanasie of hulp bij zelfdoding een onderwerp van een gefluisterd gesprek was.

Vanochtend kwam ik een oude bekende tegen op straat. (Ja, inderdaad ik liep daar met de hond 😉 ) Anyways, deze meneer kon ontzettend goed accordeon spelen. Geen noot kon hij lezen, maar hij kon dat heel slim verstoppen. We hebben vaak samen muziek gemaakt, maar ik denk vooral aan een weekend waarin we Zuid-Amerikaanse muziek speelde en de dirigent pas na drie dagen erachter kwam dat deze man geen noot lezen kon en al de hele week meespeelde op zijn gehoor. Dat was erg leuk! Die man kwam ik dus tegen en we raakte aan de praat en hij vertelde hoe hij, inmiddels 84 jaar oud, niet meer kan spelen en ook het lopen gaat niet meer zo vlot. En, voegde hij er zonder met de ogen te knipperen aan toe, ik heb de dokter al gevraagd om er maar een einde aan te maken, ik heb lang genoeg geleefd en ik vind er niks meer aan.

Dat. Zei. Hij. Gewoon. Midden. Op. Straat.

Ik zit daar mee. Ik begrijp heel goed, beter misschien wel dan wie ook, hoe het leven tegen kan zitten. Hoe ontzettend graag je uit die situatie wilt dat zelfs de dood beter lijkt dan het leven dat je nu leidt … of lijdt. Echt geloof me ik weet het! Maar een eind aan je leven maken is geen oplossing. Uiteindelijk is je leven door God gegeven en is Hij de enige die het weer terugnemen mag. Doe er elke dag alles aan om het leven beter te maken dan het is. Doodgaan kan altijd nog! Sterker nog, dat gaat ongetwijfeld een keer gebeuren en waarom zou je haast hebben? Laat God nou maar doen waar Hij goed in is, dan doe ik wel waar ik goed in ben. Zijn lof zingen. Bidden. Andere mensen inspireren. Muziek maken. God heeft ons gemaakt met in ons de mogelijkheid gelukkig te zijn en Hij is degene die ons levenspad bepaalt.

Toen zei God: ‘Laat Ons mensen maken die op Ons lijken en kunnen heersen over alle dieren op aarde, in de zeeën en in de lucht.’ God schiep daarop de mens als zijn evenbeeld. Als man en vrouw schiep Hij hen. God zegende hen en zei: ‘Vermenigvuldig je, bevolk de aarde en onderwerp haar. Heers over de vissen, de vogels en alle andere dieren. Kijk om je heen! Overal op aarde staan zaaddragende planten en vruchtbomen, die Ik jullie tot voedsel geef. Al het gras en de planten heb Ik als voedsel aan de dieren en de vogels gegeven.’ Toen overzag God alles wat Hij gemaakt had en het was heel goed. Het werd avond en het werd weer morgen: de zesde dag. Gen. 1, 26-30

En dat is nog niet eens het beste wat God voor ons deed. Je zou kunnen zeggen dat ons tot leven wekken wel Zijn beste daad was, maar je kunt het Oude Testament op een willekeurige plaats openslaan om te lezen dat de relatie tussen God en mens van meet af aan problematisch is geweest. En dan druk ik me nog mild uit. Maar nadat Hij ons geschapen heeft, duizenden malen heeft vergeven en keer op keer op keer op keer weer op het rechte pad heeft gebracht, stuurde Hij ons Zijn Eniggeboren Zoon om al onze zonden op Zich te nemen. God wil heel graag dat we van Hem houden en Hem trouw zijn. Hij kan ons daartoe niet dwingen, want Hij gaf ons vrije wil. Wat zou onze liefde waard zijn als deze ingeboren zou zijn? Juist het vrijwillig voor God kiezen, vrijwillig Zijn weg volgen, dát is bij God meer dan welkom. Dat is waarvoor Hij ons geschapen heeft.

Christus is het heiligdom binnengegaan om in onze plaats voor God te verschijnen. Hij deed dat niet in het heiligdom dat door mensen was gemaakt, want dat was slechts een afbeelding van het werkelijke heiligdom in de hemel. Hij heeft Zich ook niet telkens weer geofferd, zoals de hogepriester, die elk jaar weer het Allerheiligste moest binnengaan om dierlijk bloed te offeren. Als dat nodig was geweest, had Hij vanaf het begin van de wereld telkens weer moeten lijden en sterven. Maar nu, tegen het einde van de eeuwen, is Hij eens en voor altijd gekomen om voor ons te sterven en de zonde weg te doen. Zo zeker als alle mensen eenmaal sterven en daarna beoordeeld worden, zo zeker zal Christus—nu Hij eenmaal gestorven is om de zonden van vele mensen weg te nemen—nogmaals verschijnen, nu niet om de zonde weg te nemen, maar om ieder te redden die verlangend naar Hem uitziet. Hebreeën 9, 24-28

Onze wegen scheidden zich weer. En ik liep erover na te denken hoe ontzettend snel de moraal veranderd is. Ik bedoel ik ben (pas of al) 53 jaar oud en in mijn leef-tijd is er al zoveel veranderd. Sommige dingen zijn echt wel beter geworden, maar ik vind de betutteling toch wel een beetje doorslaan. Ik zie hier toeristen rondlopen die zelfs als ze van de fiets zijn afgestapt en door het dorp wandelen, hun fietshelm nog op hebben. Alsof lopen inmiddels net zo potentieel gevaarlijk is als fietsen. Natuurlijk hebben de meeste mensen tegenwoordig een elektrische fiets en gaan ze harder dan op een gewone fiets maar toch…Zelf denk ik dat als je met een fiets onder een auto komt een fietshelm niet zo veel zal helpen. Ik probeer echt om niet al te oordelend over te komen, maar ik denk toch dat er een zekere grens zit aan wat maakbaar is in het leven. Als je voor elke schaduw bang bent, wat blijft er dan nog over om voor te leven? Het moet wel een beetje leuk blijven. Angst mag nooit de motivator zijn voor elke stap die je zet. Het leven wordt er moeilijker en zwaarder van. Veel beter kun je fluitend door het leven stappen en elke tegenslag, elk ongeluk met frisse tegenzin tegemoet treden en overwinnen. Of, zoals Remco Campert ooit schreef: je wordt geboren, je leeft een tijdje, je begrijpt er helemaal niks van en dan ga je weer dood. Zo simpel is het wellicht niet, maar ik ben bang dat veel mensen met hun angst om dood te gaan, vergeten te leven!

toch niet hetzelfde

Afgelopen Zondag, 2 juli, mocht ik het zogenaamde inzingkoor begeleiden op de piano. Dit is geen onverdeeld genoegen, want de zwaaimeneer en ik gaan niet echt lekker samen. Dat ligt helemaal aan mij, ik geef het volmondig toe. Ik kan er slecht tegen als ik muzikale aanwijzingen moet aannemen van iemand die nog geen zuivere A van een stemvork kan overnemen, maar ik doe mijn best. Soms zit veel over iets weten meer in de weg dan dat het handig is. Want als ik niet zoveel over en van muziek zou weten, zou ik het alleen maar leuk vinden om piano te spelen als mensen gaan zingen. Nu moet ik op zoek naar mijn liefde voor het begeleiden van gezang omdat die ondergesneeuwd dreigt te worden door ergernis mijnerzijds. Deze ergernis werd vergroot omdat de bisschoppen hadden gevraagd ergens in de viering het lied Amazing Grace ten gehore te brengen omdat we zo nodig Keti Koti moesten vieren. Ik heb daar een aantal kanttekeningen bij. Ten eerste is een amateurkoor dat bestaat uit welwillende mensen zonder enige ervaring met het zingen van gospel niet de meest geschikte groep om dat lied ten gehore te brengen. Ik zeg dat je daar een dikke negerin voor nodig hebt, maar dan gebruik ik blijkbaar allemaal woorden die beledigend zijn (maar niet zo bedoeld!) en politiek incorrect (dat klopt, dat ben ik ook) maar zeg nou zelf: wie kan het beter dan Mahalia herself? Enfin, we hebben het gedaan en het ging best goed; de mensen in de kerk zongen mee en waren er blij mee, dus wie ben ik om te protesteren? Ten tweede vraag ik me af waarom we een Surinaams feest moeten vieren in een toch voornamelijk blanke parochie. Maar de allerbelangrijkste reden voor mijn aversie is toch wel het feit dat slavernij helemaal niet is afgeschaft! In alle landen van de wereld werken slaven. Ze zijn niet overal even zichtbaar, maar ook in Nederland zijn er slachtoffers van mensenhandel die als slaaf worden misbruikt. En dan heb ik het nog niet eens over alle mensen die zichzelf als slaaf maken van hun digitale wereld of willekeurig welke andere verslaving. Het woord verslaving zegt zoveel! Verslaafd zijn aan iets betekend gewoon letterlijk dat je als een slaaf handelt, een slaaf bent van de smartphone, de drugs, de alcohol, het gokken. Een slaaf hoeft niet te denken; sterker nog dat wordt streng afgekeurd! Een slaaf doet wat hem wordt opgedragen en denkt niet (voor) zichzelf. En ik heb toch stellig de indruk dat het aantal verslaafden/slaven de laatste jaren exuberant is toegenomen.

Toch bleef het me dwars zitten dat het me zo dwars zat, totdat ik me ineens realiseerde dat het te maken heeft met het nivelleren van, nou ja, van alles eigenlijk! Kerstmis moet je tegenwoordig Winterfeest noemen, Pasen Voorjaarsfeest en Sint Nicolaas mag alleen nog in zeer uitgeklede versie gevierd worden. Het Suikerfeest (afsluiten van de Ramadan) wordt steeds groter en wie weet nog wat we vieren met Pinksteren? En misschien denk je nu, ach wat geeft het, maar ik denk toch dat hoe minder we te kiezen hebben hoe kleiner onze vrijheid wordt. En ook daar zeg ik niks nieuws. Lees Luther er maar op na!

Toen ik me in 2004 in de Rooms Katholieke kerk liet dopen, heb ik van heel veel mensen de opmerking gekregen dat het toch niet uitmaakt in welke kerk je je laat dopen. Toen was ik daar heel fel op. Als het niet uitmaakte, waarom had ik dan voor de RK gekozen? Ik ben niet over één nacht ijs gegaan. Ik heb er lang over nagedacht. Ik heb een keuze gemaakt. Inmiddels is die zwartwitgedachte wel wat milder geworden. Zeker sinds ik (on)regelmatig in de Gereformeerde Gemeente kerk, zie ik veel meer overeenkomsten tussen diverse denominaties dan verschillen. Ik zie oprechte Christenen in elke denominatie en zelfs buiten de kerk. (Natuurlijk zie ik ook overal slechteriken, maar daar gaat het nu even niet over. Er zijn nu eenmaal in elke groepering goede en slechte mensen te vinden.) De latere paus Benedictus XVI, toen nog kardinaal Joseph Ratzinger riep de kerk op haar voorhof te openen voor mensen die God zoeken maar Hem nog niet gevonden hebben. Hij stelde dat als de kerk, als wij Christenen, maar ons voorhof, ons hart openen voor deze zoekers dat ze dan vanzelf God wel zullen vinden. Natuurlijk is het een mooi streven om te pogen mensen met God in aanraking te laten komen, maar we mogen niet vergeten wat Jezus gezegd heeft: Jezus zei tegen hem: Ik ben de Weg, de Waarheid en het Leven. Niemand komt tot de Vader dan door Mij. Joh. 14, 6. In het boek Theater voor Engelen van Tomas Halik wordt heel mooi uitgelegd hoe belangrijk het is dat Christenen niet alleen hun geloof verspreiden, maar ook alert moeten blijven hun eigen geloof niet te verliezen. Halik spoort iedereen aan zelf te blijven denken en niet achteloos of onverschillig achter de rest aan te lopen.

Bij Bible Journaling Club hadden we het over Maleachi. Deze kleine profeet is de hekkensluiter van het Oude (of Eerste) Testament. In Maleachi heeft God duidelijk dispuut met het volk. Hij geeft ze, via Maleachi, steeds op hun kop en probeert ze te bewegen tot beter gedrag. In het laatste hoofdstuk wordt het einde der tijden verhaalt. Als je de boodschap van Maleachi goed doorneemt, blijken er wel heel veel overeenkomsten te zijn met de huidige tijd.

Maar gelukkig geeft Hij ons ook hoop dat het uiteindelijk toch weer goed zal komen. Als we ons maar niet van Hem afkeren.

God beloont de mensen die leven zoals Hij het wil. Let op, die dag komt eraan! Die dag zal zijn als een gloeiendhete oven! Alle trotse en slechte mensen zullen op die dag als droog gras verbranden. Er zal niets van hen overblijven, zegt de Heer van de hemelse legers. Maar júllie hadden ontzag voor Mij. Jullie zullen worden beloond. Voor jullie zal er genezing zijn bij de Heer. Jullie zullen naar buiten gaan en dansen en springen als jonge kalfjes die de stal uit mogen. Op die dag zullen jullie de slechte mensen vertrappen tot stof onder jullie voeten, zegt de Heer van de hemelse legers. Houd je aan de wet van mijn dienaar Mozes. Op de berg Horeb gaf Ik hem mijn wetten en leefregels voor het hele volk Israël. Let op, vóórdat deze grote en verschrikkelijke dag van mijn straf komt, stuur Ik de profeet Elia naar jullie toe. Door hem zullen de vaders hun hart weer openen voor hun kinderen. Door hem zullen de kinderen weer willen luisteren naar hun vaders. Dan zal Ik de aarde niet hoeven te vernietigen.” Maleachi 4

mijn Bible Journaling bij Maleachi 4.

Dan maak ik me weleens zorgen over de wereld. Een vriendin van mij zegt dan dat het niet hoeft. Je hoeft je alleen zorgen te maken over jezelf en je eigen geloof. God zorgt wel voor de wereld en alle gelovigen en ongelovigen. Wees standvastig en vastberaden. Ik vind het heel goed advies en geef het maar al te graag door: WEES STANDVASTIG EN VASTBERADEN.

Wees dus blij! Er ligt iets heerlijks voor u klaar, ook al zult u het door allerlei beproevingen eerst nog een tijd erg moeilijk hebben. Door die moeilijkheden en problemen wordt uw geloof op de proef gesteld, zodat zal blijken of het echt is of niet. Want ook goud, dat kan vergaan en lang zoveel niet waard is als geloof, wordt in het vuur gesmolten om te zien of het wel echt is. Wel, als uw geloof het vuur van de beproevingen kan doorstaan, zal Jezus Christus bij zijn terugkeer geëerd en geprezen worden. 1 Petrus 1, 6-7

Coventrygebed

Gelukkig zijn de mensen die vrede brengen, want zij zullen kinderen van God worden genoemd. Mat. 5, 9

Ik ben gevraagd om in Den Helder af en toe het Coventrygebed te leiden. Dat komt, we hebben een nieuwe parochie-assistent en die woont in Den Helder. En ik leid nog steeds het rozenkransgebed in mei en oktober, maar sinds december 2022 bid ik ook elke zaterdagmiddag voor Vrede in de Wereld. En het Coventrygebed is een afdeling van the Community of the Cross. Je kunt het hele verhaal lezen onder de link, maar even in het kort. In de Engelse stad Coventry werd in 1940 de kathedraal verwoest door een vliegtuigbom. In de wrakstukken lagen twee dakspanten in de vorm van een kruis. Dit werd als een teken opgevat (wat het waarschijnlijk ook was; maar of je dat gelooft mag je zelf weten) en er ontstaat een hele beweging die tot op de dag van vandaag elke vrijdag rond het middaguur een gebed uitspreken voor de vrede. Nou en de nieuwe parochie-assistent dacht dat als ik op zaterdag wil bidden voor vrede, ik dat op vrijdag ook wel zou willen. Bovendien is ze een voorstander van vrouwelijke voorgangers 🙂

vredesduif

Ik zocht wat plaatjes van een vredesduif om dit blogje mee te versieren. Weet u waar de duif als symbool voor de vrede vandaan komt? U kent natuurlijk het verhaal uit de Bijbel van Noach die een schip moest bouwen, van elk diersoort een mannetje en een vrouwtje aan boord nemen toen God de aarde middels een zondvloed vernietigde. U kunt het allemaal nalezen in Genesis 6 t/m 8.

Na nog eens veertig dagen opende Noach het venster dat hij in de ark had gemaakt, 7en liet een raaf los. Deze vloog heen en weer, net zolang tot de aarde weer droog was. Daarna liet Noach een duif los om te kijken of de aarde al droog was, maar de duif vond nergens een plek om neer te strijken en vloog terug naar de ark. Het water stond nog te hoog. Noach stak zijn hand uit en zette de duif weer terug in de ark. Een week later probeerde Noach het nog eens. De duif vloog weg om tegen de avond terug te keren met een olijfblad in haar snavel. Zo wist Noach dat het water bijna weg was. Na een week liet hij de duif nog een keer los en nu kwam zij niet meer terug. Gen. 8, 6-12

Noach stuurde eerst een raaf, maar die kun je blijkbaar niet om een boodschap sturen. De raaf koos voor zijn eigen leven en bleef rondcirkelen boven het water tot hij ergens een plek vond om te landen. De duif daarentegen kwam Noach vertellen dat de aarde bijna droog genoeg was om de ark te verlaten. Uiteindelijk koos ook de duif voor zijn eigen leven (zou hij ooit zijn partner terug hebben gevonden? Mmm, gezien de hoeveelheid duiven die iedere ochtend bij ons een bad komen nemen en ontbijt komen halen is dat wel goed gekomen.) Maar hij had genoeg trouw, eer en saamhorigheid in zich om Noach niet te vergeten. Misschien is dat wat vrede is. Dat je genoeg hebt aan wat je hebt en bereid bent dat te delen.

De duif staat natuurlijk ook symbool voor heilige Geest. Ik denk dat het verhaal dat daar achter zit beter bekend is. Op een dag kwam Jezus daar ook. Hij was uit Nazareth gekomen om Zich door Johannes in de Jordaan te laten dopen. Direct toen Hij uit het water kwam, zag Jezus dat de hemel openscheurde en de Heilige Geest als een duif op Hem neerdaalde. Een stem uit de hemel zei: ‘U bent mijn geliefde Zoon. U verheugt mijn hart.’ Marcus 1, 9-11 Misschien omdat de heilige Geest, de Helper, ons de vrede leert en de ander leert verstaan dat daarom Zijn symbool de duif het symbool van de vrede is. Er bestaat ook een uitleg dat de duif het symbool voor vrede is omdat het de enige vogel was die de Joden mochten offeren. Zelf begrijp ik nou weer niet wat het doden van één van Gods geliefde schepselen ooit te maken kan hebben met vrede….maar dat zal mijn hoogsensitiviteit wel weer zijn die spreekt.

Nu mag ik dus een overweging maken over vrede. En laat ik nou toevallig de laatste tijd veel hebben nagedacht over vrede. Vrede. Het woord doet gelijk denken aan oorlog. Zulke grote woorden. Maar begint vrede niet veel dichterbij huis? We wensen elkaar elke eucharistieviering de Vrede van Christus, maar wat bedoelen we daar eigenlijk precies mee? Jezus had misschien uiteindelijk vrede met Zijn lot, maar ook Hij had het er moeilijk mee. Ook Hij had liever die beker aan Hem voorbij laten gaan. ‘Vader,’ bad Hij, ‘neem deze beker alstublieft van Mij weg. Maar wat U wilt zal gebeuren en niet wat Ik wil.’ Op dat moment kwam een engel uit de hemel om Hem kracht te geven. En Hij begon vuriger te bidden. Hij was zo verschrikkelijk bang geworden dat het zweet Hem uitbrak en als grote druppels bloed op de grond viel. Lucas 22, 42-44 Hij was zó bang dat Zijn zweet als bloed op de grond viel. Niet dat Zijn zweet bloed was gewórden, maar hij zweette zo hard dat het leek alsof Hij bloedde. Denk ik. Zijn vrede komt na de opstanding volledig tot bloei. De mensen herkennen Hem niet, pas als Hij spreekt zien ze wie Hij is. En Zijn woorden zijn steeds dezelfde: Vrede zij met u.

Vrede zij met u. Vergeet alle nietige onenigheden, de grote en de kleine ergernissen, vergeef wie tegen de haren in streek, vraag vergiffenis aan wie je tegen de haren ingestreken hebt. Ik oefen dat elke dag. Het helpt als ik bedenk dat de vrede die ik voel in mijn eigen hart als ik in de hangmat lig en naar de vogeltjes kijk, als ik in de moestuin plantjes aan het verzorgen ben, als ik in de kapel zit te bidden voor vrede in de wereld, als ik bedenk dat ik die vrede uit wil dragen. Naar andere mensen die die vrede niet zo voelen. Mensen die wel zien maar niet herkennen. Mensen die wel horen maar niet luisteren.

Maar zoals te doen gebruikelijk laat ik het weer op het laatste moment aankomen. Wat is dat toch dat ik het beste werk onder een naderende deadline? Enfin, dat heb ik allang geaccepteerd van mezelf. Ik vind het zelf nogal ongelooflijk hoeveel meer vrede ik voel de laatste paar weken. Er is niet echt iets veranderd. Behalve dan ik…of eigenlijk mijn instelling. Hopelijk beklijft het.

Gebed voor Vrede in de Wereld

Even een klein verhaaltje tussendoor. 😉

Elke zaterdagmiddag sinds 4 december 2022 bid ik in de kapel van de Johannes de Doperkerk voor Vrede in de Wereld. In het begin bad ik gewoon elk half uur maar toen het me duidelijk werd dat mensen die in de tussenliggende tijd binnenkwamen om de kerk te bekijken of een kaarsje aan te steken niet bleven zitten tot het tijd was om te bidden, ben ik ze gewoon bij binnenkomst gaan uitnodigen mee te bidden voor Vrede in de Wereld. Een keer kwam gelijk met mij een gezinnetje binnen, vader, moeder en drie kinderen. Ze keken even rond en natuurlijk wilden de kinderen een kaarsje branden. Ik nodigde ze uit om met mij te bidden voor vrede, waarop de vader zei dat ze niet in God geloofden. De moeder haastte zich te verontschuldigen dat ze zéker wel in vrede geloofden en de vader liet de kinderen een kaarsje branden. Ik heb ze maar niet uitgelegd dat ze met het aansteken van dat kaarsje al hun stem toegevoegd hadden aan mijn gebed. Ik heb wel geprobeerd uit te leggen dat het voor God niet uitmaakt dat ze niet in Hem geloven als ze tot Hem bidden, maar ik geloof niet dat ik indruk maakte.

Johannes de Doperkerk, Den Burg

Vanmiddag kwamen er twee bejaarde dames binnenstrompelen. Eentje liep met een stok. Mogen we hier even uitrusten? Natuurlijk mag dat! Ik pakte er twee stoelen met leuningen en kussentjes bij. De dames gingen voorzichtig zitten. Ik vroeg: wilt u met mij bidden voor vrede in de wereld? De dame met de stok schudde het hoofd en haar vriendin zei, een beetje verlegen: ik kan dat niet zo goed. U hoeft alleen maar te luisteren. Dat kunt u toch wel? Dat werd volmondig beaamt en ik bad mijn gebeden. Daarop deed de vriendin een duit in het bakje voor het kaarsengeld. Steek je geen kaars op? vroeg de dame met de stok. Nee, was het antwoord, dat is voor het prachtige gebed. Ik voelde me opeens niet meer schuldig dat ik ze min of meer voor het blok had gezet. Gelukkig kwam er toen iemand binnen die daadwerkelijk kwam om te bidden voor Vrede in de Wereld.

Vlak voor het einde van de gebedsdienst kwamen er twee mannen binnen. Op uiterlijk oordelen is niet netjes, maar ze droegen een korte tuinbroek, een pet en geitenwollen sokken in sandalen. Ook hadden ze beide een grijze baard en dito lang haar en een versleten rugzak op de rug. Ik zei: wilt u met mij bidden voor vrede in de wereld? Nee, klonk het tweestemmig en hartgrondig. -Waarom niet? Bent u niet voor vrede in de wereld? -Jawel, maar ik geloof niet in God, zei de wijsneuzigste van de twee. -Wat doet u dan in de kerk? (Ook al niet zo netjes, maar ik kon het niet laten) -Ja, het blijven toch heel bijzondere plekken. -Dat komt, zei de evangelist in mij, omdat het voor een mens heel moeilijk is om níet in God te geloven. -Ach, dat is ook een kwestie van geloof. Waar gelooft u dan in? Ik bleef standvastig. Ik geloof in het goede doen! -Ach, zei ik met mijn allerliefste stemmetje en mijn bedelaarsgezicht, dan kunt u toch wel even met mij bidden? Ik heb geloof genoeg voor ons alle drie! -Dat zal wel, klonk het ietwat korzelig, maar we moeten de bus halen. We hebben geen tijd. -Wat akelig, geen tijd voor God. Ik geef het op. Maar ik kon de rest van de dag niet ophouden met glimlachen.

Zelf geloof ik heel sterk in de kracht van het gebed. Toen ik in de brugklas zat, een heel leven geleden, had een klasgenoot van een vriendin van mij een ongeluk gehad en lag al een tijd in coma. Ik wist natuurlijk van het ongeluk; het eiland is niet zo groot, maar ik kende het meisje niet persoonlijk. Het liep tegen de kerstvakantie en we hadden een groot gezamenlijk kerstontbijt. De hele school, leerlingen, onderwijzend én onderwijs ondersteunend personeel, iedereen was verzameld in de kantine aan lange tafels keurig gedekt met witte lakens, rode kerstrozen, kaarsjes en allerlei lekkernijen. Mijn vriendin had gevraagd aan de directie of er voor aanvang even een minuutje stilte kon worden gevraagd. Dit was niet ongebruikelijk; er werd meestal ruimte gegeven aan mensen die gewend waren te bidden voor het eten. (ineens vraag ik me af of dat nog zo is? Wordt er in publiek en/of groot gezelschap voor een maaltijd nog steeds ruimte gegeven aan mensen die God willen danken voor Zijn goede gaven? *zijspoor*) Dit keer echter zou iedereen gevraagd worden te denken aan het meisje in coma. Het werd een indrukwekkende stilte met zoveel mensen in een betrekkelijk kleine ruimte. Voordat het ontbijt afgerond werd, kwam de mededeling dat ze uit haar coma was ontwaakt. Je mag natuurlijk geloven dat het toeval is. Ik geloof in de kracht van gebed. En dat toeval misschien wel het pseudoniem van God is, als Hij anoniem wil blijven.

Blijf altijd bidden. Verslap daarin niet en toon de Here uw dankbaarheid. Vergeet niet daarbij ook voor ons te bidden. Vraag God of Hij het woord dat wij doorgeven, duidelijk wil maken aan de mensen, zodat zij het geheim van Christus zullen begrijpen. Colossenzen 4, 2-3

Mijn gebed op zaterdag:

Barmhartige Vader, op voorspraak van de heilige Maria, Koningin van de Vrede, komen wij tot U met ons gebed voor Vrede in de Wereld.

U, Schepper van natuur en mensheid, bid ik: hoor mijn stem
Hoor mijn stem, want het is de stem van alle slachtoffers van oorlogen en geweld onder mensen en volken.
Hoor mijn stem, want het is stem van alle kinderen die lijden en nog zullen lijden als mensen hun vertrouwen stellen in wapens en oorlog.
Hoor mijn stem, ik smeek U in de harten van alle mensen te leggen de wijsheid van vrede, de kracht van rechtvaardigheid en de vreugde van saamhorigheid.
Hoor mijn stem, want ik spreek namens de menigten in alle landen en in elke periode van de geschiedenis die geen oorlog willen en bereid zijn de weg van de vrede te bewandelen.
Hoor mijn stem, en geef inzicht en kracht, zodat wij op haat altijd met liefde antwoorden, op ongerechtigheid met een totale toewijding aan gerechtigheid, op nood met het delen van onszelf, op oorlog met vrede. O God, hoor mijn stem en geef Uw wereld Uw eeuwigdurende liefde. (Gebed van Johannes Paulus II (1920-2005))

Heer, maak mij een instrument van Uw vrede.
Laat mij liefde brengen waar haat heerst,
laat mij vergeven wie mij beledigde,
laat mij verzoenen wie in onmin leven,
laat mij geloof brengen aan wie twijfelt,
laat mij waarheid brengen aan wie dwaalt,
laat mij hoop brengen aan wie wanhoopt,
laat mij licht brengen aan wie in duisternis is,
laat mij vreugde brengen aan wie bedroefd zijn.

Laat mij niet zoeken getroost te worden, maar te troosten,
niet begrepen te worden, maar te begrijpen,
niet bemind te worden, maar te beminnen.
Want het is toch door te geven, dat men ontvangt
door te verliezen, dat men vindt
door te vergeven, dat men vergiffenis ervaart
door te sterven, dat men verrijst tot het eeuwige leven. (Gebed van Franciscus van Assisi (1181-1226))

U bent van harte welkom uw stem aan dit gebed toe te voegen. Ik ben (vrijwel) elke zaterdag in de kapel aanwezig van 14.30 tot 16.00.

Allang geen Moederdag meer!

Ik wilde dit blogje eigenlijk afgelopen Zondag schrijven. Toen was het Moederdag. Maar tegen de tijd dat ik wilde gaan zitten schrijven, wilde Henk naar de tuin. En het was heerlijk weer dus ik ging mee. En Moos ook. En we hebben wel een uur of twee in de tuin gewerkt en toen gingen we naar Moeder en had ik geen zin meer om te schrijven. Gister vond ik ook nergens tijd, maar nu gaat het dan toch lukken. Al is Moederdag alweer voorbij 😀

Wij vierden vroeger eigenlijk geen Moederdag thuis, dus behalve de obligate kettingen van macaroni, beplakte fotolijstjes en gekleide asbakken (mijn Moeder rookte gelukkig; ik had altijd ernstig medelijden met kinderen die asbakken moesten kleien voor niet-rokende ouders!) heb ik vrijwel geen herinnering aan Moederdag. Behalve dan het lied van Hans Dorrestijn dat wij graag uit volle borst meezongen (en nog!)

Hoewel het al half mei is laat de lente nogal op zich wachten. Af en toe is het wel aardig weer, maar dan giet het weer van de regen. Ach, voor de plantjes maakt het niet zoveel uit. Die groeien toch wel! Zolang er maar licht, voeding en water is. Zo hebben we al heerlijke winterbloemkool gegeten en verse lentespinazie. Een moestuin, zelf je eigen groente verbouwen is toch echt het mooiste wat er bestaat! Het is dat ik op dinsdagochtend altijd ga voorbidden, anders was ik nu ook lekker aan het schoffelen! Aan de andere kant heb ik nu wel even de tijd om een blogje te schrijven. Als God ergens een deur dicht doet, doet Hij ergens anders een raam open. (Soms moet je even zoeken…)

Moederdag dus. Ik las ergens (in de Donald Duck namelijk) dat Moederdag is uitgevonden door Anna Jarvis die haar eigen moeder dagelijks zag zwoegen voor weinig waardering en geen geld. Haar moeder had in de Amerikaanse Burgeroorlog een organisatie opgezet die hulp bood aan alleenstaande moeders. In 1908 heeft zij de eerste echte Moederdag geïntroduceerd. In 1914 heeft de vrouw van de toenmalige Amerikaanse president Wilson de feestdag als nationale feestdag afgekondigd. De rest van haar leven heeft Anna Jarvis gevochten tegen de commercialisering ervan en ze stierf alleen en verbitterd in een verzorgingshuis, zonder man en zonder kinderen. Toen ik dat las moest ik meteen denken aan de uitvinder van coca cola, die straatarm is gestorven. Het is toch best wel bedroevend hoe de wereld hun helden (niet) beloond.

Dit is toch de timmerman, de zoon van Maria en de broer van Jakobus en Jozef en van Judas en Simon? En zijn zusters wonen ook hier in Nazareth. Wat verbeeldt Hij Zich wel?’ Het was duidelijk dat zij niets van Hem moesten hebben. 4Jezus zei: ‘Een profeet wordt door iedereen geëerd, maar niet door de mensen uit zijn eigen stad en ook niet door zijn familie.’ Marcus 6, 3-4

En toen was het ineens een hele week later! Ongelooflijk hoe ik al de hele week andere dingen belangrijker vond dan het afschrijven van dit blogje 😉 Het tuinseizoen is tot nu toe zeer wisselvallig. De ene dag is het stralend weer en de volgende dag weer onbehaaglijk door een koude noorderwind. Het leuke is wel dat ik nu op de tuin goed kan zien welke plantjes wel en welke minder last hebben van kou. Het vlinders tellen komt maar langzaam op gang en ik heb sinds 1 mei nog niet één dag libellen kunnen tellen. Maar dat komt vooral omdat de regels voor de weersomstandigheden waarbij men libellen telt (mag tellen) dit jaar zijn aangescherpt.

Maar uw goedheid, o Jahweh, reikt tot de hemel, En tot aan de wolken uw trouw; Uw gerechtigheid is als de bergen Gods, Als de onmetelijke oceaan uw gericht. Mensen en dieren helpt Gij, o Jahweh; Hoe heerlijk is uw genade, o God! Daarom zoeken de kinderen der mensen Hun toevlucht in de schaduw uwer vleugelen; Zij verzadigen zich met het vet van uw woning, Gij laaft ze aan uw stroom van geneugten. Want bij U is de bron van het leven, In ùw licht aanschouwen wij licht. Blijf uw goedertierenheid tonen aan hen, die U vrezen, Uw gerechtigheid aan de oprechten van hart. Psalm 36, 5-10

Ik liep net met Moos een rondje randje en hij moest weer eens ergens langdurig snuffelen. Ik las ondertussen de naambordjes bij de voordeuren van een rijtje huizen. Eentje viel me speciaal op. Het was duidelijk dat er ooit drie namen op het leistenen bordje hadden gestaan. Waarschijnlijk een vader, een moeder en een kind. Het was in ieder geval duidelijk dat er een naam van het bordje was afgekrast. Wat bezielt iemand dat zo te doen? Ik zou altijd voor een nieuw bordje gekozen hebben. Of desnoods, als er geen geld is voor een nieuw bordje, het oude bordje gewoon helemaal verwijdert hebben… Daar sta ik dan bij stil. De beweegredenen van andere mensen. Is de weggekraste naam weggegaan, weggestuurd of overleden? Was er zo een erge ruzie dat de naam in een vlaag van woede en verstandverbijstering weggekrast is en het bordje als een soort statement is blijven hangen?

Ik ken mensen die op de verjaardagskalender overleden mensen wegwitten of uitstuffen. Alsof ze niet bestaan hebben. Het is in ieder geval niet (meer) de moeite waard je te herinneren wanneer die persoon jarig was, zijn geboortedag vierde. Misschien is dat ook wel een katholieke traditie; tenslotte vieren we van heiligen juist de sterfdag (als verjaardag) Een vriendin van mij die in 2020 weduwe werd ondertekent alle mailtjes en brieven nog steeds met haar eigen naam én de naam van haar (overleden) echtgenoot. Dat is dan weer de hele andere kant van het spectrum. Ik oordeel niet, hoor! Ik heb geen enkel idee hoe ik zelf zou reageren in zo een situatie. Het valt me gewoon op en ik denk erover na.

Beweegredenen. Mijn broer is voor de zoveelste keer naar de rechter gestapt omdat hij per se zijn gelijk wil halen. Over zijn beweegredenen heb ik een nacht wakker gelegen en nu denk ik er maar liever niet meer over na. Wat voor mij het belangrijkst is, is dat Moeder goed opgepast wordt en dat iedereen bij haar op bezoek kan. Op Moederdag hebben we Moeder meegenomen naar het bos; drie kinderen, twee schoonzoons en vier honden. Omdat het niet heel warm was, hadden we ook een dekentje meegenomen. Het was een heel leuke middag.

Elke dag is Moederdag!

Uit haar woorden spreekt wijsheid en de wil om goed te doen. Zij weet precies wat in haar huishouding gebeurt en op luiheid zul je haar niet betrappen. Haar kinderen kijken tegen haar op en haar man prijst zich gelukkig en zegt: ‘Er zijn veel goede vrouwen, maar jij overtreft ze allemaal!’ Uiterlijke schoonheid is bedrieglijk en verdwijnt, maar een vrouw die ontzag heeft voor de Here, verdient bewondering en lof. Spreuken 31, 26-30

Moos volgt Zelda het water in. In het begin van het filmpje zie je Laddie uit beeld lopen. Moederdag 2023

Vandaag en de dag

Vanochtend was ik de knoflook aan het schoffelen. Want Henk was nog niet helemaal klaar met groenbemester zaaien en ik was al wel klaar met het zaaien van koriander, kervel en anijs. Ik moest dus even een ander karweitje vinden om de tijd te vullen tot we weer naar huis zouden gaan (als Henk klaar was) en ik had al bedacht wat we gingen eten. Winterbloemkool!!! Zo leuk dat die planten de hele winter onder een stuk gaas maar een beetje stom staan te staan en dat ze zodra er een beetje meer licht komt in bloei schieten en prachtige bloemkolen voor ons maken. De witlofkuil is leeg en de vriezer bijna, dus ze zijn meer dan welkom!

Terwijl ik zo aan het schoffelen was, bedacht ik dat ik een nieuw blog was begonnen een jaar of twee geleden omdat ik geen zin meer had om over de moestuin te schrijven. En nu schrijf ik zo een beetje over het daag’lijks leven en gaat het toch wel heel vaak over de moestuin. Dat komt omdat de moestuin mijn daag’lijks leven is. Zo een beetje. Ik sta op, kleed me aan, laat de hond uit, lees het blogje van Koert, ruim de hangmat op, geef mezelf en de hond ontbijt en dan gaan we naar de tuin. Vrijwel elke dag. Er is altijd wel wat te doen. En als we een keertje thuis blijven of we na een kort bezoek direct weer terug naar huis gaan, vul ik de laatste tijd die lege tijd meestal met schrijven. Omdat mijn handen niet erg mee willen werken en ik spelen tot een minimum beperk. Eigenlijk moet ik twee lezingen schrijven voor de orgelworkshop die ik 13 mei ga geven (D.v.) maar ik wil nu eens iets anders schrijven dan over de moestuin.

Koert heb ik een jaar ofzo geleden gevonden, volgens mij hier op WordPress. Later hebben we elkaar bevriend op Vriendenplek (een alternatief voor Facebook) Koert noemt zichzelf een nar. En dan in de meest positieve zin van het woord: hij wil de mensen de waarheid brengen op een vermakelijke manier. Eerst woonde hij in een caravan en toen in een huifkar en nu zeilt hij op een boot door Friesland. Hij schrijft elke dag een stukje en ik lees dat dan. Ik (be)leef zijn leven een beetje by proxy. Ik wil ook door het land reizen op een zeilboot met een hond en een paar ezels. Maar blijkbaar wil ik dat niet genoeg om het ook daadwerkelijk te doen. … Moos kan natuurlijk gewoon mee; die gaat overal met me mee naar toe! Maar ik voel me verantwoordelijk voor andere mensen en zaken die ik niet zomaar in de steek wil laten. Daarom (en om nog een paar redenen) lees ik het blog van Koert en geniet ik daar extra van.

Moos ligt graag in de hangmat ❤

Zaterdagochtend ga ik meestal naar mijn zus en dan doen we Bible Journaling. Volgens mij heb ik al eens uitgelegd wat dat is. Ik vind het ontzettend leuk om te doen. Het bijzondere vind ik dan weer dat zij heel andere dingen maakt bij dezelfde tekst als ik. Afgelopen zaterdag hadden we Markus 5, 1-20 behandeld.

Zij kwamen aan de overkant van het meer in het gebied van de Gerasenen. Jezus was nog maar net aan land gestapt of er rende een man op Hem toe die een boze geest in zich had. Hij woonde tussen de rotsgraven en was zo sterk dat niemand hem in bedwang kon houden. Men had hem vaak aan handen en voeten gebonden, maar hij rukte de kettingen en boeien dan gewoon stuk. Niemand kon iets met hem beginnen. Dag en nacht zwierf hij rond tussen de graven en ging ook vaak de bergen in. Hij liep altijd te schreeuwen en sloeg zichzelf met scherpe stenen. Toen hij Jezus zag aankomen, rende hij op Hem toe, knielde voor Hem neer en schreeuwde: ‘Waarom bemoeit U Zich met mij, Jezus, Zoon van de Allerhoogste God? In Gods naam, doe mij geen pijn!’ Want Jezus had tegen de boze geest gezegd: ‘Duivelse geest! Ga uit die man weg!’ En Hij vroeg de geest ook naar zijn naam en die antwoordde: ‘Legioen heet ik, want wij zijn hier met velen.’ En hij smeekte: ‘Jaag ons niet ver weg! Wij willen in deze buurt blijven!’ Nu liep er op de helling een grote kudde van zoʼn tweeduizend varkens eten te zoeken. De boze geesten smeekten: ‘Laat ons alstublieft in die varkens gaan! Stuur ons daar maar in!’ Jezus vond dat goed. De geesten kwamen uit de man en gingen in de varkens. Op hetzelfde moment stormde de hele kudde de helling af, het meer in. Ze verdronken allemaal. De varkenshoeders sloegen op de vlucht en vertelden overal wat zij hadden meegemaakt. Van alle kanten kwamen mensen naar Jezus toe om te zien wat er gebeurd was. Zij zagen de man die een boze geest had gehad. Hij had nu kleren aan en was volledig bij zijn verstand. Zij werden bang. De mensen die het hadden gezien, vertelden hoe de boze geesten uit de man in de varkens waren gegaan. Nu ze allemaal wisten wat Jezus had gedaan, vroegen zij Hem dringend weg te gaan. Hij ging weer in de boot. De man die bezeten was geweest, zei dat hij graag met Hem meewilde, maar Jezus vond dat niet goed. ‘Ga naar huis,’ zei Hij, ‘naar uw familie en vrienden en vertel hun wat God voor u heeft gedaan, hoe goed Hij voor u is geweest.’ De man ging weg en vertelde overal in de provincie Dekapolis wat Jezus voor hem had gedaan. Iedereen luisterde met verbazing naar hem. Markus 5, 1-20

Ik zie dan (in afschuw, mag ik er aan toevoegen) de bezeten varkens zich van de rotsen storten:

Dit is mijn Bible journaling bij Markus 5; de bergen en de wolkjes kon ik stansen, maar de varkentjes heb ik echt helemaal zelf uitgeknipt!

Terwijl mijn zus het verschil ziet tussen licht en duisternis, tussen Jezus en de demonen:

Bible Journaling bij Markus 5 door mijn oudste zus

Waarbij ik dan denk ik wel, zonder geheimen te verklappen, mag toevoegen dat ze geen stempel had voor een zeilbootje. Tenminste niet in de juiste maat. Oh, dat moet ik er misschien even bij zeggen: deze afbeelding heeft ze gemaakt in een zakbijbel!!! Ik vind het al moeilijk om in een Bijbel die speciaal voor Journaling is gemaakt een beetje fatsoenlijke afbeelding te maken. Enfin, het zeilbootje is dus eigenlijk de kuip van een kruiwagen. Ik vond het een tamelijk geniale oplossing!

Zondag mocht ik orgel spelen in de kerk van Petrus en Paulus in Den Helder. Er was mij gezegd dat het orgel gerepareerd was, maar ik vond toch nog een boel dingen die het niet deden. Of in ieder geval niet deden wat ik wilde. Toch lekker gespeeld en de psalm (23) a capella gezongen. Zondag mag ik wéér naar Den Helder, waar heb ik het aan verdiend?! Dan is er weer geen koor noch een cantor, dus mag ik lekker weer een groot stuk spelen tijdens de communie. Ik weet nog niet wat maar ik heb er nu al zin in. Zondagmiddag gaan we altijd naar Moeder. Het was gister zulk mooi weer dat we haar mee hebben genomen naar het bos. En ook uit de auto zijn gestapt bij haar lievelingsplekje. Daar hebben we een tijdje op een bankje gezeten. Tot ze op een gegeven moment zei dat ze nu wel weer naar huis wilde. Ze was nog op tijd voor het avondeten, tomatensoep en spinazietaart.

Moeder en ik op haar lievelingsbankje in het bos. We hebben het over de fietsers die we voorbij zien rijden en de schaapjes in het weiland.

Mijn verlangen om grootse dingen te doen is misschien wel vooral verwarrend. Misschien zijn de dingen die ik doe, wel groots van zichzelf. Misschien is mijn verlangen een zwervende kluizenaar te zijn wel gewoon een verkeerde afslag. Misschien is mijn zijn en zorg voor anderen, mijn bijna-verslaving anderen dingen te leren en/of opvoedkundig bezig te zijn, misschien zijn dat wel mijn grootse dingen. Misschien is het tijd dat ik mijn gesloten bestaan opnieuw open ga breken. Misschien…. misschien … Moeder zei vroeger altijd dat het leven een kruidkoek was. Het maakt niet uit of je dikke plakken snijdt of dunne, een keer is ie op! Waarbij dikke plakken dan staan voor een groots en meeslepend leven en dunne plakken voor een bescheiden leven in de zijlijn. Denk ik, je kunt het ook anders interpreteren. De keuze om dikke plakken te snijden of juist heel dunne….tsja, dat is een heel persoonlijke!

Vragen

Als iemand mij vraagt of hij me iets mag vragen, zeg ik altijd ja. Dat is misschien de juf in mij, maar ik geef altijd antwoord. Ook als ik het antwoord niet weet. Dan zeg ik gewoon dat ik het niet weet. Niet echt een antwoord waar iemand iets aan heeft, maar een antwoord desalniettemin. Maar gelukkig komt dat niet vaak voor. Mijn hoofd zit boordevol nutteloze kennis en ik word nooit moe die met anderen te delen.

Het valt me weleens op dat mensen vaak de vraag “mag ik je iets vragen?” gebruiken om een rotopmerking aan te kondigen. “Mag ik je iets vragen? Heb je geen last van die grote neus?” En dat is dan nog echt een vraag! Hoewel, het is meer een rotopmerking vermomd als vraag. Soms volgt er iets van: ik vind die eerste maten zo lelijk gespeeld. Dat is niet echt een vraag en zeker niet eentje waar ik antwoord op kan geven!

Voor iemand als ik zijn dat soort opmerkingen (om het woord ‘vragen’ niet te misbruiken) heel erg moeilijk. Het is geen vraag. Mijn hoofd stond naar antwoord geven op een vraag en nu moet ik opeens reageren op een opmerking. Het is voor mij heel vreemd dat mensen niet begrijpen dat het zo niet werkt. Maar ja, dat zijn dezelfde mensen die denken dat ze een rotopmerking kunnen vermommen als vraag en er op die manier mee weg kunnen komen.

Zelf heb ik ook een vraag. Maar ik kan die vraag niet stellen. Niet alleen omdat ik geen idee heb wat ik graag als antwoord zou willen krijgen, maar vooral ook omdat ik geen idee heb aan wie ik die vraag zou moeten stellen. Of welke vraag ik eigenlijk heb. Ik worstel met dingen die onveranderbaar zijn. Wat is de juiste vraag om te stellen als je in de knoop zit met het leven zoals het er voor staat en er weinig zicht is op verandering? Dat is wel een vraag, maar voor mij is het een rotopmerking. Want dat is mijn zorg, mijn vraag, mijn leven.

Als ik dit lijstje zo eens bekijk, ben ik heel goed in open en gesloten vragen. Ook tegenvragen heb ik in mijn repertoire zitten, té over zelfs! Ik ben een meester in tijdrekken. Controlevragen, keuzevragen en suggestieve vragen moet ik maar eens gaan oefenen. In dit rijtje komt overigens de als vraag vermomde rotopmerking niet voor. Ik wist wel dat het geen echte vraag was!

Gister heb ik zestien saffloerplantjes, zestien ganzebloemplantjes, zestien zinnia’s en acht slaplantjes geplant. Ook heb ik siermaïs gezaaid en ruimte gemaakt voor de Oost-Indische kers. Henk heeft ondertussen bloemkool geplant en winterprei gezaaid. Er was een buurman op de tuin die het nodig vond een zestal kauwen te vermoorden en aan een draadje op te hangen om andere vogels te verjagen. Ten eerste zijn kauwen geen vijanden van tuinders, want ze eten (schadelijke) insecten, geen zaadjes! Ten tweede heeft het totaal geen zin want er is geen vogel die zich af laat schrikken door een lijk aan een touwtje. Eerder het tegenovergestelde: ze vragen zich af hee, wat is daar te doen? en komen dan júist op de tuin af. Afgezien nog van het feit dat het ontzettend wreed is, zeker in deze tijd waarin vogels een partner zoeken en een nestje gaan bouwen, vind ik het ook bijzonder aanstootgevend. Ik had daarom de voorzitter van de tuindervereniging gebeld en een klacht ingediend. De tuinbuurman was daar niet over te spreken. Hij vond dat hij het recht had dat te doen omdat hij huur betaald voor de grond. Kweenie hoor, maar er bestaat ook nog zoiets als een beetje rekening houden met een ander. En dan heb ik het nog niet eens over de nutteloosheid van de actie!

Mijn Moeder zei vroeger altijd je hebt mensen met wie je gezellig een kopje koffie gaat drinken en er zijn ook mensen met wie je een glas wijn drinkt. Maar er zijn ook mensen -stilte voor effect- daar drink je nog geen glaasje water mee! Ik heb deze raad altijd zeer serieus genomen. En deze tuinbuurman is iemand met wie ik nog geen glaasje water drinken zou. Dat Henk een half uur gezellig met hem gaat staan te kletsen over ik-weet-niet-wat, ik bedoel hij moet het zelf weten, hoor, maar begrijpen doe ik het niet. Als ik hem er naar vraag, wil hij geen antwoord geven. Hij is niet zo van de antwoorden en de vragen als ik … Hij ziet geen slechte man, alleen een slechte daad en kan daar heel makkelijk overheen stappen. Ach, zegt hij dan, hij weet niet beter.

Wie antwoord geeft voordat de vraag is uitgesproken, wordt als een dwaas beschouwd. Spreuken 18, 13

Enfin, gezaaid, geplant en geoogst en vervolgens ging het regenen. Beter kan niet! Nu ga ik tussen de buitjes door maar even met Moos een rondje want vanmiddag krijg ik een leerling en daarna bezoek. En ik moet ook nog orgel studeren, want ik speel Zondag weer eens in Den Helder en het orgel is eindelijk gerepareerd en ik heb heel veel zin om Trio BWV 585 van J. S. Bach te gaan spelen.

KUNST IS HET ANTWOORD

(Niet) alles nieuw…

…wat er blinkt!

Ik heb een nieuwe wasmachine. De oude wasmachine was pas 15 jaar oud! :O Op onze oude wasmachine hadden we 5 jaar garantie en op een dag was ie stuk. Er moest een nieuwe as en een nieuwe trommel in. Omdat het nog nét binnen de garantie viel, hoefde we niks te betalen. Echt vijf dagen later verliep de garantie! Inmiddels is dat ook alweer 10 jaar geleden. Hora ruit, tempus fluit (Het uur vergaat, de tijd vliegt) Enfin, wij een nieuwe wasmachine halen. De afgelopen week heb ik alle programma’s uitgeprobeerd. Tenminste alle programma’s die ik denk te gaan gebruiken, want er staan er een heleboel op die ik niet nodig denk te hebben. Onze vorige machine had een kort programma dat met een half uurtje klaar was en een ecoprogramma dat op 40 of 60 graden kon, dat waren de programma’s die ik gebruikte. En ik wilde met deze nieuwe machine een soortgelijke relatie opbouwen. Om een goede keuze te kunnen maken, moest ik alle programma’s uitproberen. Vond ik.

De nieuwe machine is erg nieuwerwets en heeft behalve een ecoprogramma (dat alleen op 40 graden wast) ook een hygiëneprogramma. Dit programma kan wel op 60 graden en die ik ook extra kan laten spoelen. Dat vind ik fijn want we kunnen geen van beide erg goed tegen waspoeder. Wat ik alleen gebruik voor handdoeken, onder-, en linnengoed, die ik graag op 60 graden was en extra spoel. Voor alle andere was gebruik ik wasnootjes. Die ruiken heerlijk, de machine blijft schoon en alles ruikt heerlijk! Mijn eerste twee programma’s had ik gevonden. Nu nog een snelle. Een programma van een half uur zit er niet op, wel een gemengd, kort programma dat 69 minuten duurt. Wat een raar getal weer. De jongeman die de machine heeft aangesloten, had me het stoomprogramma aangeraden voor korte wasjes. Dus ik de stoute schoenen aangetrokken en vanochtend mijn fleecedekentje op het stoomprogramma gedaan. Nou, ik ben echt supertevreden. Mijn dekentje is weer helemaal als nieuw, zo lekker zacht en schoon! Ik denk dat ik mijn nieuwe wasprogramma’s heb gevonden.

Moos slaapt tegenwoordig bij mij in de hangmat. Hij had een nacht bij me mogen slapen omdat hij de dag ervoor lang alleen had moeten zijn (en zich, voor de verandering, keurig had gedragen) De nacht erna liet ik hem lekker in zijn bench liggen toen ik naar buiten ging, maar ik lag er nog geen half uurtje of Henk kwam Moos brengen. Hij was blijkbaar wakker geworden, had zich gerealiseerd dat ik zonder hem naar buiten was gegaan en had het op een janken gezet. Op zulke momenten hoeft niemand eraan te twijfelen dat hij een beagle als vader heeft. Hij zucht, hij kreunt, hij moppert. Hij is de meest vocale hond die ik ooit heb ontmoet!

Vannacht was hij zo aan het draaien dat hij uit de hangmat is gevallen. Hij kwam wel meteen weer bij me liggen, maar wilde per se aan de niet-ritssluitingkant van de slaapzak liggen. Dat is niet handig en daar kwam hijzelf ook vrij snel achter. Vlak voor we wakker werden door de val, droomde ik over hem. Moos had in mijn droom een blauw oog en een groen oog. Dat is opmerkelijk omdat ik meestal in zwart wit droom. Een huisdier staat in de droom voor een gebrek aan tederheid. Het kan ook symbool staan voor een verwijdering met de partner. Nou, dat kan wel kloppen.

Groen is de kleur van de hoop. De dromer (ik dus) zou meer waarde moeten hechten aan de werkelijkheid en het eenvoudig leven. Het eerste probeer ik zorgvuldig te vermijden, het tweede probeer ik standvastig maar vind ik heel moeilijk. Groen in de droom voorspelt geluk, welstand, vreugde, liefde. Allemaal dingen die ik hard nodig heb!

Blauw is de kleur van de waarheid, van ontspannenheid en geestelijke superioriteit. Ook blauwe dromen zijn positief uit te leggen dus! Ik wist het wel. De weg die ik al maanden probeer te lopen is de weg voor mij. Als mijn hart nu maar eens naar mijn hoofd zou willen luisteren. Het zit er hoogstwaarschijnlijk niet in. Mijn hele leven heb ik het motto Eerst doen en dan denken aangehangen. Maar misschien is het tijd dit eens om te draaien.

We hadden een mooie stam op de composthoop gevonden. Die we met veel moeite in de auto hadden geladen en thuis er weer uit. Ik had de stam vast en Henk de wortels. Ik liep achteruit en struikelde over de lijn van mijn eigen tarp! Ik viel achterover tegen de regenton aan. Het kraantje sprong eraf en het regenwater van de afgelopen weken stroomde eruit. Ik was in mum van tijd kletsnat! Mijn voet zat klem onder de loodzware stam, dus ik kon ook niet opspringen of wegrennen. Henk vroeg doodleuk: blijf je daar zitten? Gelukkig mankeerde mijn voet niks, bleek toen we eindelijk de stam eraf hadden kunnen tillen. Ik was alleen maar kletsnat. Was ik even blij dat ik die ochtend geen schone kleren aan had getrokken! 😛

Ik had alweer veel te lang niet in mijn blog geschreven. Ik heb me daarom voorgenomen minstens elke week iets te schrijven. Ik hoop dat het gaat lukken. En dat jullie het leuk vinden om te lezen. *zwaait*

Nostalgie

Gister toen ik met de hond een laatste rondje deed, bedacht ik een leuk blogje, maar toen ik vanochtend wakker werd was ik het vergeten. Onder de douche dacht ik terug aan wanneer en waar ik het bedacht had en gelukkig kwam het verhaal toen weer bovendrijven. Helaas werd ik de hele dag afgeleid door andere zaken en kom ik er nu pas aan toe het te schrijven. Toen ik vanochtend 29 slaplantjes plantte ( twee rijtjes van tien en één van negen. Ik had 32 plantjes mee van huis genomen, maar ik heb er drie aan de tuinbuurman gegeven. Hij was er erg blij mee.), dacht ik aan wat ik wilde gaan schrijven. Daarna heb ik pompoensoep van gister opgewarmd en een eiloze omelet gebakken en ondertussen gedacht aan wat ik wilde schrijven. Daarna moest ik pianoles geven en had ik niet veel ruimte in mijn hersens over om te denken aan wat ik wilde schrijven. Deze leerling heeft problemen met motoriek en mijn arsenaal oplossingen was wel een beetje uitgeput. Maar samen bezig zijn en samen oefenen heeft toch weer voor een oplossing gezorgd. De leerling ging blij naar huis met nieuw huiswerk en ik kon weer aan dit blogje denken. Maar eerst een rondje met de hond. Onderweg kwam ik mijn Moeder tegen, die vrolijk op pad was naar Verweggistan dus die heb ik maar eerst even terug naar het rusthuis gebracht. Natuurlijk kan ik daar ook niet meteen weglopen, dus thee gezet, de plantjes water gegeven, de bloemen verzorgd en Moeder rond etenstijd naar de kantine gebracht. En nu dan eindelijk kan ik mijn verhaal opschrijven. Opmerkelijk genoeg heeft Moeder ook daarin een rol.

Moeder en ik

Ik ging gisteravond met Moor een laatste rondje en onderweg gooide ik even een kaart in de bus voor een jarige vriend. Terwijl ik dit deed, dacht ik aan die keer dat ik voor mijn Moeder een brief moest posten. Ik was echt nog heel jong, vier of vijf. Dat weet ik zeker want ik kon nog niet lezen. En ik wist ook het verschil nog niet tussen links en rechts. Er is maar een zeer korte periode in mijn leven geweest dat ik het verschil wist tussen links en rechts; dat komt door het piano spelen. Tenminste….dat heeft een neuroloog mij ooit verteld. Omdat ik door het piano spelen heel veel (extra) verbindingen heb gemaakt tussen mijn linker-, en rechterhersenhelft is het vermogen om links en rechts te onderscheiden een beetje ondergesneeuwd. Hetzelfde probleem heb ik met een (analoge) klok: ik zie de drie op de plaats van de negen bijvoorbeeld. Anyways, dat doet nu allemaal niet terzake.

Ik was dus een jaar of vijf, kon waarschijnlijk nét bij de opening van een brievenbus, ik herinner me dat ik op mijn tenen moest gaan staan. De brievenbus had twee openingen; één voor streekpost en één voor overige bestemmingen. Maar ja ik kon dus nog niet lezen en ik wist ook het verschil niet tussen links en rechts. Mijn Moeder deed toen haar trouwring af en om mijn linkerduim en zei: je moet de brief in de sleuf gooien aan de kant waar mijn ring zit. En direct naar huis komen en mij mijn ring teruggeven! Wat grappig dat ik daar ineens aan moest denken.

oude PTT brievenbus

Ik heb nog een bijzondere herinnering aan Moeders trouwring. Dit is iets later, ik denk dat ik in de derde klas van de lagere school zit. We hebben een speurtocht door het dorp. We lopen langs het winkeltje van meneer en mevrouw B. Ze verkopen daar stoffen en garen en alles om die stoffen en garen te verwerken, naalden, ritsen, knopen, breinaalden, haaknaalden, patronen enzovoort. Zo een winkel bestaat denk ik niet meer. In ieder geval moet je ze met een lantaarntje zoeken. We liepen dus met een groepje langs dit winkeltje en ineens hoor ik getik. Achter het raam zie ik mijn Moeder die met haar trouwring op de ruit tikt. Ze had me langs zien komen en wilde mijn aandacht trekken, wat dus gelukt is. Ruim 45 jaar later weet ik het nog steeds.

Mijn Moeder woont nu in een rusthuis, vlakbij mij. Het is echt maar vijf minuutjes lopen. Ik ga elke dag even langs en als ze op haar kamer zit, loop ik even naar binnen. Ze is dol op Moos en vindt het ook best leuk als ik langskom. Vandaag heb ik heur haar gekamd nadat ik er een beetje haarolie ingesmeerd had. Dat doe ik weleens vaker en dan is ze altijd zo dankbaar. Heur haar ruikt weer lekker naar lavendel en is niet meer zo verschrikkelijk statisch. Daarna hebben we samen twee kaartjes geschreven aan haar zussen. Ik heb geschreven en zij heeft gezegd wat ik schrijven moest. Toen ik haar zelf haar naam liet schrijven, begon ze fanatiek zinnen te schrijven maar halverwege was het haar toch te veel en wist ze het niet meer. Ik zei: schrijf maar je naam en na enig twijfelen lukte dat haar nog. Ik bracht haar naar de kantine. Ze gingen pasta eten. Niet haar lievelingseten, maar dat heb ik maar niet gezegd. Ik betwijfel of ze het zelf nog weet. Ze eet gewoon wat haar wordt voorgezet en als ze het niet lust, eet ze het niet op. Makkelijk zat. Een wensdieet, noemt haar lijfarts dat. Sommige dingen worden echt minder ingewikkeld als je ouder wordt!

Moeder eet een bakje fruit

Psalm 102

Deze psalm is het gebed van iemand die in diepe ellende zit, geen raad meer weet en zijn hart uitstort bij de Here.

Here, luister toch naar mijn gebed, ik bid dat mijn hulpgeroep U bereikt. Verberg U niet voor mij, nu het mij allemaal te veel wordt, luister toch naar mij. Antwoord mij toch snel, nu ik U roep. Want ik word zo snel oud en mijn botten doen zeer, zij gloeien. Mijn hart is dor als dood gras en alle eetlust is verdwenen. Door al mijn verdriet voel ik mij lichamelijk een wrak. Ik voel mij als een pelikaan in de woestijn, hulpeloos. Alsof ik een steenuil ben die in de ruïnes zit. Ik kan niet slapen en lijk op een vogel, alleen op een dak. Mijn tegenstanders bespotten mij voortdurend. Mijn naam geldt als een vloek voor wie mijn bloed wel kunnen drinken. Ik eet as in plaats van brood en mijn tranen mengen zich met het water dat ik drink. Dat komt allemaal doordat U uw toorn en ergernis over mij hebt uitgegoten, eerst nam U mij op en toen gooide U mij weer neer. Mijn dagen zijn stil en duister en ik verga. Here, U heerst echter tot in eeuwigheid. Uw naam zal nooit worden uitgewist en blijft altijd bestaan. Eens zult U Zich over Jeruzalem komen ontfermen. De tijd is aangebroken om uw stad genade te geven. Uw dienaren houden van deze stad en hebben medelijden met de puinhopen die er liggen. Dan zullen alle volken ter wereld eerbied en ontzag hebben voor de naam van de Here. Alle heersers zullen uw grootheid erkennen. Dan zal de Here Jeruzalem herbouwen en er met zijn grootheid en macht gaan wonen. Dan zal Hij de gebeden van de armen aanhoren en Zich tot hen overbuigen. Laten we dit opschrijven voor de komende generaties. Het volk dat dan leeft, zal de Here prijzen. Want de Here heeft hoog vanuit zijn heilige hemel neergezien op de aarde. Hij hoorde het klagen en huilen van de gevangenen en bevrijdde hen die ten dode waren opgeschreven. Daarom zal men in Jeruzalem over de Here vertellen en zijn naam groot maken. Dan zullen alle volken en koninkrijken bij elkaar komen en de Here dienen. Halverwege mijn leven heeft Hij mijn kracht afgenomen. Ik leef nog maar kort. Ik zeg tegen Hem: mijn God, laat mij nog niet sterven, ik ben nog veel te jong. Maar U bestaat al eeuwen. In het begin hebt U de aarde gemaakt en ook de hemel was uw werk. Dit alles zal eenmaal verdwijnen, maar U blijft altijd aanwezig. Alles slijt weg als oude kleren, maar U blijft dezelfde. Aan uw bestaan komt geen einde. De nakomelingen van uw dienaren kunnen veilig leven. Het volk dat uit hen voortkomt, zal altijd veilig onder uw hoede blijven.